AOWeetjes november 2025

Hieronder treft u een aantal nieuwsberichten aan die voor u van belang (kunnen) zijn. Het is slechts een greep uit de vele. AOW.nu heeft geprobeerd de belangrijkste over de periode oktober 2025 er uit te filteren.

Klik snel door naar:

ECONOMIE EN FINANCIËN

‘Schrijnend beeld: gepensioneerden zien inkomen al jaren achterblijven ten opzichte van anderen’ (bron: bnr.nl)

De inkomenspositie van ouderen staat de laatste jaren onder druk. Bnr.nl dook daarom in de koopkrachtcijfers van het CBS. De statistieken van het CBS tonen diverse classificaties. Dit artikel richt zich op vier groepen: werknemers, zelfstandigen, gepensioneerden en mensen met een bijstandsuitkering en beslaat daarmee een overgrote meerderheid van de bevolking. De cijfers betreffen de mediane koopkrachtontwikkeling van elke groep. De gebruikte statistiek gaat terug tot 2012.

Vanaf 2012 tot en met 2024 ging de koopkracht van de gehele bevolking er bijna 15 procent op vooruit. Echter, de verschillen tussen de diverse groepen zijn groot. Het eerste plaatje laat de jaarlijkse koopkrachtontwikkeling zien ten opzichte van dat gemiddelde. Wat opvalt is dat de koopkracht van gepensioneerden in elk jaar achterblijft bij het gemiddelde van de totale bevolking.

Afbeelding1

(bron: CBS)

De AOW is gekoppeld aan het minimumloon. De afgelopen jaren werd het minimumloon een aantal keren fors verhoogd. Dat leidde tot de discussie of de AOW overeenkomstig moest worden verhoogd. Weliswaar werd de koppeling gehandhaafd, maar uiteindelijk bleef daar weinig van over. Fiscale maatregelen verminderden het voordeel voor gepensioneerden.

Het tweede plaatje is gebaseerd op dezelfde cijfers en schetst hoe de koopkracht van de vier groepen zich vanaf 2012 cumulatief heeft ontwikkeld. Het beeld is schokkend te noemen! Werknemers zagen hun koopkracht over deze periode per saldo met ruim 33 procent stijgen, terwijl de mediane koopkracht van gepensioneerden juist iets daalde.

Afbeelding2

(bron: CBS)

Geen indexatie

Het inkomen van gepensioneerden bestaat voornamelijk uit de AOW en de uitkering(en) van pensioenfondsen. In 2024 werd circa 47 miljard aan pensioenuitkeringen besteed. Het totale bedrag dat aan AOW werd uitgekeerd bedroeg in 2024 een paar miljard meer, namelijk 52 miljard euro. Weliswaar wordt de AOW geïndexeerd, de pensioenfondsen daarentegen indexeerden vanaf 2012 nauwelijks of niet. Het uitblijven daarvan veroorzaakt een achterblijven van de koopkracht.

De schrijnende resultaten die te zien zijn in de plaatjes hierboven tonen aan dat de gedachte dat de inkomens van de gepensioneerden wel wat minder kunnen, nogal misplaatst of tenminste achterhaald zijn.

In het artikel staat verder: “Gepensioneerden klagen niet snel, anders had 50Plus veel meer zetels gehaald dan de twee die ze bij de laatste verkiezingen in de wacht wisten te slepen, dunkt me. Hoe dat komt, weet ik niet precies. Ik ben zelf officieel gepensioneerd en zie maandelijks zowel de aow als een pensioenuitkering op mijn bankrekening verschijnen. Eigenlijk geneer ik me er een beetje voor, want ik ontvang dat geld zonder dat ik er iets voor doe. Dan herinner ik mij eraan dat ik mijn hele werkzame leven betaald heb aan de aow en de pensioenvoorziening en dat ik uiteraard ook gewoon belasting betaal over dat inkomen.”

Met de auteur hiervan is AOW.nu het helemaal eens. Derhalve is dit artikel ook één-op-één overgenomen.

’Inkomenspositie ouderen krijgt klap op klap (bron: bnr.nl)

‘Ook dit jaar staat Nederland weer bovenaan in de onlangs gepubliceerde Global Pension Index als het land met het beste pensioenstelsel in de wereld. Deze door Mercer (Australië) (nu in samenwerking met het CFA Institute) sinds 2009 opgestelde lijst is een vergelijking van pensioenstelsels. Dit jaar beslaat de lijst 52 landen. Behalve in 2020, toen we derde stonden, hebben we altijd in de top-2 gestaan. Vanaf 2023 staan we bovenaan. Je zou het niet denken als je al het gedoe hoort rondom pensioenen en de aow.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

‘De overgang naar het nieuwe pensioenstelsel zal de inkomenspositie van ouderen verder beïnvloeden’, zo meent Han de Jong, de huiseconoom van BNR.

Het oude pensioensysteem met de strenge indexatieregels, maakte dat de meeste pensioenen al jaren maar zeer ten dele en zelfs bij veel fondsen helemaal niet, werden geïndexeerd. Dat heeft gevolgen op de inkomenspositie van ouderen.

De OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) publiceert elke twee jaar ‘Pensions at a Glance’, dat een schat aan informatie bevat en internationale en historische vergelijkingen mogelijk maakt. Helaas is de editie van 2023 de meest recente. Die van 2025 zal binnenkort wel op de mat vallen. De publicatie van OESO verstrekt informatie over armoede onder ouderen. Maar wat is armoede? De OESO definieert: een inkomen dat minder dan de helft is van het mediane inkomensniveau waarvan een vergelijkbaar standaard huishouden moet leven.

De dekkingsgraden van de pensioenfondsen daalden sterk in 2007. Tot die tijd was de aldus gedefinieerde armoede onder ouderen in Nederland veel lager dan de ons omringende landen. alhoewel de armoede onder 65-plussers in Nederland in 2020 nog steeds relatief laag is, vergeleken met veel andere landen, zijn we toch aanzienlijk gezakt. Weliswaar laat het diagram hieronder zien dat de relatieve inkomenspositie van ouderen in de meeste landen in 2020 verbeterde, vergeleken met 2007, bij ons aanzienlijk verslechterd. De armoedegraad onder 65-plussers in Nederland was ook zeker niet meer de laagste van deze landen.

Afbeelding3

Bron: Oeso, ‘Pensions at a Glance 2013’, tabel 5.3, p. 165 en ‘Pensions at a Glance 2023’, tabel 7.2, p. 199

Bovendien verschaft de OESO ook gegevens, uitgesplitst naar leeftijdsgroep. En wat blijkt? De relatieve inkomenspositie van 75-plussers is nog veel sterker verslechterd. Met een armoedegraad van 1,7 procent in 2007, bedroeg deze in 2020 wel 9,7 procent. Nederland is daarmee het enige land uit de getoonde reeks waar de armoedegrens onder de 75-plussers toenam en niet zo’n klein beetje!

Afbeelding4

Bron: Oeso, ‘Pensions at a Glance 2013’, tabel 5.4, p. 165 en ‘Pensions at a Glance 2023’, tabel 7.2, p. 199

Het nieuwe pensioenstelsel zal de inkomenspositie van ouderen verder beïnvloeden. Voor ouderen immers, zo melden de pensioenfondsen, zal tamelijk risicoloos worden belegd. Immers, voor ouderen is er weinig tijd om eventuele verliezen te compenseren.

Bij risicoloos beleggen wordt een groot deel van het vermogen belegd in obligaties. Gevolg en probleem daarbij is dat het effectieve rendement van obligaties in reële termen al een hele poos uiterst laag of zelfs negatief is. Indien hierin geen verandering optreedt, is de kans op indexatie van de pensioenen van ouderen in de toekomst miniem. Dat betekent een nieuwe tegenvaller voor ouderen.

Veel fondsen zullen een deel van hun buffers bij het invaren, hetzij ineens, hetzij gespreid, kunnen uitkeren. Dat is weliswaar een gedeeltelijke compensatie, ware het niet dat die uitkering veelal wordt verdeeld onder alle deelnemers.

Afhankelijk van de verkiezingsuitslag kan een nieuwe regering de AOW versoberen. Dat zou een derde tegenvaller betekenen.

Inflatie in Nederland daalt licht naar 3,1 procent: ‘Vooral door lagere energieprijzen’(bron: bnr.nl)

‘De inflatie is in oktober uitgekomen op 3,1 procent. Dat blijkt uit de snelle raming van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). En dat betekent dat het inflatiecijfer licht gedaald is ten opzichte van september, toen de inflatie 3,3 procent was. Volgens Peter Hein van Mulligen, hoofdeconoom bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), is de lichte daling vooral te wijten aan de prijsdaling van energie, zoals benzine en diesel.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel van bnr.nl.

Van Mulligen meent dat de 3,1 procent een indicatie is dat het inflatiecijfer de goede kant opgaat. Hij geeft aan: ‘De stijging die we vorige maand zagen, was een flinke klap.’ Volgens de hoofdeconoom speelden daar ook incidentele factoren in mee, zoals de vakanties. ‘Je hoopt dat dat de volgende maand verdwijnt, maar dat is niet helemaal het geval. Het lijkt erop dat vliegtickets opnieuw sterker in prijs zijn gestegen.’

3,8 Procent bedroeg de prijsstijging van voedingsmiddelen, dranken en tabak. In de dienstensector bedroeg de stijging 4,5 procent. 0,4 Procent bedroeg de stijging van industriële goederen. De stijging van de diensteninflatie liep op van 4,1 naar 4,5 procent en is daarmee de hoogste diensteninflatie in zes maanden. Een inflatie boven de 4 procent, wordt gezien als een reden voor zorg.

Energie en brandstof kenden in oktober een prijsstijging van 2,1 procent. Van Mulligen meent dat de prijs van benzine en diesel iets is gedaald. ‘Ook bij stroom en gas zien we een afname.’ Volgens hem is energie een belangrijke factor voor de lichte daling van het inflatiecijfer. Hij ziet dat de energiemarkt een zeer beweeglijke markt is. Dat betekent dus afwachten wat de markt zal gaan doen na bijv. Amerikaanse sancties op Russische olie. ‘Dan zullen we dat aan de pomp merken, dus dat is wat onzeker.’

Het is van belang te kijken naar de strategie van de OPEC-landen. Die willen al langer hun marktaandeel terughalen. Ze hoeven niet noodzakelijkerwijs de hoogste prijs te hebben. Dat betekent een geleidelijke opvoering van de productie met als mogelijk gevolg dat er op korte termijn een neerwaartse druk op de olieprijs plaatsvindt.

Ook bij industriële goederen is sprake van een prijsdaling. ‘We zien dat de inflatie bij vrijwel alle goederen, behalve energie en voeding, wat afneemt.’ Toch ligt het cijfer nog altijd duidelijk boven de doelstelling van de Europese Centrale Bank van 3 procent. Volgens de hoofdeconoom lijkt Nederland bovendien iets boven het Europese gemiddelde te zitten met het inflatiecijfer.

Vertrouwen consument verbetert verder in oktober (bron: cbs.nl)

Het vertrouwen van consumenten is in oktober minder negatief dan in september, meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het consumentenvertrouwen stijgt van -32 in september naar -27 in oktober. Dat is de grootste verbetering in bijna 2 jaar. Zowel het oordeel over het economisch klimaat als de koopbereid is minder negatief.

Een consumentenvertrouwen van -27 in oktober. Dat is onder het gemiddelde van de afgelopen 20 jaar (-10). Het consumentenvertrouwen wordt elke maand gemeten op basis van het consumentenconjunctuuronderzoek. Dit is een gemiddelde van 5 deelvragen, waarbij van elke vraag het saldo van positieve en negatieve antwoorden wordt opgenomen. Indien alle consumenten positief zijn, is het saldo 100. Indien ze daar tegenover allen negatief zijn, is het saldo – 100.

Consumenten zijn minder negatief over het economische klimaat

In oktober zijn consumenten minder negatief over de economie dan in september. De deelindicator economisch klimaat stijgt van -53 naar -46. Ook het oordeel van de economische situatie in de komende twaalf maanden, evenals het oordeel over de economische situatie in de afgelopen twaalf maanden, is verbeterd.

Koopbereidheid verbetert

-14 Was de koopbereidheid in oktober. In september was dit -18. Over de komende twaalf maanden is het oordeel over de financiële situatie positiever. Het oordeel over de financiële situatie in de afgelopen 12 maanden was minder negatief. Bovendien vinden consumenten de tijd voor het doen van grote aankopen in oktober minder ongunstig dan in september..

ENERGIE

Geef geen volmacht af voor energiecontract, waarschuwt toezichthouder (bron: nos.nl)

Steeds vaker proberen telefonische energieverkopers een volmacht te krijgen om energiecontracten af te sluiten. Dit geldt zowel voor consumenten als ondernemers. Dit blijkt uit steeds meer klachten die ingediend worden bij de toezichthouder Consument & Markt (ACM). Vaak gebeurt dit tegen condities die vooral aantrekkelijk zijn voor de energievérkoper. Derhalve doet ACM een oproep om extra alert te zijn als iemand telefonisch contact opneemt om een nieuw energiecontract te verkopen.

“Telefonische verkoop waarbij volmachten worden gebruikt, maakt het risico op misleiding nog groter”, waarschuwt ACM-bestuurslid Manon Leijten. “We zien dat consumenten en ondernemers hierdoor vaak vastzitten aan contracten die zij niet bewust hebben gekozen.”

Onduidelijkheid over inhoud volmacht

ACM geeft aan dat er in de basis niets mis is met een volmacht. Dat geldt bijv. voor situaties waarin iemand zaken regelt voor iemand die dat zelf niet meer kan (bijv. vanwege ziekte of afwezigheid). Volmachten zijn echter niet bedoeld voor telemarketeers die voor een vergoeding energiecontracten verkopen, zo geeft ACM nadrukkelijk aan.

Uit de klachten die ACM ontving, blijkt dat verkopers niet altijd duidelijk zijn over de consequenties van het afgeven van een volmacht. Achteraf ontdekken consumenten en bedrijven pas dat zij plotseling vastzitten aan een andere energieleverancier én daarnaast een hoge boete moeten betalen voor het opzeggen van het contract bij de oude leverancier.

Bovendien vragen verkopers vaak hoge boetes om de volmacht weer in te trekken of de overstap naar een nieuwe energieleverancier te annuleren. Dat mag helemaal niet, concludeert ACM. Een volmacht mag namelijk op élk moment kosteloosworden ingetrokken.

Ongevraagde telefoontjes

Al eerder waarschuwde ACM voor telefonische verkopers van energiecontracten. Energiecontracten die via de telefoon worden verkocht, zijn eigenlijk nooit het beste aanbod voor consumenten en ondernemers, zo leert de ervaring.

“Energiecontracten zijn ingewikkelde producten die je niet via een (ongevraagd) telefoongesprek af moet sluiten”, zegt bestuurslid Leijten.

Bij ACM is al een onderzoek gaande of bedrijven die telefonische energiecontracten verkopen, zich wel aan nieuwe strenge regels houden. Onderzoek van ACM wijst uit dat één op de vier huishoudens het afgelopen jaar telefonisch benaderd is over een nieuw energiecontract.

Nagenoeg de helft van de consumenten voelt zich onder druk gezet om toe te geven. ACM wenst een verbod op de praktijken. Het is afwachten.

19 Procent kiest energiecontract door vergelijkingssite (bron: bright.nl)

‘Een energiecontract kiezen? Dat doen we lang niet allemaal door even een vergelijkingssite in te vullen. Uit onderzoek komt naar voren dat 19 procent van de mensen hiervoor een vergelijker gebruikt. Sommige energiemaatschappijen krijgen de helft van hun klanten dankzij dit soort vergelijkingssites.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Aan het einde van het jaar bekijken mensen in de regel hun financiën voor het nieuwe jaar, waaronder de zorgverzekering, de lidmaatschappen en de contracten die de huishouding heeft afgesloten. Ook het energiecontract passeert daarbij de revue. En wat blijkt? Bijna 1 op de 5 Nederlanders kiest een energiecontract naar aanleiding van een prijsvergelijker.

Vergelijkingssites helpen bij het inzichtelijk maken van de verschillen tussen de energieleveranciers. Hier is enige voorzichtigheid op zijn plaats: er zijn ook vergelijkingssites die minder onafhankelijk zijn. Ze zetten hierdoor onterecht bepaalde leveranciers vaker in de schijnwerpers.

De meest populaire vergelijkingssite is Independer, vervolgens gaslicht.com en de Consumentenbond. Sommige minder bekende energieleveranciers ontvangen zelfs de helft van hun klanten dankzij vergelijkingssites.

In 2024 veranderden 1,3 miljoen Nederlandse huishoudens van energieleverancier. De meeste overstappers gingen naar ANWB. ANWB kreeg in totaal 7 procent van de overstappers. Vermeldenswaard is dat ANWB, dat zich nog niet zo lang op deze markt beweegt, uitsluitend een dynamisch energiecontract aanbiedt.

U kunt hier uw energiecontract via onze energiemodule vergelijken

Goed nieuws voor portemonnee: energierekening zal stuk betaalbaarder worden

De energierekening zal volgend jaar voor een gemiddeld huishouden een stuk betaalbaarder zijn. Dat blijkt uit nieuwe ramingen van ING Research. Geopolitieke ontwikkelingen en verduurzaming hebben een positief effect op de energiekosten. Volgens Marten van Garderen, econoom van ING Research ‘verbetert de betaalbaarheid van energie voor een gemiddeld huishouden.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel van bnr.nl.

‘We zien dat volgend jaar de energieprijzen kunnen gaan meevallen. En tegelijkertijd zien we dat de inkomens gewoon doorstijgen. Dus dat betekent dat de energierekening flink kan gaan meevallen.’ Uit onderzoek blijkt dat een huishouding met een gemiddeld energieverbruik naar verwachting 4 procent minder voor gas en stroom hoeft te betalen. Voor huishoudens die geen gas gebruiken, zou het voordeel zelfs kunnen stijgen tot 9 procent.

Oorzaken voor de lage tarieven zijn o.a. de daling van de lagere variabele leveringstarieven, de groei van het aanbod van gas op de internationale markt vanwege de uitbreiding van de capaciteit voor vloeibaar gemaakt aardgas (lng). ‘Dat betekent dat de gasprijs mogelijk gaat dalen, en dan gaan de prijzen op de wereldmarkt dalen. En dat zien consumenten terug in hun tarieven en uiteindelijk op de energierekening’, zegt Van Garderen.

Geopolitieke resulteerden in flinke stijgingen van de energieprijzen. ‘Maar op dit moment zien we dat we onze energie ergens anders vandaan halen. En daarmee minder afhankelijk worden van Russisch gas.’ Van Garderen meent dat het effect zou kunnen zijn dat de gasprijzen zullen dalen.

Voor huishoudens die hun tarieven hebben vastgezet kan de rekening hoger uitvallen. ‘Het is lastig om te analyseren hoe dat uitpakt.’

Dit verandert er aan jouw energierekening per 1 januari 2026 (en dit zijn de gevolgen) (bron: energievergelijk.nl)

Aangepaste belastingen en tariefwijzigingen per 1 januari 2026 zorgen voor een wijzigend maandbedrag. Onderstaand een overzicht van de wijzigingen, aandachtspunten en de gevolgen voor uw huishouding.

Belasting op gas gaat omhoog

De energiebelasting op gas gaat volgend jaar omhoog met 2,7 cent per kubieke meter (inclusief btw).

  • Huidig tarief (2025): € 0,6996 per m³
  • Nieuw tarief (2026):€ 0,7267 per m³

Gevolgen:

Per kuub gas betaalt u vanaf 2026 bijn 3 cent meer. Dat betekent een extra kostenpost van € 25,00 tot € 30,00 per jaar bij een gemiddeld verbruik. De prijswijziging geldt voor alle soorten energiecontracten, ook bij een vast energiecontract.

Belasting op electriciteit gaat omlaag

Daarentegen gaat de belasting op elektriciteit omlaag met 1,2 cent per kilowattuur (inclusief btw).

  • Huidig tarief (2025): € 0,1229 per kWh
  • Nieuw tarief (2026): € 0,1108 per kWh

Gevolgen:

Voor iedere kilowattuur stroom die u verbruikt, betaalt u dus ruim 1 cent minder belasting. Bij een gemiddeld verbruik komt dit neer op ongeveer € 30,00 euro aan kostenbesparing.

Lagere heffingskorting

Helaas, de jaarlijkse heffingskorting (vermindering energiebelasting) daalt komend jaar met ruim € 6,00,

  • Huidige korting: (2025) € 635,19 per jaar
  • Nieuwe korting (2026): € 628,96 per jaar

Gevolgen:

Ongeacht uw verbruik, stijgt de energierekening met iets meer dan € 6,00.

Netbeheerkosten stijgen

De netbeheerkosten, voor onderhoud en uitbreiding van het stroom- en gasnet, stijgen in 2026 met ongeveer 3,5 procent.

  • Huidige netbeheerkosten (2025): gas 248,32 + stroom 468,47 = € 716,79
  • Nieuwe netbeheerkosten(2026): gas 256,72 + stroom 484,31 =€ 741,03*

*Gemiddeld op basis van verwachting Autoriteit, Consument & Markt.

De definitieve netbeheertarieven voor 2026 zijn vanaf 1 december 2025 bekend.

Gevolgen:

Voor huishoudens betekenen de nieuwe netbeheerkosten een kostenstijging van ongeveer € 24,00 op de jaarlijkse energierekening.

Hoge terugleverkosten blijven

Slecht nieuws voor zonnepaneelbezitters. Zoals het er nu uitziet, zullen de terugleverkosten in de huidige vorm voorlopig gehandhaafd blijven. Dat betekent, ook in 2026, een ‘boete’ voor de teruggeleverde elektriciteit.

Gevolgen:

Bij een teruglevering tussen de 2.000 en 3.000 kWh per jaar bedragen de kosten in 2026 gemiddeld tussen de € 23,00 en € 36,– per maand. Dit varieert per leverancier.

Analoge meters moeten worden vervangen

En dat is niet het enige slechte nieuws voor huishoudens met zonnepanelen. In de nieuwe energiewet, die per 1 januari 2026 in werking treedt, staat dat alle analoge energiemeters vervangen moeten worden door een digitale of slimme meter. Daaraan valt voor niemand te ontkomen.

Met de nieuwe meter kan uw netbeheerder (en energieleverancier) precies vaststellen hoeveel stroom u van het net afneemt en hoeveel stroom u teruglevert.

Gevolgen:

De teruggeleverde hoeveelheid stroom, geldt als basis voor het berekenen van de terugleverkosten.

Dus: ook huishoudens die nu nog een oude meter hebben betalen straks ook terugleverkosten over de teruggeleverde zonnestroom.

PENSIOENEN 

Pensioenfondsen hebben opnieuw fors meer geld in kas (bron: bnr.nl)

‘De financiële positie van grote Nederlandse pensioenfondsen is in het derde kwartaal van 2025 verder verbeterd. Dat komt onder meer door een licht gestegen rente. Dit melden ambtenarenpensioenfonds ABP en metaalfonds PMT.’, zo meldt bnr.nl.

Eind juni was de dekkingsgraad van ABP 117,5 procent. Eind september was dat 121,7 procent.

Daarmee is het volgens bestuursvoorzitter Harmen van Wijnen ‘een goed derde kwartaal’. Of de pensioenen in 2026 worden verhoogd, beslist het bestuur in november op basis van de financiële positie eind oktober en de prijsstijging tussen september 2024 en september 2025.

Een goed derde kwartaal, geldt ook bij PME. Eind juni was de dekkingsgraad 120,1 procent. Eind september was dat 123.9 procent. Dat was vooral te danken aan een licht gestegen rente.

Voorzitter Eric Uijen benadrukt dat de renteontwikkeling enerzijds zorgde voor een negatief rendement op de matchingportefeuille, maar anderzijds betekende dat er minder geld opzijgezet hoefde te worden voor de huidige en toekomstige pensioenen.

‘Als de dekkingsgraad op niveau blijft, lijkt een verhoging van de pensioenen per 1 januari 2026 mogelijk.’ Die besluitvorming later dit kwartaal vraagt volgens Uijen om zorgvuldigheid, ‘want een goede financiële gezondheid blijft cruciaal voor een soepele overstap naar de nieuwe pensioenregeling per 1 januari 2027’.

Toeslagen

Wanneer hoor ik iets over mijn toeslag in 2026? (bron: belastingdienst.nl)

Vanaf 21 november 2025 kunt u in Mijn toeslagen zien hoeveel toeslag u in 2026 krijgt. Ook kunt u vanaf eind november een proefberekening maken van uw toeslag in 2026.

Is er iets veranderd in uw leven?

Bijvoorbeeld dat u meer bent gaan verdienen of bent gaan samenwonen? Of dat uw kind meer uren naar de kinderopvang gaat? Geef deze wijziging dan zo snel mogelijk door met Mijn toeslagen of de app Toeslagen.

Als u voor 3 december uw wijziging doorgeeft, dan krijgt u op 22 december de aangepaste toeslag voor 2026 betaald.

Hoeveel toeslag krijgt u?

Voor 20 december krijgt u een ‘voorschotbeschikking’ in de brievenbus. Dit is een brief waarin staat hoeveel toeslag u krijgt in 2026. De berekening staat voor 10 december ook in Mijn toeslagen, onder ‘Beschikkingen’.

VERVOER

Treinkaartje opnieuw flink duurder, maar minder dan gevreesd (bron: nos.nl)

‘Een reis met de trein wordt volgend jaar opnieuw flink duurder. NS verhoogt de prijzen van treinkaartjes gemiddeld met 6,52 procent. Die stijging is ongeveer gelijk aan die van dit jaar. Maar het is wel de helft minder dan werd gevreesd.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Staatssecretaris Aartsen schreef deze zomer een brief aan de Tweede Kamer met de mededeling dat het treinkaartje bij NS tot wel 9 procent duurder kon worden. Een en ander kwam doordat NS de prijs van een treinkaartje de afgelopen vier jaar minder hard liet stijgen dan de inflatie. Een bijdrage vanuit het ministerie maakte dat een verhoging niet nodig was. Voor 2026 echter, bleek er geen meerderheid in de Tweede Kamer te zijn. Een extreme verhoging voorkomen, bleek voor NS onmogelijk vanwege te weinig financiële middelen. Al jaren zit NS in de rode cijfers. Dit komt omdat het aantal reizigers nog steeds niet terug is op het niveau voor de coronacrisis. Forensen werken vaker thuis.

Inmiddels is het besluit gevallen de hoge inflatie uit de energiecrisis over vier jaar uit te smeren. “De prijsverhoging is daardoor hoger dan we hadden gewild, maar wel een stuk lager dan eerder gevreesd”, zegt commercieel directeur Bertien van Baak.

De prijsverhoging van 6,52 procent is inclusief de verwachte inflatie van volgend jaar (2,3 procent). Bovendien komt hier nog 3,05 procent bij van een eerder uitgestelde prijsverhoging én een inflatieverhoging van 1,17 procent die nog niet werd doorgevoerd.

Verlieslijdend NS meldt dat de prijzen moeten stijgen om de kosten te kunnen blijven betalen. De kosten bestaan voor 43 procent uit lonen van onder meer machinisten en conducteurs. Augustus 2025 kwam NS met de vakbonden een nieuwe cao overeen. In 2026 krijgen medewerkers er 3,5 procent bij.

Bovendien betaalt NS een vergoeding om op het spoor en op de hogesnelheidslijn te mogen rijden. Ook wil het bedrijf investeren in nieuwe dubbeldekkertreinen.

NS wil de kosten onder controle houden. Daarom stopt NS met het abonnement waarmee reizigers de hele dag met korting kunnen reizen. Ook wordt het abonnement opgeheven waarmee reizigers in het weekend met korting kunnen reizen.

15 Cent duurder (per dag) wordt de prijs van het huren van een OV-fiets. De prijs van een vergeten check-out wordt € 33,30 in plaats van € 20,00. Reizigers die verzuimen een vergeten check-out terug te vragen, zijn dus meer geld kwijt.

Eerste klas rijden wordt in verhouding duurder dan een gewoon kaartje. Daarentegen wordt het verschil tussen eerste en tweede klas in het weekend kleiner.

De NS wil de prijzen echter betaalbaar houden voor gezinnen. Daarom blijft de prijs van een abonnement waarmee kinderen tot en met 11 jaar gratis kunnen meereizen met een volwassene gelijk. Dat geldt ook voor de prijs van 2,50 euro voor een Railrunner-kaartje, waarmee kinderen een dag onbeperkt kunnen reizen.

Taxivervoer voor ouderen en zieken (bron: anbopcob.nl)

Niet-mobiele personen kunnen via contractvervoer reizen. Dat betekent dat u hiervan uitsluitend gebruik kunt maken indien u slecht ter been bent en reizen met het openbaar vervoer niet mogelijk is. Een vervoerspas kunt u aanvragen bij het Wmo-loket van de gemeente. Deze beoordeelt of u hiervoor in aanmerking komt.

Valys

Valys is speciaal vervoer voor mensen die chronisch ziek of gehandicapt zijn. Hier mag u alleen gebruik van maken als u niet met het openbaar vervoer kunt reizen en aan een aantal voorwaarden voldoet. Het gaat om taxivervoer van deur tot deur, of om een combinatie van vervoer per taxi en de trein.

Valys is bedoeld voor reizen over langere afstand: meer dan 5 ov-zones of 25 kilometer vanaf uw woonadres. Daarom wordt dit ook wel bovenregionaal vervoer genoemd.

U moet een Valyspas hebben om te kunnen reizen met Valys. Deze pas is uitsluitend aan te vragen indien u een of meer van deze vervoersvoorzieningen heeft:

  • Wmo-vervoer van uw gemeente (bijv. een regiotaxipas);
  • een wmo rolstoel of een -scootmobiel van uw gemeente;
  • een gehandicaptenparkeerkaart van uw gemeente;
  • een OV-begeleiderskaart.

Regiotaxi

In gebieden waar geen openbaar vervoer is, kunt u gebruik maken van de Regiotaxi. Iedereen mag deze taxi gebruiken. Het gaat om lokaal en regionaal vervoer. Dit zijn busjes of taxi’s die u thuis ophalen en naar uw bestemming brengen. Meestal reizen meerdere mensen tegelijk mee. Vaak moet u minstens een uur tevoren een rit bestellen. U betaalt per rit in de taxi. De tarieven van de Regiotaxi zijn hoger dan de prijzen van het openbaar vervoer, maar lager dan de tarieven van een reguliere taxi. De prijzen en de wijze van bestellen van een regiotaxi verschillen per regio. De voordelige tarieven gelden alleen wanneer u een Wmo-indicatie heeft.

Regiotaxi’s rijden in opdracht van een gemeente of regio. Om een Regiotaxi in uw omgeving te vinden, gaat u via internet naar: regiotaxi + uw provincie. Dus bijvoorbeeld: Regiotaxi Overijssel.

ZORG

Verhuist uw partner naar een verpleeghuis? Vergeet dit niet te regelen (bron: maxvandaag.nl)

‘Wanneer uw partner naar een verpleeghuis verhuist, komt er veel op u af. Het is vaak niet alleen emotioneel zwaar, maar ook praktisch en financieel zijn er zaken die geregeld moeten worden. Daarom helpen we u in dit artikel stap voor stap met dingen die geregeld moeten worden, zodat de verhuizing zo prettig mogelijk verloopt.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel van maxvandaag.nl.

Het is zeer ingrijpend, een verhuizing naar een verpleeghuis. Het is normaal om gemengde gevoelens te hebben, zoals verdriet, zorgen of zelfs opluchting. Erover praten met mensen waarmee een goede band bestaat, is nodig om te proberen dit te verwerken. Vragen als: wat betekent de verhuizing voor alle betrokkenen, waar zijn er nog vragen of zorgen over? Dat kunnen familieleden, maar ook kennissen of buren zijn. Goed voorbereid zijn, maakt het vaak gemakkelijker. Praten en hulp vragen is van groot belang. Hulp vragen bij bijv. het regelen van zaken, of het inpakken van spullen.

Ook voor uw partner is de verandering groot. Belangrijk is ook de partner zoveel mogelijk bij de voorbereidingen te betrekken, ook als deze zelf weinig kan. Probeer de nieuwe woonplek daarom zo persoonlijk mogelijk te maken. Neem vertrouwde spullen mee, zoals foto’s, een favoriete stoel of materialen voor een hobby. Ook voldoende kleding (die uw naaste bij voorkeur draagt) is belangrijk. Zo helpt u uw partner om zich sneller thuis te voelen. U kunt de zorginstelling hierbij ook om advies vragen.

Maar, het gaat niet alleen over spullen. Er zijn ook administratieve zaken die geregeld moeten worden. Allereerst moet de verhuizing officieel gemeld worden. Soms doet het verpleeghuis dit, soms moet u het zelf doen. Eén van de overwegingen is: wilt u dat de post van uw partner niet naar de zorginstelling wordt verstuurd? Vraag dan een briefadres aan bij de gemeente. De post gaat dan naar uw adres. Een schriftelijke bevestiging van de zorginstelling is vaak wel nodig.

Maak afspraken over de huisarts en de apotheek. Meestal wordt uw partner aan de arts van het verpleeghuis toegewezen. Het is belangrijk dit te overleggen vóórdat u uw partner bij de eigen huisarts afmeldt. Dat geldt ook voor de medicatie. Die wordt vaak geleverd via de apotheek van de instelling.

Gebruikt uw partner hulpmiddelen via de gemeente of de zorgverzekeraar? Dan moet u die meestal inleveren. Nieuwe hulpmiddelen worden door de zorginstelling verzorgd. Verdere informatie verkrijgt u via het Wmo-loket van de gemeente of de zorgverzekeraar.

Indien u vanuit de Wmo huishoudelijke hulp toegewezen kreeg en deze op naam van de partner staat die verhuist naar een zorginstelling, dan moet u de verhuizing ook melden bij het Wmo-loket van uw gemeente. Indien de huishoudelijke hulp op naam van de partner staat, dan stopt de huishoudelijke hulp. Deze wordt gecontinueerd indien u met Wmo kunt regelen dat de huishoudelijke hulp wordt voortgezet op uw naam.

Iedereen die zorg ontvangt in een verpleeghuis, betaalt een eigen bijdrage aan het Centraal Administratie Kantoor (CAK). De bijdrage wordt vastgesteld op basis van het inkomen en vermogen van 2 jaar geleden. Het is raadzaam de hoogte van de eigen bijdrage vooraf te (laten) berekenen via het CAK.

Ontvangt u huur- en/of zorgtoeslag? Het verhuizen van uw partner kan bijv. leiden tot een hogere huurtoeslag. Veelal verandert de zorgtoeslag niet, tenzij het inkomen verandert.

Daarnaast kunt u kiezen voor een AOW-uitkering als ongehuwde. U woont immers niet meer op hetzelfde adres. Dat kan u beiden een hoger netto maandinkomen opleveren. Maar, hier is alertheid op zijn plaats: bij een hoger inkomen, stijgt ook de eigen bijdrage aan de zorginstelling of voor bepaalde belastingen.

Belangrijk aandachtspunt: ondanks dat u op verschillende adressen woont, blijft u meestal elkaars fiscaal partner (bijvoorbeeld wanneer u getrouwd bent of een geregistreerd partnerschap heeft). Daarom doet u ook nog steeds samen aangifte voor de inkomstenbelasting.

Uw partner gaat naar een verpleeghuis. Dat is al ingrijpend genoeg. Maar, na de verhuizing verandert ook de hoogte van enkele gemeentelijke belastingen. Meestal betaalt de achterblijvende partner minder waterschapsbelasting en afvalstoffenheffing. De aanpassing gaat automatisch in per 1 januari van het jaar na de verhuizing en wordt verzorgd door de gemeentelijke administratie.

Verder dalen vaak de kosten van gas en water. Er is een gezinslid minder in de huishouding. Controleer daarom uw energiecontract en stel vast of het maandbedrag nog past bij het nieuwe verbruik. Pas het contract desgewenst aan of overleg met uw energieleverancier.

Bankzaken vragen de aandacht. Indien de partner zelf niet meer de bankzaken regelen kan, kan deze u een machtiging geven. Dit kan alleen gebeuren zolang de partner nog wilsbekwaam is. Om problemen te voorkomen, kunt u een volmacht of een levenstestament laten opstellen.

Meer informatie is te verkrijgen via een speciale pagina van de Rijksoverheid. Wanneer u 4 vragen beantwoordt (die niet worden opgeslagen), krijgt u uitgebreide informatie.

Ook kunt u zich richten tot MantelzorgNL, Mantelzorgcentrum of een onafhankelijke cliëntondersteuner van de gemeente. Ook organisaties zoals de Patiëntenfederatie Nederland of een sociaal wijkteam kunnen advies geven over rechten, zorgkeuze en financiële regelingen.(bron: Rijksoverheid, Mantelzorgcentrum)

Wachtlijsten verpleeghuizen dalen spectaculair (bron: seniorenjournaal.nl)

‘In twee jaar tijd zijn volgens de Volkskrant de wachtlijsten in de ouderenzorg met ruim 20 procent gekrompen, een ontwikkeling die niemand zo snel had zien aankomen.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

‘Veel mensen staan op een wachtlijst om zekerheid voor zichzelf te creëren’, zegt Martin Smalbrugge, hoogleraar ouderengeneeskunde aan het AmsterdamUMC, in de Volkskant. ‘Maar ondertussen krijgen zij zorg thuis, de kinderen helpen mee. Er is een heleboel zorg te regelen thuis als je een beetje de weg weet.’

Bovendien zijn de zorgkantoren strenger gaan toezien op de wachtlijsten. Dat zou ook een deel van de daling kunnen verklaren. Dat zegt in de Volkskrant Caro Verlaan, directeur van het zorgkantoor van CZ. En sinds corona zoeken mensen eerder een alternatief. Dat zien ook de ouderenzorgorganisaties, zegt Anneke Westerlaken, voorzitter van Actiz, de brancheorganisatie. ‘We hebben bij onze leden gevraagd hoe zij de daling van de wachtlijsten verklaren. Corona is een van de meest genoemde redenen. Omdat we afgelopen winters oversterfte zagen onder ouderen, mogelijk nog als een gevolg van het virus. En omdat het imago van het verpleeghuis in coronatijd een klap heeft gekregen.’

Hoofdreden van de daling van de wachtlijsten is dat het overheidsbeleid er sinds enkele jaren volledig op gericht is dat mensen langer thuis blijven wonen. Misschien, zegt Westerlaken in de Volkskrant, ‘moeten we inmiddels concluderen dat dit beleid behoorlijk succesvol is’. Dat is goed nieuws, benadrukt Westerlaken. ‘Ouderen blijven het liefst zelfstandig wonen. Een verhuizing naar een verpleeghuis is vaak een noodzakelijke keuze.’

De mindset van Nederlanders is aan het veranderen, constateert Verlaan. ‘We maken andere keuzen over de kwaliteit van leven, waarbij we het belangrijker vinden om in de eigen omgeving te blijven, dan om continu gepamperd te worden.’

De Volkskrant geeft aan dat niet uitsluitend voor de verpleeghuizen de wachtlijsten afnemen, ook voor de zorg thuis zijn de wachtlijsten minder nijpend dan enkele jaren geleden. Belangrijkste reden daarvoor: ouderen krijgen minder zorg. Westerlaken: ‘We hebben voorheen te veel levensvragen met zorg opgelost. Wijkverpleegkundigen kwamen bij patiënten langs om ogen te druppelen, met als argument dat er ‘anders niemand langskomt’. Ogen druppelen kunnen patiënten prima zelf. Voor een gebrek aan sociale contacten is een wijkverpleegkundige niet de oplossing, dan heb je veel meer aan extra ontmoetingsplekken in de wijk.’

(bron: nos.nl, cbs.nl, bnr.nl, energievergelijk.nl, nporadio1.nl, bright.nl, nos.nl, maxvandaag.nl, seniorenjournaal.nl, energievergelijk.nl, rijksoverheid.nl, mantelzorgcentrum.nl, belastingdienst.nl)

Lees meer over: