Gemeenteraadsverkiezingen 2026

Bij gemeenteraadsverkiezingen kiezen de inwoners wie de koers bepaalt in de gemeenten op gebieden als o.a. woningbouw, verkeer (fietspaden, wegen) en de inrichting van buurten. Dat raakt ons allemaal. Daarom is deelname aan de gemeenteraadsverkiezingen zo belangrijk! Op woensdag 18 maart zijn er weer gemeenteraadsverkiezingen!

Klik snel door naar:




Deelname aan de gemeenteraad

Leden van de gemeenteraad worden door de inwoners van de gemeente gekozen. Daartoe kunnen inwoners van de gemeente zich kandidaat stellen. Deze kandidaten zijn meestal lid van een landelijke of lokale partij. Vanaf 18 jaar kan een gekozen kandidaat zitting nemen in de gemeenteraad. Het aantal zetels in de gemeenteraad hangt af van het aantal inwoners. Er zitten minimaal 9 en maximaal 45 mensen in de gemeenteraad. Veel raadsleden hebben, naast het werk als raadslid, ook nog een andere baan. Voor het werk in de gemeenteraad krijgen ze een vergoeding. Daarover later meer.

Elke vier jaar zijn er verkiezingen voor de gemeenteraad. Anders dan bij de Tweede Kamer, kunnen er tussendoor geen verkiezingen worden gehouden (als een coalitie uit elkaar valt bijvoorbeeld). Alleen als er een gemeentelijke herindeling is, volgen ‘aangepaste’ verkiezingen (eerder of later dan de normale datum). De volgende verkiezingen voor de gemeenteraad zijn op woensdag 18 maart 2026.

Voor de verkiezingen stellen landelijke en lokale politieke partijen een kieslijst met kandidaten op. Wie lid is van een partij kan zich aanmelden om op de kieslijst te komen. Een kandidatencommissie maakt een conceptlijst en de ledenvergadering van de partij keurt de lijst goed. Iedereen kan zijn eigen partij beginnen en een kieslijst maken om mee te doen aan de verkiezingen.

Indien een inwoner als gemeenteraadslid wordt gekozen, onderzoekt de oude gemeenteraad na de zetelverdeling of de verkozen kandidaat voldoet aan de eisen voor het lidmaatschap van de gemeenteraad. Dit heet ook wel het geloofsbrievenonderzoek.

Welke taken heeft de gemeenteraad?

Raadsleden bepalen de belangrijkste punten van het beleid van de gemeente. De gemeenteraad kiest ook de wethouders en controleert of het college van burgemeester en wethouders (college van B&W) het beleid goed uitvoert. De leden van de gemeenteraad maken de begroting en controleren het financiële jaarverslag van de gemeente.

De gemeenteraad neemt bijvoorbeeld besluiten over: woningbouw, verkeer en vervoer, afval, zorg en jeugdzorg, sport, cultuur en recreatie, onderwijs, werk en inkomen en gemeentelijke belastingen.

De gemeenteraad heeft drie taken:

  • Volksvertegenwoordiging: de naam zegt het al: raadsleden vertegenwoordigen het volk. Een raadslid moet de inwoners vertegenwoordigen. Een raadslid heeft contact met de bevolking om te weten wat er speelt. De gemeenteraad neemt besluiten in het algemeen belang. Verschillende partijen in de raad kunnen verschillende ideeën hebben over een onderwerp.
  • Vaststellen van beleid: gemeenten maken zelf beleid over tal van zaken die worden vastgelegd in beleidsplannen en verordeningen. Meestal doet het college van burgemeester en wethouders (B&W) een beleidsvoorstel, dat de gemeenteraad kan goedkeuren (al dan niet met aanpassingen) of afkeuren. De gemeenteraad heeft ook het budgetrecht. Dat betekent dat de gemeenteraad beslist hoe het geld van de gemeente wordt uitgegeven. Elk jaar stelt de gemeente een begroting op, waarin staat waar het geld naar toe gaat. In de jaarrekening staat of al het geld (goed) is besteed.
  • Controlerende functie: de gemeenteraad controleert B&W of alle taken en plannen van de gemeente goed en binnen het budget zijn uitgevoerd.

Waarover besluit de gemeenteraad?

  • Laten we beginnen met het college van burgemeester en wethouders. Het aantal wethouders van een gemeente is afhankelijk van het aantal raadsleden. Het aantal raadsleden is afhankelijk van het aantal inwoners.
  • Het college van burgemeester en wethouders voert de besluiten van de gemeenteraad uit. Het college voert ook wetten en regelingen van het Rijk en de provincie uit (medebewind). Voorbeelden daarvan zijn de Wet maatschappelijke ondersteuning, de Wet werk en bijstand en de Wet milieubeheer. Het college is verder verantwoordelijk voor de financiën van de gemeente en de organisatie.
  • Iedere wethouder heeft zijn eigen taakgebied, bijvoorbeeld onderwijs of financiën. De wethouder komt op voor de belangen van zijn taakgebied. Wethouders hebben hierover overleg met ambtenaren van het Rijk en de provincie. Ze hebben ook gesprekken met bewoners, bedrijven en organisaties.
  • De gemeenteraad staat aan het hoofd van een gemeente en is daarmee het hoogste bestuursorgaan in de gemeente. De raadsleden beslissen over de plannen van de gemeente en hoeveel die mogen kosten. Dat heeft dus een directe invloed op uw woonomgeving.

Hoe zorgen raadsleden dat ze weten wat er speelt in de gemeente?

De leden van de raad vertegenwoordigen de inwoners. Raadsleden gaan vaak in gesprek met organisaties en inwoners over wat er speelt in de gemeente. U kunt natuurlijk ook zelf contact opnemen met een raadslid over uw vraag of idee. De gemeenteraad vergadert ongeveer één keer per maand en neemt dan besluiten over de voorstellen van de gemeente. Die vergaderingen zijn openbaar. U kunt de vergaderingen bijwonen en vaak ook online volgen. Zo kunt u zelf het werk van de gemeenteraad beoordelen.

Naar 50PlusMobiel >

Vergoeding raads- en commissieleden

De gemeenteraad kan commissies instellen voor ondersteuning en advisering.

Per 1 januari 2026 stijgen de vergoedingen voor raads- en commissieleden. De vergoedingen stijgen met 5,3%. Vergoedingen voor lokale volksvertegenwoordigers worden jaarlijks aangepast; de ‘index cao-lonen overheid’ van het CBS is daarvoor de leidraad.

Stijging vergoeding raadsleden

De verhoging van vergoeding voor raadsleden levert per 1 januari 2026 de volgende wijzigingen op:

Inwonertal Maandelijkse vergoeding
Tot en met 40.000 €1.240,07 -> €1.305,79
40.001 – 60.000 €1.612,85 -> €1.698,33
60.001 – 100.000 €1.887,27 -> €1.987,30
100.001 – 150.000 €2.142,76 -> €2.256,23
150.001 – 375.000 €2.469,14 -> €2.628,44
375.001 en hoger €3.038,94 -> €3.200,00

Stijging vergoeding commissieleden

De verhoging voor commissieleden levert de volgende wijzigingen per 1 januari 2026 op:

Inwonertal Vergoeding per bijgewoonde vergadering
Tot en met 10.000 €77,84 -> €81,97
10.001 – 20.000 €86,05 -> €90,61
20.001 – 50.000 €103,23 -> €108,70
50.001 – 100.000 €127,01 -> €133,74
100.001 – 250.000 €162,24 -> €170.84
250.000 en hoger €205,67 -> €216,56

 

onkostenvergoeding raadsleden

De onkostenvergoeding voor raadsleden gaat met €7,56 omhoog van € 215,94 naar € 223,50.

Vergadermodel en instrumenten gemeenteraad

Besluiten worden uiteindelijk in een raadsvergadering genomen bij meerderheid van stemmen. Voordat een besluit wordt genomen over een verordening, plan of begroting wordt het vaak voor die tijd al besproken. Elke gemeente heeft zijn eigen vergadermodel. Feitelijk kent elk vergadermodel drie fasen om tot besluitvorming te komen: een verkennende, een meningsvormende en een besluitvormende fase. In voorbereidende commissies kunnen naast raadsleden ook andere inwoners namens de fracties worden benoemd. Er kunnen (technische) vragen worden gesteld, inwoners en organisaties kunnen inspreken en er kan met andere fracties en B&W van gedachten worden gewisseld.

De gemeenteraad stelt een Reglement van orde op, waarin ‘huishoudelijke zaken’ worden bepaald. Onder andere hoe vaak er wordt vergaderd, over het quorum en eventueel over het uitspreken van een ambtsgebed. In het reglement staan ook de instrumenten die een raadslid kan inzetten in diens werkveld. Een raadslid kan voor of tegen een voorstel stemmen, maar kan ook een motie en/of amendement indienen om een voorstel te veranderen. Als een amendement wordt aangenomen, dan betekent dat, dat het voorstel wordt aangepast. Een motie roept B&W op ‘iets’ te doen rondom het voorstel. B&W kan een motie naast zich neerleggen (niet uitvoeren).

Een raadslid kan ook een motie vreemd aan de agenda indienen. Dat is een motie over een onderwerp dat niet op de agenda staat. Er bestaat ook de motie van wantrouwen. Die wordt ingediend als een fractie het vertrouwen in een wethouder of het hele college van B&W opzegt. Als die wordt aangenomen door een meerderheid van de gemeenteraad, dan kan de wethouder of B&W haast niet anders dan aftreden. Een lichtere vorm is de motie van treurnis.

Andere instrumenten van de gemeenteraad zijn:

  • Schriftelijke of mondelinge vragen: raadsleden kunnen vragen stellen aan B&W over onderwerpen. Vaak is het om te vragen hoe het komt dat er iets (niet) is gebeurd. En wat de wethouder/B&W er aan gaat doen dat het alsnog (of niet nog een keer) gebeurt. In een raadsvergadering kan een raadslid mondelinge vragen stellen over een (actueel) onderwerp. Dat onderwerp hoeft niet op de agenda te staan. De verantwoordelijk wethouder geeft dan meteen antwoord. Veel gemeenteraden hebben en ‘vragenuurtje’ als vast agendapunt.
  • Interpellatie: een interpellatie geeft een raadslid meer ruimte dan mondelinge vragen. Het is een zwaarder middel.. Er kan een debat over het aangekaarte onderwerp plaatsvinden en andere raadsleden kunnen eveneens het woord voeren.
  • Raadsenquête of raadsonderzoek: een raadsonderzoek is een (vaak diepgravend) onderzoek naar een kwestie. Vaak is dit een politiek gevoelige kwestie. Dit is een instrument met een zware politieke lading. Bij een dergelijk onderzoek kunnen personen die betrokken zijn bij de kwestie door een commissie onder ede gehoord worden.
  • Initiatiefvoorstel: voorstellen in de gemeenteraad worden door ambtenaren gemaakt en komen via het college van B&W op de agenda. Uitzondering is een initiatiefvoorstel van een raadslid. Dit kan zelf (eventueel met hulp van ambtenaren) een voorstel maken over een onderwerp dat deze van belang vindt. De gemeenteraad praat en besluit er over zoals bij voorstellen die via B&W op de agenda komen.

Ondersteuning gemeenteraad

De raad heeft een of meerdere eigen adviseurs. Elke gemeente heeft een raad-griffier en daarnaast eventueel andere (communicatie-)adviseurs en administratieve ondersteuning. Samen vormen zij de griffie van de gemeente. Ook aan andere onderdelen van de ambtelijke organisatie kan ondersteuning worden gevraagd.

Fracties hebben ook recht op ‘ondersteuning’. In de meeste gemeenten betekent dit dat fracties budget krijgen om een iemand in te huren ter ondersteuning van de fracties.

Verder heeft elke gemeente een rekenkamer. Die bestaat uit niet-raadsleden en doet zelfstandig onderzoek naar doelmatigheid van beleid.

Fracties

De gemeenteraad bestaat uit fracties; groepjes personen uit dezelfde politieke partij. Een fractie kan uitéén persoon bestaan, omdat een partij één zetel heeft gehaald bij de verkiezingen of de persoon zich van een fractie heeft afgescheiden. Het vormen van fracties is nergens (wettelijk) vastgelegd. Elk raadslid is onafhankelijk en stemt zonder last. Eenmaal gekozen en beëdigd, kan niemand een raadslid dwingen diens zetel op te geven tot aan de volgende verkiezingen (tenzij niet meer wordt voldaan aan wettelijke vereisten, bijvoorbeeld verhuizen buiten de gemeente).

Ná de verkiezingen: stemmen worden geteld en er wordt gewerkt aan een coalitievorming

Het stembureau telt de stemmen in het stemlokaal

De stemmen die zijn uitgebracht, worden om 21.00 uur, direct na het sluiten van de stembussen, geteld. De stembureauleden tellen de stembiljetten met de hand. Kiezers mogen hierbij aanwezig zijn. De stembureauleden tellen eerst het aantal stemmen per politieke partij. Ze geven de resultaten per partij meteen door aan de gemeente. Zo kunnen de media op de avond van de verkiezingen al een voorlopige uitslag geven. Daarna gaan de stembureauleden door met het tellen van de stemmen per kandidaat. Ongeldige stemmen tellen niet mee. Blanco stemmen tellen alleen mee voor de opkomst.

De stembureaus noteren alle resultaten van de tellingen in een verslag, het proces-verbaal. Ook als kiezers tijdens het stemmen of het tellen zaken zien die niet goed gaan, wordt dat in het proces-verbaal genoteerd.

De gemeente telt de stemmen van de stembureaus

Alle stembureaus brengen hun papieren proces-verbaal naar hun gemeente. De gemeente telt de uitslagen van alle stembureaus bij elkaar op. Hiervoor gebruikt ze een softwareprogramma. De resultaten noteert de gemeente in een verslag. Vervolgens worden alle processen-verbaal van de stembureaus en de uitslagen van de gemeente op de website van de gemeente gepubliceerd.

Het gemeentelijk centraal stembureau berekent ook het aantal zetels per partij, de restzetels en welke kandidaten gekozen zijn. Krijgt een partij drie zetels, dan komen de eerste drie mensen van de kieslijst in de gemeenteraad, tenzij iemand op de kieslijst de voorkeursdrempel haalt en dus met voorkeursstemmen is gekozen. Dan komt nummer drie niet in de gemeenteraad, maar de persoon met de voorkeursstemmen. Zolang personen onder de voorkeursdrempel blijven, verschuift niemand op de lijst.

Het centraal stembureau maakt de officiële uitslag bekend

De gemeente (het centraal stembureau) maakt alle resultaten bekend in een openbare zitting. Hier wordt bekendgemaakt wat de opkomst van de herindelingsverkiezingen was, hoeveel geldige stemmen zijn uitgebracht en hoeveel mensen via een volmacht hebben gestemd. Verder maakt het centraal stembureau bekend naar welke partijen de zetels gaan, en naar welke kandidaten. Bezwaren worden in het proces-verbaal van de zitting genoteerd. Meteen na de zitting publiceert de gemeente het proces-verbaal met de verkiezingsuitslagen. Ook zijn die wat later terug te vinden in de Databank verkiezingsuitslagen van de Kiesraad.

Het centraal stembureau maakt de officiële uitslag bekend

De gemeente (het centraal stembureau) maakt alle resultaten bekend in een openbare zitting. Hier wordt bekendgemaakt wat de opkomst van de herindelingsverkiezingen was, hoeveel geldige stemmen zijn uitgebracht en hoeveel mensen via een volmacht hebben gestemd. Verder maakt het centraal stembureau bekend naar welke partijen de zetels gaan, en naar welke kandidaten. Bezwaren worden in het proces-verbaal van de zitting genoteerd. Meteen na de zitting publiceert de gemeente het proces-verbaal met de verkiezingsuitslagen. Ook zijn die wat later terug te vinden in de Databank verkiezingsuitslagen van de Kiesraad.

Hertellen van de stemmen

Soms blijkt dat er misschien fouten zijn gemaakt bij het tellen. Dat kan bij één stembureau zijn gebeurd of bij meerdere. Het centraal stembureau kan dan besluiten om opnieuw te laten tellen. Ook de (oude) gemeenteraad kan daarna nog besluiten om een hertelling te organiseren.

In een uitzonderlijk geval kan de (oude) gemeenteraad ook beslissen om een herstemming te organiseren. Dan moet een deel van de kiezers opnieuw gaan stemmen, of zelfs alle kiezers.

Als de leden van de nieuwe gemeenteraad eenmaal zijn benoemd, dan staat de uitslag definitief vast.

Het gemeentelijk centraal stembureau verdeelt de zetels en restzetels over de partijen. Dat gebeurt op basis van de uitgebrachte geldige stemmen. Blanco en ongeldige stemmen doen hierin dus niet mee. Eerst berekent het centraal stembureau de kiesdeler, door het totale aantal uitgebrachte geldige stemmen te delen door het aantal raadszetels. Het aantal ‘volle’ zetels dat een partij krijgt, is gelijk aan het aantal keren dat de kiesdeler is gehaald. Daarna kan een partij nog restzetels krijgen.

Zetelverdeling (‘volle zetels’)

De zetels worden als volgt verdeeld:

  1. Het centraal stembureau berekent de stemtotalen van alle deelnemende partijen, voor de partijen (lijsten) en voor de kandidaten.
  2. Het centraal stembureau berekent de kiesdeler. Dat gebeurt door het totaal aantal geldige stemmen te delen door het aantal raadszetels. Het resultaat van deze deling wordt de kiesdeler genoemd.
  3. Het centraal stembureau berekent hoe vaak de partijen de kiesdeler hebben gehaald. Het resultaat van deze deling bepaalt het aantal volle zetels dat partijen krijgen.
  4. Het centraal stembureau berekent hoeveel zetels er nog over zijn na de verdeling van de ‘volle zetels’. Dit worden restzetels genoemd.

Restzetels

Het centraal stembureau berekent welke partijen restzetels krijgen. In grote gemeenten met 19 of meer raadszetels worden restzetels verdeeld volgens het ‘systeem van de grootste gemiddelden’. In kleine gemeenten met minder dan 19 raadszetels worden ze verdeeld volgens het ‘systeem van de grootste overschotten’ (bij gemeenten).

Bijzondere situaties: volstrekte meerderheid en lijstuitputting

Heeft een partij meer dan de helft van alle stemmen (dus een ‘volstrekte meerderheid’) maar niet meer dan de helft van de zetels? Dan krijgt deze een (rest)zetel extra.

Heeft een partij bij de uitslagvaststelling niet voldoende kandidaten beschikbaar om de zetels te bezetten? Dan gaan deze ‘overtollige’ zetels naar andere partijen. De zetels worden volgens de restzetelverdeling verder verdeeld.

Het smeden van een coalitie- of een raadakkoord

Na de verkiezingen vormen een aantal fracties samen een coalitie die samen meer dan de helft van het aantal raadszetels vertegenwoordigt. Zij stellen een coalitieakkoord op met de belangrijkste zaken die men de komende jaren wil bereiken. Deze fracties leveren ook de wethouders die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van het coalitieakkoord. De andere fracties vormen de oppositie. In plaats van een coalitieakkoord met een select aantal partijen, kan ook een raadakkoord worden gesloten. Daarmee committeert de hele gemeenteraad zich aan bepaalde thema’s voor de komende vier jaren.

Deelbesturen Amsterdam en Rotterdam

Amsterdam en Rotterdam kennen naast de (centrale) gemeenteraad bestuurscommissies (Amsterdam) en wijkraden (Rotterdam). Amsterdam kent zeven stadsdelen en het stadsgebied Weesp met elk een algemeen en een dagelijks bestuur. Zij voeren taken uit namens het stadsbestuur.

De 39 Rotterdamse wijkraden beslissen over zaken die in hun wijk spelen. Inwoners vanaf 16 jaar kunnen zich verkiesbaar stellen. Uit enquêtes van het Algemeen Dagblad en de gemeente zelf in 2025 bleek dat wijkraadsleden niet tevreden zijn over het model. Een op de drie wijkraadsleden was inmiddels gestopt.

En nu naar ú: belangrijke informatie om deel te nemen aan de gemeenteraadsverkiezingen

U kunt voor de gemeenteraadsverkiezingen alleen stemmen in de gemeente waar u woont.

Informatie over partijen en kandidaten waar u op kunt stemmen

Informatie over welke politieke partijen en kandidaten meedoen aan de verkiezing in uw gemeente, vindt u vaak op de website van uw gemeente. U ontvangt voor de verkiezing thuis een overzicht met alle kandidaten waarop u kunt stemmen.

Stembureaus in uw gemeente vinden

  • Kijk op de website van uw gemeente welke stembureaus bij u in de buurt zijn.
  • Vóór de verkiezing ontvangt u ook thuis een overzicht met de adressen van alle stembureaus in de gemeente. Op dit overzicht staan ook de stembureaus waar mensen met een lichamelijke beperking goed terechtkunnen.
  • De meeste stembureaus zijn op 18 maart 2026 open van 7.30 uur tot 21.00 uur.

Stemmen in uw eigen gemeente met uw stempas en een geldig identiteitsbewijs

Als u 18 maart 2026 gaat stemmen, moet u uw stempas en een geldig identiteitsbewijs meenemen. U ontvangt uw stempas uiterlijk 4 maart 2026 thuis in de brievenbus. Met de stempas kunt u uw stem uitbrengen in elk stemlokaal binnen uw gemeente.

Bent u uw stempas kwijt of heeft u de stempas op 4 maart 2026 nog niet gekregen? Vraag dan zo snel mogelijk een nieuwe stempas aan bij uw gemeente.

Nieuwe stempas aanvragen

  • Stempas aanvragen aan de balie
    U kunt een nieuwe stempas aan de balie van uw gemeente aanvragen. U heeft hierbij uw identiteitsbewijs nodig, of een kopie daarvan. Aan de balie een nieuwe stempas aanvragen kan tot dinsdag 17 maart 2026 12.00 uur.
  • Stempas aanvragen met een formulier
    U kunt een nieuwe stempas aanvragen met een formulier tot en met 13 maart 2026. U kunt dat aanvraagformulier gratis halen bij de balie van uw gemeente of downloaden via de website van de gemeente. Het ingevulde formulier moet uiterlijk 13 maart 2026 ontvangen zijn door uw gemeente.

Identiteitsbewijs

Om te kunnen stemmen heeft u ook uw identiteitsbewijs nodig. Dit kan uw paspoort, identiteitskaart, rijbewijs of verblijfsvergunning van Nederland zijn. Uw identiteitsbewijs mag maximaal 5 jaar verlopen zijn. Kijk hiervoor op uw identiteitsbewijs bij ‘geldig tot’. Staat daar 19 maart 2021 of een datum daarna? Dan mag u het identiteitsbewijs nog gebruiken om te stemmen.

U kunt ook een van de volgende documenten laten zien:

  • een paspoort, identiteitskaart of rijbewijs uit een een EU-lidstaat of EER-land;
  • een paspoort of identiteitskaart uit Zwitserland.

Meer informatie over hoe u zich kunt identificeren (bewijzen wie u bent) bij de gemeenteraadsverkiezingen leest u op de website van de Kiesraad.

Identiteitsbewijs verlopen

  • Heeft u geen identiteitsbewijs of is dat meer dan 5 jaar verlopen? Vraag dan op tijd een nieuw identiteitsbewijs aan.
  • Kunt u niet meer op tijd een nieuw identiteitsbewijs aanvragen? Dan kunt u iemand anders vragen om voor u te stemmen. Vraag hiervoor een machtigingsformulier aan bij uw gemeente.

Identiteitsbewijs gestolen of kwijt

Is uw identiteitsbewijs gestolen of bent u het kwijt? Met een verklaring van vermissing kunt u toch stemmen. U kunt deze verklaring aanvragen bij de gemeente. Neem dan ook een pasje met uw foto mee. Bijvoorbeeld een persoonlijke OV-chipkaart.

Toegankelijkheid stembureaus voor mensen met een beperking

  • Iedereen die wil stemmen, moet dat kunnen doen. Alle stemlokalen moeten daarom toegankelijk en goed bereikbaar zijn. Ook hebben stemlokalen hulpmiddelen om stemmen makkelijker te maken. Bijvoorbeeld een vergrootglas met verlichting en een stemhokje met een lage tafel voor mensen in een rolstoel.
  • Sommige gemeenten hebben een stemlokaal met een speciale stemmal met audio-ondersteuning. Hiermee kunt u zelfstandig stemmen. Op de website van uw gemeente of op Waarismijnstemlokaal.nl ziet u welke stembureaus een stemmal hebben.
  • Op waarismijnstemlokaal.nl staat welke stembureaus (extra) makkelijk bereikbaar zijn voor bijvoorbeeld mensen in een rolstoel of waar hulpmiddelen voor blinden en slechtzienden beschikbaar zijn.
  • Stembureaus moeten toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel. Ze hoeven niet toegankelijk te zijn voor mensen in een scootmobiel, omdat die meestal nog een paar stappen kunnen lopen. Stembureauleden kunnen een stoel zetten in het stemhokje met het verlaagde schrijfblad. Zo kunt u zitten terwijl u stemt.
  • U kunt ook navragen bij uw gemeente welke stembureaus toegankelijk zijn voor mensen met een beperking.

Hulp in stemhokje voor kiezers met een lichamelijke beperking

  • Kunt u door een lichamelijke beperking niet zelf stemmen, bijvoorbeeld omdat u geen potlood kunt vasthouden off omdat u niet of heel slecht ziet? Dan mag iemand u helpen in het stemhokje.
  • U mag zelf iemand meenemen om te helpen. U mag ook vragen om hulp aan iemand die in het stemlokaal werkt.

Mobiele stembureaus zijn niet altijd toegankelijk

  • Voor mobiele stemlokalen en stemlokalen op stations zijn andere regels. Sommige van deze stemlokalen zijn bijvoorbeeld minder goed bereikbaar. Op nl ziet u welke stemlokalen dat zijn.
  • Als het niet lukt om alle stembureaus in een gemeente toegankelijk te maken, dan moet het college van burgemeester en wethouders van die gemeente de gemeenteraad daarover informeren.

Hoe kunt u iemand anders vragen om voor u te stemmen? (machtigen)

Kunt u zelf niet stemmen? Bijvoorbeeld omdat u ziek bent of op vakantie bent? Dan mag u iemand anders vragen om voor u te stemmen. Dit heet machtigen.

U kunt op 2 manieren iemand vragen om voor u te stemmen:

·        Met een stempas (via een onderhandse volmacht)

  • Met een formulier (schriftelijke volmacht)

Let op: U mag alleen zelf iemand anders vragen om voor u te stemmen. Andere mensen mogen dus niet aan u vragen of zij voor u mogen stemmen. En u mag ook niet aan andere mensen vragen of u voor ze mag stemmen. Dat heet ook wel ronselen van volmachten en dat is strafbaar.

Wilt u iemand machtigen, maar kunt u geen handtekening zetten?

  • Wilt u iemand machtigen, maar kunt u geen handtekening zetten en staat op uw identiteitsdocument ’niet in staat tot tekenen’? Dan kunt u iemand machtigen om voor u te stemmen zonder handtekening. U hoeft de schriftelijke volmacht of de machtiging via uw stempas dan niet te ondertekenen.
  • De gemeente of het stembureau controleert of de opmerking ‘niet in staat tot tekenen’ ook in uw identiteitsdocument staat. Als dat zo is, kan iemand anders voor u stemmen.

Hoe maakt u een veilige kopie van uw identiteitsbewijs?

Wilt u een andere kiezer machtigen om voor u te stemmen? Dan moet die persoon uw stempas en een kopie van uw identiteitsbewijs meenemen naar het stembureau. Dat mag ook een goed leesbare afbeelding van uw identiteitsbewijs zijn op een smartphone of tablet.

Veilige kopie maken met KopieID-app

Met de KopieID-app van de Rijksoverheid maakt u veilig een kopie. De app is gratis. Download de KopieID-app in de Apple App Store of Google Play Store. De app is van de Rijksoverheid.

U kunt dan:

  • uw foto onzichtbaar maken;
  • uw burgerservicenummer (bsn) onleesbaar maken;
  • een watermerk toevoegen met de datum en het doel van de kopie.

Deze gegevens moet u wél laten staan:

  • uw naam;
  • geboortedatum;
  • handtekening;
  • ‘geldig tot’-datum van uw document.

Gemachtigden mogen voor maximaal 2 andere kiezers met een volmacht stemmen

Dit kan alleen tegelijk met het uitbrengen van uw eigen stem. U krijgt dus maximaal 3 stembiljetten mee in het stemhokje: 1 voor uw eigen stem en 2 voor de personen voor wie u met een volmacht stemt.

Hieronder een onlangs gepubliceerd artikel van nos.nl

Ondanks toename bedreigingen en intimidatie willen meeste raadsleden door (bron: nos.nl)

“Driekwart van de gemeenteraadsleden is herkiesbaar bij de verkiezingen op 18 maart, evenveel als vier jaar geleden. Opmerkelijk, want de agressie, intimidatie en bedreiging die raadsleden ervaren is sindsdien meer dan verdubbeld. Dat blijkt uit onderzoek van de regionale omroepen en de NOS, in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel van nos.nl.

Raadsleden leveren in de regel graag een bijdrage aan de lokale samenleving. Ze geven aan er bevrediging in te vinden. 86 Procent van hen is blij met het bereikte resultaat in de afgelopen raadsperiode. Wat de tijdsinvestering betreft: de grootste groep is er zo’n 20 uur per week mee bezig. 42 Procent van de raadsleden heeft naast het raadlidmaatschap een fulltime baan. De werkdruk en het tijdgebrek worden dan ook als de belangrijkste reden aangegeven om te stoppen

Een derde van de raadsleden heeft afgelopen bestuursperiode bovendien te maken gehad met agressie, bedreiging of (verbaal) geweld. Dat is ruim twee keer zoveel als in 2022 en ruim zes keer zoveel als in 2015. De intimidatie heeft ook effect, want van de bedreigden geeft 30 procent aan dat het invloed heeft op hun functioneren. Dat was vier jaar geleden nog 25 procent.

Vrouwen vaker bedreigd

Vrouwen worden vaker dan mannen bedreigd en uitgescholden. Online bedreigingen, agressie op straat, anonieme doodsverwensingen in de mail – het is bijna gewoon geworden, zeggen raadsleden.

Actief als volksvertegenwoordiger

Elk geval van agressie en intimidatie is er een te veel, zegt Abdullah Uysal, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. “Samen met het ministerie en andere organisaties proberen wij deze uitwassen te voorkomen én nazorg te bieden, wanneer het onverhoopt toch gebeurt.” Dat het merendeel van de raadsleden nog altijd positief is over het raadslidmaatschap, herkent hij ook. “Het stemt ons positief dat er nog zo veel mensen actief willen zijn als volksvertegenwoordiger op lokaal niveau.”

Het onderzoek

Nederland telt zo’n 8000 gemeenteraadsleden. In samenwerking met de NOS en de regionale omroepen vroeg de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden al haar leden een vragenlijst over hun werk in te vullen. Van hen hebben 1013 mensen gereageerd; 66 procent was man, 34 procent vrouw, redelijk in lijn met de verhouding in de gemeenteraden (64-36 procent).

Het gemiddelde raadslid is 55 jaar oud. De helft van de raadsleden is actief in gemeenten met minder dan 40.000 inwoners, de andere helft in gemeenten groter dan 40.000 inwoners. 40 procent van de respondenten heeft er nu één termijn opzitten, de rest zit langer dan vier jaar in de gemeenteraad.

Meer weten over de gemeenteraad? Kijk op de website van uw gemeente.

Meer weten over het werk van raadsleden? Kijk dan op www.raadsleden.nl

(bronnen: rijksoverheid.nl, wikipedia.nl, kiesraad.nl, raadsleden.nl, kiesraad.nl, detelegraaf.nl, cbs.nl, nos.nl)

Lees meer over: