Gevolgen van een te lage AOW

Een onbezorgde oude dag! Dat is een utopie voor veel AOW’ers! Alleenstaande AOW’ers ontvangen weliswaar een hogere AOW-uitkering, maar of die de meerkosten dekt die een alleenstaande heeft, is nog maar de vraag. Daarnaast zijn er AOW’ers die graag zouden willen samenwonen, maar vanwege een enorme teruggang in de AOW-uitkering daartoe niet durven over te gaan. Kortom: in beide situaties is het voortdurend laveren om het einde van de maand te halen. Dan spreken we nog niet over iets kunnen sparen.

De gevolgen van een te lage AOW zijn ingrijpend. Dat wordt in de samenleving vaak niet onderkend. Regelmatig horen AOW’ers dat men meent dat ouderen het financieel goed voor elkaar hebben. En dat is een misvatting. Veel ouderen hebben geldzorgen en raken daardoor in de schulden. Dat is echt verdrietig en druist volledig in tegen de eerste zin van dit hoofdstuk: een onbezorgde oude dag!

Klik snel door naar:




Het leven is erg duur als je alleen woont

Het leven van alleenstaanden is duurder dan de overige samenlevingsvormen. Een alleenstaande betaalt vaak in verhouding meer van het inkomen aan bijv. huur en dagelijkse boodschappen. De abonnementen zijn gelijk in prijs als voor meerpersoonshuishoudens. De autobelasting is gelijk. Dat geldt ook voor het brandstofverbruik. Energiekosten blijven gelijk. Het onderhoud van de tuin blijft gelijk. Hotels berekenen toeslagen voor eenpersoonskamers. De aanbiedingen van supermarkten zijn qua hoeveelheid meer afgestemd op gezinnen. En dit is slechts een greep uit alle kosten waarmee alleenstaanden voortdurend met slechts één inkomen worden geconfronteerd. Het maakt dat alleenstaanden zich vaak een vergeten groep in de samenleving voelen.

De AOW-bedragen van 2026

Alleenstaand

  • Bruto per maand € 1.637,57
  • Netto per maand (met loonheffingskorting) € 1.558,15
  • Netto per maand (zonder loonheffingskorting) € 1.266,65
  • Bijdrage Zvw (4,85 procent) € 79,42
  • Opbouw vakantiegeld € 106,55 per maand. Dit bedrag wordt jaarlijks uitgekeerd in de maand mei.

Gehuwd of geregistreerd samenwonend (per persoon)

  • Bruto per maand € 1.122,12
  • Netto per maand (met loonheffingskorting) € 1.067,70
  • Netto per maand (zonder loonheffingskorting) € 867,70
  • Bijdrage Zvw (4,85 procent) € 54,42
  • Opbouw vakantiegeld € 76,10 per maand. Dit bedrag wordt jaarlijks uitgekeerd in de maand mei.

Hieruit valt te concluderen dat de AOW-uitkering van een alleenstaande AOW’er weliswaar hoger is, maar de vraag is of dat de kosten van een alleenstaande voldoende compenseert.

Bovendien is de AOW voor gehuwden en geregistreerd samenwonenden ook geen vetpot. Het leidt er vaak toe dat AOW’ers, die zouden willen samenwonen, toch kiezen voor een lat-relatie. Dat maakt immers dat beiden een volledige AOW ontvangen. Voor een verschil van € 800,00 per maand wordt dan voor alleen blijven wonen, gekozen. Dat dat ook weer gevolgen heeft voor de woningmarkt en de vraag naar zorg toeneemt, behoeft geen toelichting.

Dat mensen, die hun hele leven premie hebben afgedragen, zich op hogere leeftijd nog met dit soort overwegingen moeten bezig houden, is toch echt betreurenswaardig.

Meubelzorg leeftijdskorting 1240x325

Het AOW-stelsel moet op de schop. Mensen durven bijna niet meer te gaan samenwonen

“Het huidige AOW-stelsel moet veranderen. Het is te ingewikkeld, omdat het van tevoren onduidelijk is of je de hogere alleenstaande-AOW of de lagere samenwoon-AOW gaat krijgen. Het verschil is groot, per maand scheelt dat de gepensioneerde maar liefst 490 euro. Hierdoor durven mensen bijna niet meer te gaan samenwonen.” Dit meldt maxmeldpunt.nl.

Het AOW-stelsel dateert uit 1957, toen zag de samenleving er heel anders uit. Je was getrouwd of je was alleen. Als je getrouwd was, kreeg je het gehuwdenpensioen dat lager was omdat je als echtpaar kosten kon delen. Alleenstaanden kregen het ongehuwdenpensioen. Nu zijn er veel meer manieren om met elkaar te leven. Daarom willen wij ook dat het huidige stelsel eenvoudiger wordt. Voor de burger en ook voor ons,” zegt Diana Starmans, voorzitter van de Raad van Bestuur van de SVB .

Indien er twijfels bestaan over de leefsituatie, kan de SVB zelfs tot in de woning controleren. Gekeken wordt naar watermeters en telefoonrekeningen, of er meerdere tandenborstels aanwezig zijn, of naar de kleding. Dat raakt de privacy. Bovendien wil de SVB zelf ook graag van deze controles af. Ze zijn tijdrovend en kostbaar.

Het huidige AOW-stelsel gaat uit van gezamenlijke zorg voor elkaar. Dat kan in financiële of in andere zin zijn. Dat betekent dat de SVB betrokkenen als samenwonend kan kwalificeren, zelfs al wonen ze 2.000 kilometer uit elkaar, zo blijkt in de praktijk bij een echtpaar dat weliswaar getrouwd is, maar waar beide echtelieden zelfstandig wonen. Een andere situatie: 3 broers wonen samen en ontvangen elk een alleenstaande AOW.

Een andere situatie: een AOW’er met diverse ernstige ziektebeelden, wil niet naar een verpleeghuis. Hij regelt en betaalt zelf een mantelzorger die bij hem intrekt en daarmee 24-uurs zorg verleent. De SVB kort deze AOW’er. Hij zou met zijn mantelzorger samenwonen. Uiteindelijk ontving hij toch de alleenstaande AOW. Andersom kan het ook: de mantelzorger die de zorgvrager in huis neemt, echter zonder een relatie te hebben.

Een doolhof aan regels

Voorbeeld: een gehuwd echtpaar met een inwonend volwassen kind, ontvangt de samenwoon-AOW. Een ongehuwd samenwonend koppel met een inwonend volwassen kind, ontvangt de alleenstaande AOW. De SVB licht toe dat dit te maken heeft met jurisprudentie: twee gehuwde mensen in een huis worden gezien als samenwonend. Meerdere mensen in een huis worden als alleenstaand gekwalificeerd in een meerpersoonshuishouden. Kunt u het nog volgen?

SVB en objectief partnerschap

Het betreft objectieve criteria, zoals die ook door de Belastingdienst worden gehanteerd. Hiermee wordt vastgesteld of mensen fiscaal partner zijn. Bent u getrouwd of geregistreerd partner en heeft u een huis of een kind samen, dan wordt u gezien als samenwonend en krijgt u een lagere AOW.

Dat betekent dat de SVB niet meer achter de voordeur hoeft te kijken. Voor 99 procent van de mensen blijft de hoogte van hun AOW na deze objectieve toetsing hetzelfde. Bij 53.000 AOW’ers verandert de uitkering. Voor 34.000 mensen pakt dit goed uit, zij krijgen de hogere AOW, 19.000 senioren moeten een deel van hun uitkering inleveren. De SVB wil voor deze groep een overgangsregeling.

Inmiddels is ook in politiek Den Haag duidelijk geworden dat het huidige AOW-stelsel aanpassing behoeft. Een daarover ingediende motie is aangenomen. Het ministerie van Sociale Zaken gaat werken aan een voorstel met als uitgangspunt het objectief partnerbegrip. Vervolgens dient er een wetsvoorstel te komen dat een vernieuwd AOW-stelsel introduceert.

Well Fair 1240 voor 1500 euro

De gevolgen van een te lage AOW

De AOW-gerechtigde leeftijd stijgt. De problemen daarbij en de gevolgen daarvan staan nagenoeg dagelijks volop in het nieuws. We spreken echter niet graag over armoede, geldtekort en schulden. Toch worden veel AOW’ers hiermee geconfronteerd.

Wat niet of nauwelijks wordt benoemd, is het leven op of onder het sociaal minimum en het ontstaan van schulden.Geldproblemen treffen velen, meer dan we ons vaak realiseren. De prijzen van de boodschappen in de winkelwagen optellen, artikelen terugleggen, zodat er geen probleem aan de kassa ontstaat, zijn zich regelmatig voordoende situaties in de supermarkt. Energierekeningen die zorgen baren.

Veel ouderen kunnen niet gebruik maken van de aangeboden voorzieningen en toeslagen waar ze recht op hebben. Immers, de manier van aanvragen is vaak (te) ingewikkeld en de aanvraag dient vaak geautomatiseerd te gebeuren. Geldproblemen beïnvloeden het levensgeluk. Geldproblemen beïnvloeden de omgeving van mensen en de maatschappij.

Het leven wordt duurder. Dat merken ook AOW’ers. Daarnaast neemt het aantal mensen met een AOW-uitkering snel toe. In Nederland zijn er inmiddels bijna 3,7 miljoen AOW-gerechtigden. Vaak wordt gedacht dat ouderen het financieel goed voor elkaar hebben, dat ze hun huis hebben afbetaald en voldoende spaargeld op hun rekening hebben.

Dat blijkt niet te kloppen. Een toenemende groep ouderen wordt geconfronteerd met schulden. Het gevolg is onzekerheid en stress en dat juist in een levensfase waarin rust belangrijk is.

Lees hier het bericht terug over de gedachte om de AOW inkomensafhankelijk te maken

Lang niet alle ouderen hebben het financieel goed voor elkaar

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (2023) blijkt dat de gemiddelde schuld van een AOW-huishouden ongeveer € 132.600,00 is. Dit is een gemiddelde. Er bestaan grote verschillen tussen ouderen. De meeste AOW’ers zijn schuldenvrij, terwijl anderen nog een behoorlijke schuld moeten voldoen. Kijkend naar de mediaan (het middelste bedrag), ligt de schuld rond de € 70.000,00. Dat geeft een realistischer beeld. De helft van de ouderen zit onder dit bedrag. De andere helft zit daarboven.

Diverse soorten schulden

  • De grootste schuld van ouderen is meestal de hypotheek. De gemiddelde hypotheekschuld bedraagt ongeveer € 127.900,00. Oorzaak is dat mensen later een huis kopen of hun hypotheek niet volledig hebben afgelost voor hun pensioen.
  • Nog openstaande studieschulden. Gemiddeld bedragen deze € 19.100,00. Ze beperken de leencapaciteit en verminderen de marge voor onvoorziene uitgaven.
  • Openstaande kredieten, omdat de AOW-uitkering niet toereikend blijkt om een grote aanschaf in één keer te doen. Ze hebben echter direct een direct effect op de maandelijkse cashflow en betaalcomfort.

In de praktijk komt het regelmatig voor dat AOW’ers zowel een hypotheek als een studieschuld moeten voldoen. Gemiddeld komt dat neer op € 147.000.00. Beide schulden gecombineerd, vergroten de kans op liquiditeitsproblemen, zeker wanneer de rente en de kosten voor levensonderhoud stijgen of medische kosten ontstaan.

Studieschulden kunnen ontstaan indien mensen op een later leeftijd een studie volgden of leningen niet konden aflossen, door bijv. inkomensschommelingen of partnerverlies. Indien relevant kan dit de herfinanciering of de verkoop van de woning belemmeren, omdat kredietverstrekkers de gehele schuldenlast meewegen bij beslissingen over maximale leenbedragen.

16 Procent van de ouderen heeft daadwerkelijk schulden

Weliswaar is de gemiddelde schuld hoog, toch zitten niet alle ouderen in de financiële problemen. Een groot deel heeft zelfs helemaal geen schulden. Ongeveer 16 procent van de ouderen heeft echt schulden. 16 Procent lijkt niet zo veel, het betreft hier echter toch honderdduizenden ouderen. Het hebben van een schuld kan een grote invloed hebben op hun dagelijks leven. De gezamenlijke schuld bedraagt 155,5 miljard.

Schulden en vermogen

Veel AOW’ers hebben bezittingen, zoals een eigen woning of spaargeld. Gemiddeld bedraagt het spaargeld € 73.400,00 (mediaan € 33.600,00). De waarde van het vermogen in een eigen woning bedraagt gemiddeld € 470.400,00 (mediaan € 410.500,00). Geconcludeerd kan worden dat schulden vaak tegenover een groot vermogen staan. Maar hier moet een belangrijk verschil onderkend worden. Een huis kan niet gebruikt worden om de dagelijkse kosten te betalen. Het geld zit vast in stenen. Dat maakt dat ook ouderen met veel vermogen moeite kunnen hebben om rond te komen.

Redenen waarom het leven duurder wordt

Allereerst zijn de kosten voor levensonderhoud de laatste jaren flink gestegen. Te denken valt daarbij aan:

  • hogere energieprijzen (nog veel hoger dan verwacht vanwege de oorlog in het Midden-Oosten);
  • duurdere boodschappen, de prijzen stijgen en stijgen;
  • stijgende huur- en zorgkosten (denk bijv. aan de stijgingen van het eigen risico naar € 455,00 per jaar in 2027).

De AOW-uitkeringen groeien minder snel mee. Bovendien hebben veel ouderen geen aanvullend of slechts een klein pensioen. Dan is de AOW-uitkering de belangrijkste bron van inkomen. De AOW-uitkering is echter een basisuitkering, die geen luxe brengt. Helaas moet een toenemende groep ouderen hiervan zien rond te komen.

Koopkracht van ouderen blijft achter

Werkenden kregen de afgelopen tijd loonsverhogingen. De stijging blijkt heel wat sterker dan de stijging van de AOW-uitkering. Pensioenen zijn jarenlang niet of nauwelijks geïndexeerd. Prijsstijgingen zijn dan niet op te vangen.

Gevolg? Veel ouderen moeten bezuinigen op de dagelijkse uitgaven. Minder dure artikelen worden gekocht, minder vaak een dagje uit of uit eten, besparen op energie of minder geld uitgeven aan hobby’s. Terugkomend op ouderen met schulden: voor hen wordt deze situatie nog moeilijker.

Extra druk door schulden

Schulden zijn niet uitsluitend een financiële last, schulden hebben ook een mentale invloed. Ouderen met schulden ervaren vaker stress en onzekerheid. Voortdurend bang voor of de rekeningen wel betaald kunnen worden, voortdurend bang zijn voor onverwachte kosten. Een nieuwe lening afsluiten is vaak moeilijk, zo niet onmogelijk. Bij het kopen van een nieuwe woning drukken schulden het maximale leenbedrag. Verhuizen blijkt daardoor soms onmogelijk.

Verschillende financiële situaties

Er bestaan grote verschillen tussen ouderen die hun leven hebben gewerkt en een goed pensioen hebben en ouderen die dat niet hebben bijv.:

  • ouderen zonder aanvullend pensioen;
  • zelfstandigen die weinig pensioenopbouw hebben;
  • mensen die later in Nederland zijn komen wonen;
  • mensen die Nederland een tijd lang hebben verlaten.

Bovengenoemde groepen hebben een een lager inkomen en daarmee meer kans op financiële problemen. Ook alleenstaande ouderen hebben het vaak moeilijker dan stellen. Zij moeten immers alle kosten zelf betalen.

Schaamte en het mijden van hulp

Binnen de groep personen met een problematische schuldenpositie vormen ouderen een zeer kwetsbare en moeilijk te bereiken groep. Het is bovendien een groep die in de regel moeite heeft met het melden van financiële problemen. En daarmee is de cirkel rond! Een ingewikkelde en zeer bureaucratische regelgeving, die bovendien veelal gedigitaliseerd is. Ligt hier niet een uitdaging voor de overheid om deze kwetsbare groep de toegang tot voorzieningen en toeslagen verder te vereenvoudigen?

Vaak heerst er schaamte bij AOW’ers om over problematische schulden te spreken of hulp te vragen. Opgevoed met het zelf moeten oplossen van problemen, maakt dat ze vaak te laat om hulp vragen. Problemen zijn er ook vanwege de toenemende digitalisering. Niet elke ouder is digitaal vaardig en maakt daardoor geen gebruik van inkomensondersteunende regelingen.

Ondersteunende instanties voor ouderen met financiële zorgen

  • Gemeentelijke schuldhulpverlening. Elke gemeente biedt deze aan en helpt bij het in kaart brengen van de achterstanden en bij het overeenkomen van betalingsregelingen.
  • Veel gemeenten hebben speciale financiële ondersteuningsmogelijkheden.
  • De Aanvullende Inkomensvoorziening Ouderen (AIO) kan eventueel een oplossing bieden.
  • Vrijwilligersorganisaties, Humanitas of Schuldhulpmaatje hebben getrainde vrijwilligers die de ouderen thuis bezoeken om samen de schulden en de administratie in kaart te brengen.

Verwachtingen ten aanzien van de toekomst

Met name omdat het aantal ouderen de komende jaren zal toenemen, wordt het onderwerp schulden onder ouderen steeds belangrijker. Bij stijgende kosten en niet voldoende meegroeiende inkomens, kan het aantal ouderen met financiële problemen toenemen. Neem daarbij de veranderingen in de samenleving: mensen werken langer, koper later een huis en bouwen minder pensioen op. Het kan erin resulteren dat toekomstige generaties ouderen vaker schulden hebben dan nu.

Een buffer van drie tot zes maanden vaste lasten kan behoeden voor nieuwe schulden. Helaas hebben veel AOW’ers die buffer niet. Gekeken naar de stijgende kosten van zorg en energie betekent dit dat zelfs een relatief kleine tegenvaller snel de bestedingsruimte en financiële zekerheid onder druk kan zetten.

Veldsink banner 1240

Gehuwd met iemand die geen pensioen heeft opgebouwd: en dan?

Eén van onze lezers stuurde ons de volgende mailing:

“Het is algemeen bekend dat als twee AOW-ers trouwen, ze dan beiden teruggaan van 70% naar 50%, en daar zit wel logica in. Wat minder bekend is dat als een AOW-er trouwt met een buitenlandse vrouw zonder pensioen, deze AOW-er ook teruggaat van 70% naar 50%, en daar zit aanzienlijk minder logica in. Sterker nog, dat is hoogst onrechtvaardig. De SVB is echter onverbiddelijk : “Zo zijn onze regels en daar willen we niet van afwijken.”

AOW.nu was daarvan niet op de hoogte, maar kan dit niet veranderen. Dat is ook niet de vraag van de lezer. Diens vraag is wel tot wie men zich zou kunnen melden. AOW.nu wees op de AIO-regeling, waarvoor deze lezer misschien in aanmerking kan komen. Wellicht is het ook goed in dergelijke schrijnende situaties contact op te nemen met de gemeente om te bezien of bijv. bijzondere bijstand een optie zou kunnen zijn.

Geldzorgen veranderen het leven

Geldproblemen veroorzaken stress in de hersenen. Men zoekt vooral naar oplossingen op de korte termijn omdat die het dichtstbij is. Vaak worden dure leningen afgesloten om geld vrij te krijgen. Dure leningen betekenen een fikse aflossing én een groter financieel gat in de toekomst. Men belandt in een negatieve spiraal!

Het klinkt misschien vreemd: maar uit onderzoek is gebleken dat geld geven om de schulden af te kopen of het inkomen verhogen probleemoplossend werkt. Financiële zekerheid betekent minder depressiviteit, angst of eenzaamheid. Mensen die financieel ondersteund worden, nemen bij een in balans zijnd inkomens- en uitgavenpatroon, later betere langetermijnbeslissingen.

Heeft de overheid al eens nagedacht wat zorg kost voor behandelingen aangaande stressreductie, depressiviteit, eenzaamheid? Weegt dat niet op tegen het tegemoet komen van de kosten van een tijdelijk financieel tekort?

De AOW moet omhoog! Zich verschuilen achter de uitspraak dat niet élke ouder in armoede leeft, is een drogreden.

Zorgen over de financiën en de gevolgen voor de fysieke en mentale gezondheid

Een zorgeloze oude dag! Dat is toch wat men verdient na een werkzaam leven? De werkelijkheid is anders. Van de 3,7 miljoen 65-plussers (in Nederland) maakt 46% zich met regelmaat zorgen over de financiën. Van deze 46% heeft 13% géén financiële reserve. Dat blijkt uit een onderzoek dat de ouderenbond ANBO-PCOB uitvoerde. Daaruit blijkt dat bijna de helft van de AOW’ers wakker ligt vanwege geldzorgen. Een hoge inflatie, de hierboven genoemde ontkoppeling: het zijn zorgenposten. Dat dat niet goed is voor de gezondheid, spreekt voor zich!

Het inkomen van ouderen is na hun pensionering vaak sterk verminderd. Ouderen moeten veelal rondkomen met een AOW- en pensioenuitkering. Een deel van hen moet rondkomen met uitsluitend een AOW-uitkering. Weliswaar worden de uitkeringen geïndexeerd, maar die lopen niet gelijk met de inflatie. Tel daarbij nog onverwachte uitgaven, die zich bij iedereen voordoen, en de slapeloze nachten zijn een feit.

Financiële zorgen leiden bovendien tot het mijden van sociale activiteiten en dat terwijl contact met anderen juist belangrijk is voor het persoonlijke welzijn. Dat geldt vooral voor ouderen met een laag inkomen; 20% van hen nam in 2023 minder deel aan sociale activiteiten. Financiële zorgen leiden zelfs tot het mijden van medische zorg. In 2023 heeft 9% van de ouderen zorg gemeden of uitgesteld vanwege de kosten. Denk daarbij aan de jaarlijkse eigen bijdrage, de aanschaf van bijv. een montuur en glazen of een tandheelkundige behandeling. Een extra uitgave van € 400,00 levert voor een kwart van de ouderen grote financiële problemen op. Dan moet er direct bezuinigd worden. Van AOW.nu ontving u eerder een nieuwsbrief met allerhande tips om meer van uw AOW over te houden.

Geldzorgen en fysieke gezondheid beïnvloeden elkaar. Mensen met een laag inkomen leven veelal korter. Ze mijden vaak medische zorg vanwege de extra kosten (zoals bijv. fysiotherapie, een tandheelkundige behandeling, mondhygiënist, montuur en glazen). Vaak volgt er dan een behandelplan, dat niet nodig geweest zou zijn indien de betrokkene de financiële middelen zou hebben gehad om een eerder voorgesteld behandelplan te ondergaan.

Geldzorgen en mentale gezondheid beïnvloeden elkaar. Piekeren, stress en angst zijn vaak de gevolgen. Maar, piekeren, angst en stress kunnen er ook toe leiden dat men minder goede keuzes maakt. Het spreekwoord: ‘De mens lijdt het meest onder het lijden dat hij vreest’, is waard om over na te denken. Is de situatie echt zo moeilijk, of is er een angst dat die moeilijke situatie kan ontstaan? Als de situatie echt zo moeilijk is, is het zaak om erover te praten. Dat kan met familieleden, vrienden, of een deskundige op dit gebied zijn. Is er een angst dat die moeilijke situatie kan ontstaan, probeer dan mogelijkheden te bedenken om dit voorkomen.

Deskundige hulpverlening is te vinden via de vragenlijst van de Rijksoverheid, de gemeente, hulp bij geldzorgen: 0800-8115, lokale hulporganisaties in de buurt, Humanitas of Schuldhulpmaatje.

Een volgende financiële zorgenpost is de invoering van het nieuwe pensioenstelsel. Bijna 60% van de ouderen maakt zich zorgen over de financiële consequenties daarvan. (Bron: de Telegraaf)

En dan komen er nog geluiden uit de politiek. Daar stellen enkelen dat de meeste AOW’ers geen koppeling met het minimumloon nodig hebben en voldoende inkomen hebben. Hier wordt volledig voorbij gegaan aan ouderen die wél dringend hulp nodig hebben. Bovendien, een wat meer inkomsten ontvangende AOW’er betaalt, net als alle anderen, over diens inkomsten belasting.

Koopkracht onderzoek ANBO-PCOB 2024: ouderen maken zich zorgen om geld

“Het beeld dat alle senioren in Nederland het goed hebben, is achterhaald. van de 3,7 miljoen 65-plussers in Nederland maak 46% (2,2 miljoen) zich weleens zorgen over hun huidige financiële situatie 13 Procent heeft geen financiële buffer. Een onverwachte uitgave van 400 euro brengt ruim een kwart van de senioren (28%) in de problemen. Arme ouderen mijden zorg en bezuinigen op sociale activiteiten.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel van ANBO-PCOB.

Aan het Koopkracht Onderzoek van het Nationaal Seniorenpanel van ANBO-PCOB deden 6.786 senioren mee in de periode van 28 mei tot en met juni 2024. De gemiddelde leeftijd was 74 jaar. Vanaf hun pensionering zijn de meeste ouderen afhankelijk van de AOW, een eventueel aanvullend pensioen en fiscale maatregelen. Ze hebben daardoor over het algemeen niet veel invloed op hun inkomsten. Als die niet stijgen en daarentegen de kosten voor levensonderzoek en zorg wel, daalt de koopkracht.

Uit het onderzoek blijkt dat bijna de helft van de senioren (46%) weleens piekert over geld. Eén op de acht maakt zich regelmatig of vaak zorgen. Een onverwachte uitgave van 400 euro brengt ruim een kwart van de senioren (28%) in de problemen. 23 Procent van hen geeft aan dan zuiniger te moeten leven om de maand door te komen. 5 Procent weet niet hoe de maand dan door te komen. Dit is een risico voor senioren zonder financiële buffer. Het raakt hen extra hard. 66 Procent raakt in de problemen bij een onverwachte uitgave van 400 euro. 38 Procent daarvan moet direct gaan bezuinigen om de maand door te komen. 27 Procent weet niet hoe de rest van de maand door te komen.

Tweederde van de senioren probeerde het afgelopen jaar de financiële lasten te verminderen en bewust te bezuinigingen op uitgaven. De thermostaat werd lager gezet. Energiezuinige apparaten werden gebruikt. En dan een bezuiniging die het alarm moet doen overgaan. Het afgelopen jaar heeft 9 procent van de senioren in Nederland zorg gemeden of uitgesteld vanwege de kosten. Voor senioren met een laag inkomen  (21 procent) en zonder financiële buffer (26 procent) hebben relatief vaak zorg gemeden.

Een volgende ernstige ontwikkeling: 20 procent van de senioren heeft het afgelopen jaar de sociale activiteiten beperkt of gemeden om te bezuinigen. Een kopje koffie op  het terras, een clubactiviteit, een verjaardag of een uitje was er niet meer bij. Senioren met een laag inkomen (39 procent) en zonder financiële buffer (48 procent) bezuinigden meer dan gemiddeld op sociale activiteiten. Dat is een ernstige ontwikkeling, immers het mijden van sociale contacten, kan leiden tot sociale isolatie en gevoelens van eenzaamheid, moet mogelijke gezondheidsproblemen als gevolg.

Voor wat betreft het nieuwe pensioenstelsel: daarover maakt 59 procent van de senioren zich wel eens zorgen voor wat het toekomstige inkomen betreft. Toch staat een aanzienlijk deel van de senioren in Nederland er financieel goed voor. 75 Procent van de senioren ervaart de financiële situatie als negatief voor hun algemene geluksgevoel. Dat is best wel verdrietig. Immers, elke oudere verdient een zorgeloze oude dag, vrij van financiële beslommeringen.

Monuta banner 1240 x 346

Visie van de PCOB

De PCOB, één van de grootste belangenbehartigers van senioren, publiceert op 16 april 2024: Koopkrachtontwikkeling gepensioneerden hapert. De organisatie licht verder toe. Gemiddeld is de koopkracht van gepensioneerden gedurende de jaren 2011-2022 nauwelijks gestegen. Voor werkenden was dat anders. Voor deze groep gold een stijging tot wel 30%. De PCOB beroept zich daarbij op een recent verschenen rapport van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Bij koopkracht wordt gekeken hoe het inkomen zich ontwikkelt ten opzichte van de inflatie. Als de inflatie hoger is dan de stijging van het inkomen, daalt de koopkracht. Dat was bij veel gepensioneerden met geen of een aanvullend pensioen het geval. Met name voor AOW’ers die geen of slechts een klein aanvullend pensioen hebben, steeg de koopkracht tot ruim veertien procent. Dat is nog steeds een aanzienlijk verschil met werknemers die een stijging tot wel 30 procent ontvingen. Voor AOW’ers met een relatief hoog aanvullend inkomen boven op de AOW nam de koopkracht tot elf procent áf.  De meeste pensioenen zijn tot 2022 nauwelijks of niet verhoogd. Dat betekent dat AOW’ers sterk afhankelijk zijn van verhoging van de AOW. Pas vanaf 2022 echter, zijn de meeste pensioenfondsen tot verhoging van de pensioenen overgegaan.

Visie van het CBS

Ook het CBS meldt dat de koopkrachtontwikkeling van gepensioneerden al geruime tijd hapert. Deze organisatie meldt dat in 2022 de doorsnee koopkracht van de bevolking bijna 60 procent hoger was dan 45 jaar eerder. Voor werknemers steeg de koopkracht het meest (gerekend vanaf 1989). Voor personen in huishoudens met vooral een pensioeninkomen was het andersom. Hier was de stijging het geringst.

AOW’ers met een relatief hoog aanvullend inkomen, zagen een daling in koopkracht. Bij een aanvullend inkomen tussen € 1.000,– en € 2.000,– bedroeg de koopkrachtdaling 5,2 procent. Bij een aanvullend inkomen van meer dan € 3.000,– bedroeg de koopkrachtdaling 10,9 procent (onder het niveau van 2011).

AOW’ers met een gering aanvullend inkomen en daarnaast een AOW-uitkering, zagen een stijging in koopkracht. Bij een aanvullend inkomen tot € 200,– steeg de koopkracht met 14,6 procent. Voor AOW’ers met een aanvullend inkomen van € 200,– tot € 500,– bedroeg de koopkrachtstijging 8,5 procent. Het lijkt veel, maar staat in geen verhouding tot de koopkrachtstijging voor werknemers.

Meubelzorg leeftijdskorting 1240x325

Zonder aanpassingen komt AOW in gevaar

‘De AOW is dringend toe aan een ‘fundamentele vereenvoudiging’. Dat zegt Diana Starmans, bestuurslid bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB), in het FD. De maandelijkse betaling aan 3,5 miljoen Nederlanders is ‘te complex en niet meer van deze tijd’.Dit is de lead van bovengenoemd artikel in het Seniorenjournaal.

Starmans pleit voor een ‘fundamentele vereenvoudiging’ van de AOW. ‘Het zou de burger en ons ontzettend helpen als we de leefvormen loslaten, bijvoorbeeld door iedereen hetzelfde bedrag te geven. Maar hiervoor is een stevige aanpassing van wet- en regelgeving nodig.’

Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Starmans meldt in het FD: ‘Nou, er hangt wel een prijskaartje aan. Kies je voor iedereen 70% van het minimuminkomen, dan kost dat € 12 miljard. Kies je voor 50%, dan gaat 40% van de AOW’ers erop achteruit. Zij zullen in opstand komen.’

De publieke dienstverlening zal in de toekomst niet aan een ingrijpende aanpassing ontkomen. ‘We moeten bij alle uitvoeringsinstanties grofmaziger durven kijken naar wet- en regelgeving.’ Dat betekent dat niet iedereen hetzelfde wordt behandeld. Maar, zo vult ze aan, ‘dat is een politiek vraagstuk’.

De reparatie van de AOW gaat helpen bij het oplossen van een aantal maatschappelijke vraagstukken, zo meldt Starmans in het FD. ‘Stel dat mensen weer besluiten samen te gaan wonen en voor elkaar te zorgen. Dat voorkomt eenzaamheid, heeft invloed op het woningtekort of dempt de vraag naar zorg. Maar dat durf je minder snel als je er € 800 per maand op achteruit gaat.’

Bekijk hier het bericht over de betaalbaarheid van de AOW

Sociale Verzekeringsbank: AOW-regels moeten eenvoudiger en helderder worden

Omdat de hoogte van de AOW-uitkering afhankelijk is van de samenlevingsvorm (en dat zijn er in totaal 21), moet de SVB vaak beoordelen of mensen alleenstaand zijn of een gezamenlijke huishouding voeren en dat is een niet mis te verstane klus. Daartoe moet vaak tot achter de voordeur bij mensen gecontroleerd worden. Dat is pijnlijk voor alle betrokkenen.

De SVB doet daarom een dringende oproep aan de Tweede Kamer het AOW-stelsel te vereenvoudigen om daarmee de AOW uitvoerbaar en toekomstbestendig te maken. De SVB stelt voor de gegevens van de Belastingdienst te gebruiken bij de toekenning van de hoogte van de AOW-uitkering. Dit zou aanzienlijk minder stress en arbeidstijd opleveren. Bovendien, zo meent de SVB, wordt met het huidige systeem niet geanticipeerd op de maatschappelijke en demografische ontwikkelingen. De komende 20 jaar zal het aantal AOW’ers stijgen van 3,7 naar 4,7 miljoen.

Nederland loopt achter op landen als België en Duitsland. Hier is het grootste deel van de ouderdomsvoorziening onafhankelijk van de leefvorm. Daarvoor pleit de SVB. Iedereen een gelijke AOW-uitkering is het advies. Als het aan de SVB ligt, treden deze regels met ingang van 2028 in werking.

Mogelijke oplossingen

  • Al jaren roepen seniorenorganisaties en diverse politieke partijen ertoe op voor AOW’ers koopkrachtmaatregelen te treffen. Laten we hopen dat de nieuwe regering daaraan gehoor geeft. Met de huidige aanpak van bezuinigen, is dat nog de vraag.
  • Heeft de overheid al eens nagedacht wat het kost als mensen, vanwege hun financiële situatie, zorg gaan mijden? Denk bijv. aan de behandeling van de fysiotherapeut. Gevolg: velen wachten tot de situatie zo ver gevorderd is, dat er een operatie móet komen. Die wordt wel door de zorgverzekeraar vergoed. Vraag: hoe had het kostenplaatje er uit gezien indien de fysiotherapeut het probleem tijdig had kunnen oplossen, waarna de behandeling stopt? En hoe ziet het kostenplaatje er uit indien er een ziekenhuisopname volgt? De optelsom is eenvoudig! Een operatieve ingreep is veel duurder! En dan hebben we het nog niet gehad over de patiënt zelf, diens naasten, personeelstekorten in ziekenhuis, ziekenhuiszorg, revalidatie, zorg aan huis enz.
  • Behandelingen als stressreductie, psychotherapeutische begeleiding enz. bij stress, depressiviteit en angsten kosten de zorg veel geld. ‘Voorkomen is beter dan genezen’ zegt het spreekwoord. Het is zinvol als deze kosten in kaart gebracht worden. Als deze verschijnselen voortkomen uit financiële geldzorgen, is het écht zaak de hoogte van de AOW-uitkeringen te heroverwegen.
  • Het toeslagenstelsel: het is de nadrukkelijke ambitie van het kabinet om het huidige toeslagenstelsel af te schaffen. Het bevat tekortkomingen, die een fundamentele aanpassing noodzakelijk maken.

Laten we hopen dat hierin de AOW-problematiek meegenomen wordt!

  • Ouderen die het financieel moeilijk hebben, zijn vaak niet in het bezit van een digitale (werk)omgeving. Hoe dan voorzieningen of toeslagen aan te vragen? Het gaat hier om een doelgroep die een werkzaam leven achter zich heeft, mede Nederland heeft opgebouwd tot het huidige niveau en nu deels van de maatschappij wordt uitgesloten!
  • De mening loslaten dat de AOW-uitkeringen niet verhoogd hoeven te worden, omdat slechts weinigen in moeilijke financiële omstandigheden verkeren. Niet alle AOW’ers hebben het financieel moeilijk. Moeten diegenen die het wél financieel moeilijk hebben, verder ‘in de kou staan’? Een drogreden, die tekort doet aan diegenen die het toch al moeilijk hebben!

65-Plussers met geldzorgen verdienen hulp

De armoede onder ouderen stijgt. Grootste oorzaak is een gebrek aan inkomen in combinatie met oplopende zorgkosten, die slechts gedeeltelijk worden vergoed. Indien er een goed aanvullend pensioen en spaargeld enz. voorhanden zijn, is er veelal geen probleem. Maar, bij ouderen zonder eigen vermogen, is elke onverwachte uitgave al snel een probleem.

Aandacht voor ouderen is een must! AOW’ers zitten al jaren op de nullijn! De kosten voor wonen, welzijn en zorg stijgen. Een passende indexatie blijft uit. De armoedegrens is een aantal ouderen niet vreemd. Armoede komt voor bij meerdere groepen senioren. Te denken valt daarbij aan 85-plussers met een klein aanvullend pensioen en hoge zorgkosten, aan gescheiden vrouwen en mensen die werkloos raakten en na hun 55ste niet meer in het arbeidsproces betrokken werden. Veel ouderen krijgen te maken met schulden en geraken in een uitzichtloze situatie. Het is dan zaak hulp van deskundigen in te roepen. Ze zijn er! Maak er, indien relevant, gebruik van!

AOW.nu Plus word lid met 600,00 euro 1240x346

Lees meer over: