AOW en belangrijke (fiscale) wijzigingen in 2026 die uw portemonnee raken!

Het jaar 2025 is nagenoeg voorbij! We hopen dat het voor u een goed jaar was. Nu wacht ons een nieuw jaar. Een nieuw jaar met nieuwe (belasting)veranderingen, regels, toeslagen enz.

We hebben daartoe een aantal veranderingen geïnventariseerd. Hieronder treft u ze aan.

Klik snel door naar:





N.B.

Zorgtoeslag, huurtoeslag en kindgebonden budget over 2025 kunt u nog aanvragen tot 1 september 2026!

Belastingveranderingen 2026 (bron: geldzaken.nl)

Ook in 2026 zien we weer een aantal belangrijke belastingveranderingen. Enerzijds wil de overheid de koopkracht ondersteunen, anderzijds moet ze ook de inkomsten uit belasting op peil houden. Vrijwel iedereen gaat de effecten merken in de portemonnee. Hieronder een aantal van de belangrijkste wijzigingen vanaf 1 januari 2026.

Inkomstenbelasting 2026

In principe betaalt iedereen die in een jaar inkomen uit werk, pensioen of een eigen onderneming heeft gehad, inkomstenbelasting over dat inkomen. Dat heet officieel ‘inkomen uit werk en en woning’ en valt onder box 1.

In 2026 blijft de AOW gekoppeld aan het minimumloon. De belastingschijven ondergaan een kleine wijziging. Zie hieronder de belastingtarieven over het belastbare inkomen:

AOW-leeftijd, geboren vóór 1946 (voor deze doelgroep wordt de houdbaarheidsbijdrage niet toegepast. Daardoor is de tweede schijf lager)

(bron: berekenhet.nl)

  • schijf 1: vanaf € 0,00 tot en met € 41.123,00, tarief 17,80%, heffing over totaal schijven € 7.320,00;
  • schijf 2: vanaf € 41.124,00 tot en met € 79.137,00, tarief 37,56%, heffing over totaal schijven € 21.598,00;
  • schijf 3: vanaf € 79.138,00 en hoger, tarief 49,50%.

AOW-leeftijd, geboren in 1946 of later:

  • schijf 1: vanaf € 0,00 tot en met € 38.883,00, tarief 17,80%, heffing over totaal schijven € 6.921,00;
  • schijf 2: vanaf € 38.884,00 tot en met € 79.137,00, tarief 37,56%, heffing over totaal schijven € 22.040,00;
  • schijf 3: vanaf € 79.138,00 en hoger, tarief 49,50%.

Beleggen in box 3 wordt zwaarder belast

Beleggers zullen met een hogere heffing worden geconfronteerd. Het fictieve rendement stijgt van 5,88% naar 7,78%.

Het heffingsvermogen daalt stevig van € 57.684,00 naar € 51.396,00 per persoon. Voor fiscale partners daalt dat van € 115.368,00 naar € 102.792,00. Indien het werkelijke rendement lager was dan het vastgestelde percentage, kunt u een opgave werkelijk rendement (OWR) indienen.

Regels en vrijstellingen voor wat betreft erf- en schenkbelasting

Weliswaar veranderen de tarieven niet, de grenzen doen dat daarentegen wel. Partners en kinderen betalen 10% over een bedrag tot € 158.669,00 en 20% over het meerdere. Voor kleinkinderen gelden percentages van 18 en 36%.

Nog enkele aandachtspunten:

  • schenkingen die binnen 180 dagen voor overlijden worden gedaan, tellen in 2025 nog mee als erfenis. Met ingang van 2026 is dat niet meer het geval;
  • de aangiftetermijn voor erfbelasting wordt verlengd naar 20 maanden (was 8 maanden);
  • het onderscheid tussen erkende en niet-erkende kinderen vervalt voor de erfbelasting. Vanaf januari 2026: als biologisch ouderschap met een test wordt bewezen, gelden dezelfde tarieven en vrijstellingen als voor erkende kinderen.

Meer over erf- en schenkbelasting vindt u hier




Zelfstandigenaftrek wordt afgebouwd

Deze wordt met ingang van 2026 afgebouwd naar € 1.200,00 (was € 2.470,00). Voor starters blijft de extra zelfstandigenaftrek gelijk, namelijk € 2.123,00.

Auto van de zaak en brandstofkorting

Vanaf 2026 geldt voor zowel electrische auto’s als benzineauto’s een bijtellingspercentage van 22 procent.

De motorrijtuigenbelasting voor electrische en hybride auto’s verandert de komende jaren. Daar waar in 2025 nog voor volledig electrische auto’s 25 procent van de normale wegenbelasting gold, stijgt dit in 2026 naar maximaal 75 procent. Voor hybride auto’s zijn vanaf 2026 dezelfde tarieven van kracht als voor benzineauto’s, ongeacht de uitstoot. Daarmee neemt het financiële voordeel van rijden met een hybride of een electrische auto deels af.

De accijnskorting op benzine, diesel en LPG blijft een jaar langer bestaan.

Verdere veranderingen

  • De vrijstelling voor groene beleggingen blijft tot 1 januari 2028 gehandhaafd. Voor 2026 is het belastingvrije bedrag voor groene beleggingen en sparen € 26.715,00 per persoon en € 53.430,00 voor fiscaal partners.
  • De geplande accijnsverhoging (2,6 procent) op alcohol gaat niet door in 2026.
  • De btw op logies wordt verhoogd naar 21 procent. Dat geldt ook voor vakantieverhuur van tweede woningen.
  • De lagere btw op cultuur, media en sport blijft bestaan.
  • De kansspelbelasting stijgt van 34,2 naar 37,8 procent.

Gemeentelijke belastingen

Naar verwachting zullen de gemeentelijke belastingen in 2026 weer stijgen. Te denken valt daarbij aan een hogere OZB (onroerendezaakbelasting), de afvalstoffenheffing, parkeerbelasting en mogelijk de rioolheffing. De hoogte is o.a. afhankelijk van de gemeente, de WOZ-waarde en of u huurder of eigenaar bent van een woning. Het is nog afwachten tot de aanslag van de WOZ-waarde op de mat ligt.

Heffingskortingen

Heffingskortingen bewerkstelligen dat er minder belasting hoeft te worden betaald. Het type korting is afhankelijk van leeftijd, inkomen, werkstatus en gezinssituatie.

Hieronder een overzicht van de meest voor komende heffingskortingen:

  • Algemene heffingskorting: deze geldt voor vrijwel iedereen die belasting betaalt.

De algemene heffingskorting (onder AOW-leeftijd) bedroeg in 2025 maximaal € 3.068,00. In 2026 wordt dit maximaal € 3.115,00.

De algemene heffingskorting (boven AOW-leeftijd) bedroeg in 2025 maximaal € 1.536,00. In 2026 wordt dit € 1.554,00.

  • Arbeidskorting: deze geldt voor mensen die werken en dat kan zowel loon, winst uit onderneming, of resultaat uit overige inkomstenbronnen zijn.

De arbeidskorting bedroeg in 2025 maximaal € 5.599,00. In 2026 wordt dit maximaal € 5.712,00.

  • Inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK): deze geldt voor ouders met jonge kinderen of in bepaalde gezins-/zorgsituaties.

De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) bedroeg in 2025 maximaal € 2.986,00. In 2026 wordt dit maximaal € 3.032,00.

  • Ouderenkorting: deze geldt voor wie de AOW-leeftijd heeft bereikt.

De ouderenkorting bedroeg in 2025 maximaal € 2.035,00. In 2026 wordt dit maximaal € 2.067,00.

  • Alleenstaandeouderenkorting: deze geldt voor alleenstaande ouderen.

De alleenstaandeouderenkorting bedroeg in 2025 maximaal € 531,00. In 2026 wordt dit maximaal € 540.00. Er zijn uitzonderingen waarin u voor een alleenstaandeouderenkorting in aanmerking komt, ook wanneer u niet alleenstaand bent.




In 2026 verandert de huurtoeslag: wat betekent dat voor u?(bron: bnnvara.nl)

“Op 1 januari 2026 veranderen de voorwaarden voor het krijgen van huurtoeslag. Voor veel huurders met een lager inkomen is dat goed nieuws, want door de wijziging komen volgend jaar meer mensen in aanmerking voor huurtoeslag. De maximale huurgrens komt te vervallen en servicekosten tellen niet langer mee.” Dit is de lead van het artikel van bnnvara.nl.

Een maandelijkse huurprijs tot maximaal € 900,07 was de grens in 2025 om in aanmerking te komen voor huurtoeslag. De prijs is samengesteld uit de kale huur, plus een aantal servicekosten. Kosten voor gas, water, licht en internet vallen hier niet onder. Is uw huur hoger? Dan ontvangt u géén huurtoeslag, zelfs al zou u daar op basis van uw inkomen wél recht op hebben.

Per 2026 vervalt deze bovengrens en is er, om het recht op huurtoeslag te bepalen, geen sprake meer van een maximale huurprijs. Daardoor komen meer mensen in aanmerking voor huurtoeslag. Immers, zoals in de vorige alinea gemeld, zijn er mensen die op basis van hun inkomen recht zouden hebben op huurtoeslag, maar die op dit moment toch niet ontvangen, omdat ze (ongewenst) in een te dure huurwoning wonen bij gebrek aan alternatieven.

Per 2026 is het dus voornamelijk afhankelijk van uw inkomen of u wel of niet in aanmerking komt voor huurtoeslag en de eventuele hoogte daarvan. De combinatie ‘inkomen’ plus ‘huurprijs’ is hiermee vervallen.

Dat is echter niet het enige dat verandert. Vanaf 2026 tellen servicekosten niet meer mee. Per 2026 worden de voorwaarden versimpeld, omdat met ingang van 2026 eigenlijk uitsluitend het inkomen telt.

Tot 2026 zijn er vier soorten servicekosten die mee kunnen tellen in het berekenen van de maandhuur op basis waarvan het recht op huurtoeslag al dan niet wordt toegekend. Hieronder ziet u om welke vier soorten servicekosten het gaat:

  • kosten voor het schoonmaken van de gemeenschappelijke ruimten (galerij, trappenhuis, recreatieruimte);
  • energiekosten voor de gemeenschappelijke ruimten (alarminstallatie, lift, verlichting, ventilatie);
  • kosten voor de huismeester (of conciërge, wijkbeheerder of flatwacht);
  • kosten voor dienst- en recreatieruimten (voornamelijk van toepassing op seniorenwoningen).

Per elk van dit type servicekosten wordt maximaal 12 euro bij de huurprijs opgeteld. Dat is een standaard bedrag, dus ook als de daadwerkelijke kosten hoger zijn. Bij de vier soorten servicekosten kan er dus nooit meer dan 48 euro opgegeven worden. Dit bedrag wordt bij de kale maandhuur opgeteld. Daarmee ontstaat een totaalbedrag. Dat is bepalend voor een eventuele huurtoeslag en de hoogte daarvan.

Indien u op dit moment al huurtoeslag ontvangt en eerder servicekosten heeft opgegeven, dan past de Dienst Toeslagen de nieuwe regels aan. U hoeft geen actie te ondernemen. Vanaf eind november 2025 ontvangen alle betrokkenen een nieuwe berekening voor 2026.

Indien u op dit moment geen huurtoeslag ontvangt, maar denkt dat het in 2026 wel mogelijk zou kunnen zijn, dan kunt u een proefberekening maken op basis van de toeslagregels in 2026. U heeft dan meteen duidelijkheid. (bron: bnnvara.nl)




Zorgtoeslag omlaag in 2026: bereken hier hoeveel je per maand krijgt (bron: zorgwijzer.nl)

Zorgtoeslag is in de eerste plaats bedoeld om mensen te ondersteunen bij het betalen van hun zorgpremie. Uit de onlangs gepubliceerde bedragen van de Belastingdienst over de zorgtoeslag in 2026, blijkt dat de maximale toeslag voor zowel alleenstaanden als meerpersoonshuishoudens gaat dalen ten opzichte van 2025. Dat is een tegenvaller, temeer omdat bij 25 zorgverzekeringen de premie stijgt. Veel verzekerden gaan er daardoor netto op achteruit. Gemiddeld stijgt de zorgpremie volgend jaar met ‘slechts’ 58 cent per maand, maar er zijn veel verzekeraars die daar (flink) boven zitten.

De belangrijkste cijfers voor de zorgtoeslag in 2026:

  • De maximale zorgtoeslag voor alleenstaanden daalt met € 2 per maand (in 2025 was dat € 131,00, in 2026 wordt dat € 129,00).
  • De maximale zorgtoeslag voor gezinnen daalt met € 4 per maand (in 2025 was dat € 250,00, in 2026 wordt dat € 246,00).
  • De inkomensgrens voor alleenstaanden verschuift naar € 40.857 per jaar (in 2025 was dat € 39.719,00).
  • De inkomensgrens voor gezinnen verschuift naar € 51.142 per jaar (in 2025 was dat € 50.206,00).

Het positieve nieuws is dat de inkomensgrenzen volgend jaar wel wat worden verruimd, waardoor meer huishoudens recht houden op een tegemoetkoming.

N.B. Het grensinkomen is het laatste bedrag waarvoor u nog net recht heeft op zorgtoeslag.

Vanwege deze verlaging van de zorgtoeslag zijn de maximumbedragen voor het gehele jaar 2026 vastgesteld op:

  • € 1.548 (alleenstaanden)
  • € 2.952,00 (met toeslagpartner).

Let op:

Voor mensen met een inkomen dat gelijk blijft of nauwelijks stijgt, kan 2026 juist positief uitpakken. Hogere inkomensgrenzen maken dat de toeslag minder snel wordt afgebouwd. Zij ontvangen per saldo méér dan in 2025, ondanks het lagere maximumbedrag.

Zorgtoeslag-bedragen in 2026:

Alleenstaanden

Inkomen (totaal)                                           Zorgtoeslag per maand

€ 29.500,00                                                     € 129,00

€ 30.000.00                                                     € 126,00

€ 31.000,00                                                     € 114,00

€ 32.000,00                                                     € 103,00

€ 33.000,00                                                     € 91,00

€ 34.000,00                                                     € 80,00

€ 35.000,00                                                     € 69,00

€ 36.000,00                                                     € 57,00

€ 37.000,00                                                     € 46,00

€ 38.000,00                                                     € 34,00

€ 39.000,00                                                     € 23,00

€ 40.000,00                                                     € 11,00

€ 41.000,00 en meer                                     € 0,00

(bron: belastingdienst.nl)

Gezinnen

Inkomen (totaal)                                           Zorgtoeslag per maand

€ 29.500,00                                                     € 246,00

€ 30.000,00                                                     € 243,00

€ 31.000,00                                                     € 232,00

€ 32.000,00                                                     € 221,00

€ 33.000,00                                                     € 209,00

€ 34.000,00                                                     € 198,00

€ 35.000,00                                                     € 186,00

€ 36.000,00                                                     € 175,00

€ 37.000,00                                                     € 163,00

€ 38.000,00                                                     € 152,00

€ 39.000,00                                                     € 140,00

€ 40.000,00                                                     € 129,00

€ 41.000,00                                                     € 118,00

€ 42.000,00                                                     € 106,00

€ 43.000,00                                                     € 95,00

€ 44.000,00                                                     € 83,00

€ 45.000,00                                                     € 72,00

€ 46.000,00                                                     € 60,00

€ 47.000,00                                                     € 49,00

€ 48.000,00                                                     € 37,00

€ 49.000,00                                                     € 26,00

€ 50.000,00                                                     € 15,00

€ 51.000,00                                                     € 3,00

€ 51.500,00 en meer                                     € 0,00

(bron: belastingdienst.nl)

Economische effecten zijn wisselend

Studenten, huishoudens met een uitkering of gezinnen met een zeer laag inkomen worden negatief met de dalende zorgtoeslag geconfronteerd. In 2025 ontvingen zij al het maximale bedrag. Dit maximale bedrag daalt komend jaar. Vanwege het feit dat hun inkomen niet stijgt of zich slechts in zeer geringe mate meebeweegt, hebben zij geen voordeel van de verruimde inkomensgrens. Resultaat: een lager maandbedrag!

Personen met een wat hoger inkomen, waarbij het loon gelijk blijft of iets stijgt (bijv. met € 1.000,00 tot € 2.000 per jaar) kunnen meer zorgtoeslag ontvangen dan in 2025. Deze groep schuift door de hogere inkomensgrenzen minder snel in de afbouw van de toeslag, ondanks het feit dat het maximale bedrag lager is.

Betaaldata toeslagen (bron: belastingdienst.nl)

Hieronder ziet u de data waarop de zorgtoeslag, huurtoeslag, kinderopvangtoeslag en het kindgebonden budget worden betaald:

  • dinsdag 20 januari voor de maand februari 2026;
  • vrijdag 20 februari voor de maand maart 2026;
  • vrijdag 20 maart voor de maand april 2026;
  • maandag 20 april voor de maand mei 2026;
  • woensdag 20 mei voor de maand juni 2026;
  • maandag 22 juni voor de maand juli 2026;
  • maandag 20 juli voor de maand augustus 2026;
  • donderdag 20 augustus voor de maand september 2026;
  • maandag 21 september voor de maand oktober 2026;
  • dinsdag 20 oktober voor de maand november 2026;
  • vrijdag 20 november voor de maand december 2026;
  • maandag 21 december voor de maand januari 2027.

Kijk hier voor de betaaldagen van de AOW in 2026

De Belastingdienst vult de informatie verder aan met: “Het hangt van de bank af hoe laat de toeslag wordt overgemaakt. Daarom kan het zijn dat het nu nog niet op uw bankrekening staat. Het geld is in ieder geval om 24.00 uur overgemaakt. Krijgt u meer dan één toeslag? Dan kan het zijn dat niet alle toeslagen tegelijk op uw rekening staan. Maar wel altijd uiterlijk om 24.00 uur.

Let op:

Zorgtoeslag, huurtoeslag en kindgebonden budget over 2025 kunt u nog aanvragen tot 1 september 2026!

(bronnen: zorgwijzer.nl, bnnvara.nl, geldzaken.nl, belastingdienst.nl, berekenhet.nl)

Lees meer over: