AOWeetjes mei 2026
Inmiddels een traditie: onze AOWeetjes. Hieronder treft u een verdere toelichting aan van de diverse onderwerpen, zoals we die in onze nieuwsbrief noemden. Het is weer een gevarieerde mix geworden van zo veel mogelijk onderwerpen die AOW’ers (kunnen) bezig houden.
Klik snel door naar:
- Economie en financiën
- Vakbonden CNV, FNV en VCP stellen ultimatum aan het kabinet
- Werkgevers willen geen hogere AOW-leeftijd, voorlopig ook geen ingreep WW en WIA
- Jetten bereid over AOW, WW en WIA te onderhandelen, streeft nog wel naar bezuiniging
- Snellere verhoging AOW-leeftijd van tafel, maar acties bonden gaan door
- Rabobank: boodschappen worden richting Kerstmis flink duurder
- FNV start petitie tegen schrappen huishoudelijke hulp
- Kabinet verlengt alleen accijnskorting op benzine, dieselprijs dreigt nog forser te stijgen
- RvS ziet weinig bezwaar tegen hoger risico, Kamermeerderheid onzeker
- Energie
- Stijgende energieprijs door onrust Midden-Oosten 2026
- Groter risico op ‘energiearmoede’; als huishoudens moeten betalen voor CO2-uitstoot
- Pensioenen
- Ook pensioenfondsen onder nieuwe stelsel krijgen klappen op de beurs
- Wonen
- Deel huizenbezitters raakt hypotheekrenteaftrek kwijt
- Zorg op de kaart: van versnipperde data naar gericht bouwen voor ouderen
- Minister stopt met subsidieregeling hofjes
- Kabinet maakt extra geld vrij voor Knarrenhofjes, maar wachtlijst blijft lang
ECONOMIE EN FINANCIËN
Vakbonden CNV, FNV en VCP stellen ultimatum aan het kabinet
Als kabinet eisen van de vakbonden niet inwilligt, volgen landelijke acties (bron: fnv.nl)
“Vakbonden CNV, FNV en VCP stellen vandaag een ultimatum aan het kabinet naar aanleiding van het regeerakkoord van 31 januari 2026. Als het kabinet de voorgestelde bezuinigingen met betrekking tot de WW, WIA en AOW niet binnen twee weken van tafel haalt, worden acties door heel Nederland onvermijdelijk.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
De voorgenomen plannen ten aanzien van de WW en de WIA en de verhoging van de AOW-leeftijd zijn een historisch drastische maatregel in de sociale zekerheid en druisen in tegen eerder gemaakte afspraken met de sociale partners door het verhogen van de AOW-leeftijd.
De vakbonden eisen dat het kabinet binnen 14 dagen de volgende twee punten uitvoert.
- Trek de plannen in het regeerakkoord om ten aanzien van de WW en de WIA en verlaging van het maximum dagloon in.
- Zet een streep door de plannen om de AOW-leeftijd versneld te verhogen.
Haalt het kabinet vóór 25 mei de maatregelen niet van tafel? Dan volgen er vanaf 30 mei collectieve acties en stakingen. CNV-voorzitter Hans Van den Heuvel: ‘Wij zijn er klaar voor.’
‘Zolang de plannen over de AOW, de WW en de WIA niet van tafel zijn, gaan wij niet met het kabinet in gesprek over het regeerakkoord’, benadrukt FNV-voorzitter Hans Spekman. ‘De rekening van alle plannen van dit kabinet komen eenzijdig terecht bij werkenden, gepensioneerden en uitkeringsgerechtigden. Dit raakt mensen in hun bestaan. We kunnen niet in gesprek, als dat gaat over deze afbraakvoorstellen. Het is nu tijd voor actie.’
‘Doorwerken tot 72 jaar, een halvering van de werkloosheidsuitkering en het uitkleden van de arbeidsongeschiktheidsuitkering zijn ongekend harde ingrepen. Het kabinet-Jetten gaat flink tekeer met de botte bijl. We roepen het kabinet op om deze maatregelen zo snel mogelijk te schrappen,’ aldus Hans Van den Heuvel, CNV-voorzitter.
‘Afspraken waar jarenlang zorgvuldig aan is gewerkt, worden met één pennenstreek van tafel geveegd. Een bom in de polder. Dit is geen doordacht beleid, maar een afbraak van werknemersrechten,’ stelt Nic van Holstein, voorzitter van VCP.
‘Mocht het kabinet ons niet tegemoet komen, dan volgen vanaf 30 mei 2026 collectieve acties. Stakingen en werkonderbrekingen worden niet uitgesloten. Dit zal grote delen van Nederland raken. De onvrede is groot, onze leden staan er klaar voor. Het doel is dat het uiteindelijk beter wordt voor iedereen,’ aldus de voorzitters van FNV, CNV en VCP. ‘Als het kabinet dit wil voorkomen en met ons in gesprek wil, dienen ze onze eisen zo snel mogelijk in te willigen. Onze leden staan al in de startblokken om op staan tegen de kabinetsplannen.’ (Vanwege de persoonlijke uitspraken is deze publicatie nagenoeg één-op-één overgenomen.)
Eerdere berichten over de AOW-leeftijd
Werkgevers willen geen hogere AOW-leeftijd, voorlopig ook geen ingreep WW en WIA (bron: nos.nl)
“Het kabinetsplan om de AOW-leeftijd sneller te laten stijgen moet van tafel, zegt werkgeversorganisatie VNO-NCW in de Telegraaf. Ook andere ingrepen in de sociale zekerheid die het kabinet wil doen, zijn voorlopig niet aan de orde als het aan de werkgevers ligt. “We hebben veel grotere problemen op dit moment”, zegt de nieuwe VNO-NCW-voorzitter Coen van Oostrom in De Telegraaf. ”Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Zowel vakbonden als werkgevers menen dat de afspraken die in 2019 in het Pensioenakkoord zijn overeengekomen, gehandhaafd moeten blijven. Daarin kwamen partijen overeen de AOW-leeftijd minder hard te laten stijgen. “Mijn voorgangers hebben daar hun handtekening onder gezet. Ik voel me er dus absoluut aan gecommitteerd”, zegt Van Oostrom, “Afspraak is afspraak.”
Een alternatief waarbij gepensioneerden meer meebetalen aan de AOW, wordt door VNO-NCW voorlopig niet gedragen. “Misschien dat we ooit in het kader van ons belastingstelsel kunnen praten over die fiscalisering van de AOW. Maar nu moet het hele onderwerp AOW in de ijskast, doe die ijskast op slot en vries de sleutel in.”
VNO-NCO wijst eveneens het verkorten van de werkloosheiduitkering en het versoberen van de WIA af. Er moeten grotere problemen, zoals de oorlog in het Midden-Oosten (die ook van invloed is op onze economie), de oplopende inflatie en het volle stroomnet, opgelost worden, zo meldt Van Oostrum in de Telegraaf.
VNO-NCW meent dat dit niet het moment is om over losse bezuinigingsmaatregelen te praten. “Waar wij het over moeten hebben, is de weerbaarheid van Nederland. In financiële zin, op het gebied van energie en andere dingen. En dan kunnen we daarna ruzie gaan maken of die bezuiniging dan 6 miljard moet zijn of een ander getal.” Van Oostrom hoopt op een snel overleg met de vakbonden en het kabinet om allesomvattende afspraken tussen overheid, werkgevers en vakbonden te realiseren.
Minister Heinen hult zich in stilzwijgen over de consequenties voor de begroting als de ingrepen in de sociale zekerheid verdwijnen. “Het belangrijkste is dat we in gesprek zijn.” Hij wil afwachten wat het gesprek tussen werkgevers, werknemers en het kabinet oplevert. Overigens benadrukt hij dat hij zich wil houden aan het regeerakkoord en de daarin opgenomen bezuinigingen.
Vakbonden eisen dat de ingrepen in de sociale zekerheid van tafel gaan en willen pas praten met het kabinet als de ingrepen in de AOW, WW en WIA worden geschrapt. Indien dat niet gebeurt voor het einde van de maand mei, volgen er landelijke acties. De eerste actie is inmiddels afgekondigd: een staking bij het openbaar vervoer op 24 juni.
Vakbond FNV is blij met de opstelling van de werkgevers. “Met zo’n sterk signaal uit de polder zou dit kabinet wat moeten doen”, zegt FNV-voorzitter Hans Spekman. Volgens Spekman is ingrijpen in de sociale zekerheid onnodig. Hij wil pas weer aan tafel als het kabinet “bereid is om andere keuzes te maken”.
Jetten bereid over AOW, WW en WIA te onderhandelen, streeft nog wel naar bezuiniging (bron: nos.nl)
“Het kabinet is bereid de plannen uit het regeerakkoord over de sociale zekerheid aan te passen. Maar vakbonden en werkgevers moeten dan wel meedenken over hoe de AOW, WW en WIA in de toekomst betaalbaar kunnen blijven, zei premier Jetten op zijn wekelijkse persconferentie.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
“Het overleg met vakbonden en werkgeversorganisaties over een sociaal akkoord is van belang voor iedereen in Nederland”, zegt Jetten. Volgende week hoopt hij met een ‘openingsvoorstel’ aan de onderhandelingen te kunnen beginnen. Tegelijkertijd geeft hij aan dat de bezuiniging van 6,5 miljard euro op de sociale zekerheid nog steeds het streven van het kabinet is.
Werkgeversorganisatie VNO-NCW sprak zich vandaag tegen die bezuiniging uit. (Verdere informatie over de visie van VNO-NCW treft u in het artikel hierboven aan.)
Minister Vijlbrief van Sociale Zaken ervaart het als een positief signaal. Het geeft aan dat partijen bereid zijn inhoudelijk te praten. Door de kant van de vakbonden te kiezen, is een opening gecreëerd om te overleggen.
De vakbonden echter, willen vooralsnog pas met het kabinet praten als de bezuiniging van 6,5 miljard op de sociale zekerheid definitief wordt geschrapt. Het ultimatum loopt tot einde van de maand. De eerste actie staat al met potlood in de agenda: een staking bij het openbaar vervoer op 24 juni.
Vijlbrief gebruikt het weekend van 23 mei om te werken aan een brief met het voorstel van het kabinet aan de vakbonden en de werkgevers. Hij noemt de WIA een van de grote problemen van Nederland.
“Die problemen wachten niet”, zegt hij. “Mijn vak is om mensen met elkaar te laten praten: waar zitten de compromissen. Ik zie mogelijkheden de partijen aan tafel te krijgen en constructief te gaan praten.”
De oorlog in Iran met de gevolgen voor de wereldeconomie en de onzekere situatie in de wereld, maken dat een andere aanpak noodzakelijk is dan die die tijdens het regeerakkoord werd aangegeven. Het moet daarom wat sneller. Jetten wenst nog voor de zomer principeafspraken over een sociaal akkoord te maken.
Afspraken over de arbeidsmarkt en een competitieve economie zijn in ieders belang, zegt hij. “Als je niet durft te hervormen dan gaan we vanaf 2030 met zijn allen de rekening betalen.”
Snellere verhoging AOW-leeftijd van tafel, maar acties bonden gaan door (bron: nos.nl)
“Het kabinet trekt het plan om de AOW-leeftijd sneller te verhogen weer in. Met dat besluit hoopt minister Vijlbrief van Sociale Zaken de vakbonden weer om tafel te krijgen voor een breed akkoord over de sociale zekerheid. Hij heeft ze daarover een brief gestuurd met een uitnodiging voor “een open gesprek op korte termijn”.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
En dan wordt er op 26 mei 2026 vanuit het kabinet gereageerd.
Ruim 2,7 miljard euro per jaar had de bezuininging op de AOW moeten opleveren. De AOW-leeftijd stijgt al sinds een aantal jaren. Voor ieder jaar dat we gemiddeld langer leven, wordt de AOW-leeftijd met 8 maanden verlengd. Bedoeling is de AOW-leeftijd met ingang van 2033 één-op-één laten te laten meestijgen met de gemiddelde levensverwachting. Een groot deel van de Tweede Kamer reageerde negatief op het plan van het kabinet. Ook de vakbonden en werkgevers organisaties stelden zich afwijzend op.
Het kabinet is tot de conclusie gekomen dat het AOW-voorstel verdere overleggen belemmert. “We hebben besloten te stoppen met dit wetsvoorstel”, staat in de brief. 11 Mei 2026 stelden de bonden een ultimatum: bij handhaving van de plannen, zouden er stakingsacties komen. (Zie het artikel hierover in deze mailing.)
Het ging echter niet uitsluitend om stijging van de AOW-leeftijd, maar ook om de voorgestelde versoberingen van de uitkeringsregelingen voor werkloosheid (WW) en arbeidsongeschiktheid (WIA), die veel kritiek opleverden. Deze plannen zet het kabinet voorlopig niet door. “Daarmee maakt het kabinet ruimte voor sociaal overleg en rust in de polder”, schrijft Vijlbrief.
De minister wil nu, samen met de vakcentrales en de werkgevers, overleggen over een alternatieve invulling van de plannen Hij attendeert op de veranderende arbeidsmarkt die behoefte heeft aan werknemers die gemakkelijker en sneller van baan kunnen veranderen. Meer invulling en begeleiding naar nieuw werk moet leiden tot “een ontslagvrije samenleving”. Dit wederom zou moeten leiden tot een situatie waarin mensen zo min mogelijk gebruik maken van een WW-uitkering. Een hervorming is ook nodig voor het arbeidsongeschiktheidsstelsel, zo meent hij en noemt dat een “een doolhof, een onbegrijpelijk systeem dat mensen gevangen houdt”.
Het niet door laten gaan van de bezuinigingen in hun huidige vorm, betekent niet dat bezuinigingen van tafel zijn. Het kabinet blijft voorlopig wel vasthouden aan de miljarden die de maatregelen moesten opleveren.
“Het kabinet voelt een diepe verantwoordelijkheid om Nederland beter door te geven aan de volgende generaties. Dat betekent ook dat het geen rekening wil doorschuiven”, staat in de uitnodigingsbrief, die ook is ondertekend door premier Jetten.
De bonden vinden deze handreiking volstrekt onvoldoende en geven aan dat de geplande acties nog steeds doorgaan. Volgens CNV, FNV en VCP zijn de voorstellen over AOW, WW en WIA “volstrekt onvoldoende” maar ook “mager en ontzettend onduidelijk”.
“Dat moet echt opgehelderd”, zegt FNV-voorzitter Hans Spekman. “Als de bezuinigingen doorgaan wordt de rekening enkel en alleen neergelegd bij mensen die werken en uitkeringsgerechtigden.”
De bonden geven aan wel een “verhelderend gesprek” met het kabinet te wensen. Daarin zou duidelijkheid moeten komen om te bepalen of het klopt dat de politieke partijen bij de bezuinigingen op de sociale zekerheid willen blijven. Volgens de bonden “de keuze tussen een stomp in de buik of een klap in het gezicht”.
Ze geven overigens wel aan blij te zijn de versnelde verhoging van de AOW-leeftijd geen doorgang vindt. “Maar ook hier laat het kabinet de deur op een kier om in de toekomst toch geld op te halen bij gepensioneerden. Daar valt voor de bonden niet over te praten.”
Ook werkgeversverenigingen VNO-NCW en MKB-Nederland zijn positief over het besluit van het kabinet de versnelde stijging van de AOW-leeftijd in te trekken. Ze staan eveneens positief tegenover het verkorten van de WW en het aanpassen van de WIA. Zij spreken de hoop uit dat dit voor de bonden een voldoende handreiking is om snel over de toekomst van de arbeidsmarkt en de sociale zekerheid te gaan praten. De werkgevers gaan er daarbij vanuit dat de bonden de aangekondigde stakingen opschorten.
Rabobank: boodschappen worden richting Kerstmis flink duurder (bron: nos.nl)
“Ondanks de oorlog in de Golfregio loopt de inflatie nog maar gematigd op, maar economen van Rabobank waarschuwen nu voor de langetermijneffecten. Mogelijk zijn boodschappen begin volgend jaar zo’n 7 procent duurder dan begin dit jaar.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
De inflatie steeg in april 2026 tot 2,8 procent. De prijsstijging van energie, inclusief brandstoffen, is echter 7,8 procent met name door de oorlog van de VS en Iran.
De gevolgen? Duurdere vliegtickets in de tweede helft van 2026. Richting 2027 worden de boodschappen flink duurder. Dat geldt ook als er in mei weer olietankers door de Straat van Hormus kunnen varen.
“Dat zit zo: voor het produceren van voeding is veel energie nodig.” zegt Cyrille Filott, econoom bij Rabobank. “Bijvoorbeeld brood. Voor het bakken van brood wordt gas gebruikt. En het maken van meel, daar wordt ook veel energie voor gebruikt.” En voor het transport van levensmiddelen van boerderijen naar supermarkten wordt veel diesel gebruikt. Bovendien worden olieproducten als diesel niet alleen gebruikt voor transport. “Olie is ook nodig voor plastic voor het verpakken van voedsel”, zegt Filott. “Er zijn heel veel stappen in het productieproces van voedsel. Voordat al die prijzen in iedere stap zijn verhoogd, is het kerst.”
FNV start petitie tegen schrappen huishoudelijke hulp (Wmo) (bron: fnv.nl)
“Dit is geen zorgzame samenleving. Dit is zorg afbreken.”
FNV Zorg & Welzijn lanceert op 1 mei, de Dag van de Arbeid, een landelijke petitie tegen de voorgenomen bezuinigingen van € 435 miljoen op de huishoudelijke hulp. Door deze plannen verdwijnt de huishoudelijke hulp volledig uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
In de petitie eist de FNV, samen met vakbond CNV, dat de huishoudelijk zorg in de Wmo behouden blijft, dat er geïnvesteerd wordt in de zorg en dat de zorg voor iedereen toegankelijk en betaalbaar blijft. De vakbonden gaan de petitie in september, in aanloop naar Prinsjesdag, aan de Tweede Kamer aanbieden.” Dit is de inleidende tekst van bovengenoemd artikel,
Verlies van de huishoudelijke hulp dreigt voor honderdduizenden mensen. Verlies van hun baan dreigt voor tienduizenden medewerkers die huishoudelijke zorg verrichten. ‘Dit is geen bezuiniging, maar het afschuiven van zorg en problemen op mensen zelf. Je tovert het werk niet weg. We roepen iedereen die vindt dat goede zorg geen luxe mag zijn op de petitie te ondertekenen’, zegt Feli Escarabajal, bestuurder FNV Zorg & Welzijn.
Voor zowel de zorgmedewerkers als mensen met een gering inkomen zijn de gevolgen groot. Duizenden banen dreigen te verdwijnen. De meer bemiddelde zorgvragers kunnen zelf hulp betalen. De minder bemiddelden kunnen dat niet. Gevolg: mensen met zorgbehoefte en een gering inkomen kunnen zelf niet de huishouding doen. De woonomstandigheden zullen verslechteren en er zullen grotere gezondheidsverschillen ontstaan. ‘De verschillen in gezondheid en levensverwachting tussen arm en rijk zijn nu al groot. Deze bezuinigingen maken die ongelijkheid alleen maar groter’, aldus Escarabajal.
In 2024 maakten 556.000 mensen gebruik van deze hulp, dat is een stijging van 41% ten opzichte van 2017 (bron CBS). Dat geeft al aan hoe onmisbaar deze is. Huishoudelijke hulp (HbH) stijgt harder dan andere vormen van hulp die onder de Wmo vallen. Escarabajal: ‘Onvoorstelbaar dat het kabinet deze zorg de nek omdraait. Juist door de vergrijzing en het kabinetsbeleid waardoor mensen langer thuis blijven wonen is deze zorg onmisbaar.’
FNV geeft aan dat door het wegbezuinigen van professionele hulp de werkzaamheden worden overgelaten aan de mantelzorgers. Escarabajal: ‘Dat is geen oplossing, maar vergroot de problemen, want van mantelzorgers weten we dat ze nu al overbelast zijn. Bovendien worden zij zo van betaald werk gedwongen richting onbetaalde mantelzorg.’ CNV-onderhandelaar Bart Schnoor voegt daaraan toe: ‘Als hulp in de huishouding krijg je al niet ruim betaald. Deze maatregelen ervaren we als een trap na: stank voor dank.’
De medewerkers huishoudelijke zorg hebben een belangrijke functie. Ze maken niet alleen schoon, ze hebben wekelijks contact met de zorgvrager. Niet zelden zijn ze het enige regelmatige contact dat de zorgvrager heeft. Ze onderhouden het contact, signaleren eenzaamheid, achteruitgang in de gezondheid en/of onveilige situaties. Escarabajal: ‘Als die signaleringsfunctie verdwijnt dan is op termijn zwaardere en duurdere zorg het logische en verdrietige gevolg.’
De petitie wordt in september, in aanloop naar Prinsjesdag, aangeboden aan de Tweede Kamer.
Kabinet verlengt alleen accijnskorting op benzine, dieselprijs dreigt nog forser te stijgen (bron: bnr.nl)
“Bij ongewijzigd beleid wordt diesel per 1 januari 2027 ruim een dubbeltje per liter duurder aan de pomp. Dit omdat een de termijn voor verlaging van het accijns op diesel dan verloopt. Dat blijkt uit antwoorden op Tweede Kamervragen waar De Telegraaf over schrijft.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
De gestegen prijzen door de Oekraïneoorlog leidde tot afspraken over de verlenging van een verlaging van accijns op brandstof tijdens de formatie. 900 Miljoen diende ertoe de verlenging te dekken. Dit geldt echter niet voor verlaging van de prijs op diesel.
Dat betekent dat per 1 januari a.s. de dieselaccijns weer daalt naar het oude niveau en dat betekent een verschil van zo’n 12 cent aan de pomp. ‘Dat is met de kennis van nu een ongelukkige keuze geweest’, zegt Noud Broekhof van De Nationale Autoshow. ‘De dieselprijs is ten gevolge van de Iranoorlog al met zo’n 50 cent per liter omhoog geschoten. Dit bedrag komt daar straks bovenop als er geen beleidsingrepen volgen.’
Tijdens de coalitieonderhandelingen leek dat een logische keuze, zo geeft Minister van Financiën, Eelco Heinen aan. ‘Toen zagen we dat de prijs voor diesel een stuk lager was, en was er wel urgentie om de korting op benzine door te trekken.’
Een verlenging van de accijnsverlaging op diesels kost de staat 500 miljoen euro. In aanloop naar Prinsjesdag zal verder naar de situatie worden gekeken.
RvS ziet weinig bezwaar tegen hoger eigen risico, Kamermeerderheid onzeker (bron: nu.nl)
“De Raad van State heeft er begrip voor dat het kabinet het eigen risico wil verhogen, maar heeft wel een paar opmerkingen bij het plan. Het blijft de vraag of het wetsvoorstel genoeg steun gaat krijgen in de beide Kamers.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Het voorstel het eigen risico per 2027 te verhogen van 385 euro naar 460 euro werd naar de Raad van State gestuurd. Alhoewel het eigen risico al jaren is vastgesteld op 385 euro, wil het kabinet de jaarlijkse stijging, op basis van onder meer de inflatie, weer opnemen. Gepland is daarnaast een eenmalige verhoging van 60 euro, bedoeld om de ‘gemiste’ stijging van de afgelopen jaren in te halen. Uiteindelijk zal het eigen risico dus 460 euro bedragen en zou het bedrag verder moeten stijgen naar 520 euro in 2027. Daar tegenover staat dat niemand meer dan 150 euro eigen risico per behandeling hoeft te betalen.
Alhoewel de Raad van State zegt “begrip” te hebben voor het verhogen van het eigen risico, meldt het dat het eigen risico de afgelopen jaren meermaals onderwerp van discussie is geweest. Daarom is het volgens de Raad van State belangrijk om meer “consistent en voorspelbaar” beleid te maken. Ook is het belangrijk aandacht te besteden aan het helpen van mensen die het eigen risico niet gemakkelijk zelf kunnen betalen (chronisch zieken of mensen met een laag inkomen), zo meent de Raad van State en geeft aan dat dit op dit moment nog niet helemaal goed geregeld is. Zo moeten gemeenten via gemeentelijke financieringen maatwerk kunnen leveren aan die mensen, maar is het nog niet duidelijk of gemeenten dat wel kunnen waarmaken en of daarover überhaupt al met gemeenten is overlegd.
Het kabinet is nu verzocht die punten beter toe te lichten. Daarna zou het wetsvoorstel naar de Kamer kunnen worden gestuurd. Maar dat wil nog lang niet zeggen dat het ook wordt geaccepteerd. Het verhogen van het eigen risico stuit op weerstand. Op dit moment is uitsluitend JA21 voorstander van het plan. Dat betekent nog nét geen meerderheid in de Tweede kamer heeft, maar deze wel in zicht is. Heel anders is dat in de Eerste Kamer. Ook met JA21 erbij hebben D66, VVD en CDA daar nog lang geen meerderheid. De grootste partijen in de senaat, PRO en BBB, hebben al aangegeven tegen het verhogen van het eigen risico te zijn.
Veel gaan praten met oppositiepartijen, dat is wat zorgminister Sophie Hermans wil gaan doen. Ze hoopt op constructieve gesprekken, waarbij de betrokkenen naar de zorgplannen in de totaliteit willen kijken en niet uitsluitend focussen op verhoging van het eigen risico. “Het ene voorstel kan voor een partij gemakkelijker zijn om te steunen dan het andere”, zei Hermans destijds. “Maar ik vind het belangrijk om te kijken waarom we dit willen, voordat we in discussies over één onderwerp verstrikt raken.”
ENERGIE
Stijgende energieprijs door onrust Midden-Oosten 2026 (bron: independer.nl)
“De energieprijs stijgt flink vanwege het escalerende geweld in het Midden-Oosten. We leggen uit wat dit betekent voor je energiecontract en wat slim is om te doen. Zo kom je niet voor verrassingen te staan.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
De oorlog in het Midden Oosten heeft ertoe geleid dat Iran ook landen als Koeweit en Qatar aanvalt. Veel energiecentralies in Qatar zijn bestookt. Qatar is na de VS de grootste exporteur van LNG-gas ter wereld en verscheept het gas via de Straat van Hormuz, waar de doorgang beperkt is. Dat heeft gevolgen voor de gasprijs en de gasvoorraad. Vanaf begin maart stegen de gasprijzen sterk en het is onzeker hoe de situatie zich verder ontwikkelt.
De al opgelopen beursprijzen kunnen nog verder oplopen bij deze gespannen geopolitieke situatie. Hogere beursprijzen betekenen hogere prijzen voor de huishoudens. De prijzen zullen waarschijnlijk pas weer dalen nadat de Straat van Hormuz open en weer bevaarbaar is.
Met een al lage gasvoorraad en een nu achterblijvend aanbod, zal de gasprijs verder stijgen. Onzekere tijden dus op de energiemarkt.
In augustus 2022 (de energiecrisis) bereikte de gasprijs een recordhoogte van € 300,00 per megawatt. Kijkend naar 2026: direct na het uitbreken van de oorlog lag de prijs tussen € 48,00 en € 54,00 per megawatt gas. Tijdens de energiecrisis lagen de prijzen per kuub gas tussen € 4,00 en € 5,00. Dat is nu € 1,20.
De ervaring heeft echter geleerd dat prijzen snel kunnen stijgen bij voortdurende geopolitieke spanningen. En, we meldden het hierboven al: de toekomst is onzeker.
Wat is wijsheid bij het aangaan van een energiecontract?
Kijkend naar de diverse contractvormen”
- Vast contract
De tarieven blijven vast tot het einde van het contract. Bij eerder verbreken van het contract, geldt een opzegboete.
- Vast contract dat binnenkort eindigt
Dan kan er gebruik worden gemaakt van het zgn. switchwindow. Het contract wordt overeengekomen aan de hand van de actuele tarieven en een toekomstige ingangsdatum kan worden gekozen.
Veelal is dat mogelijk 3 tot 6 maanden voor de daadwerkelijke ingang van het contract. Bij de einddatum van het actuele contract, begint het nieuwe contract. Dat voorkomt opzegboete. Daarnaast wordt geprofiteerd van de switchwindow. Het nieuwe contract komt tot stand aan de hand van de actuele energieprijzen, ongeacht of die zijn gestegen bij aanvang van het nieuwe contract.
- Variabel contract
Bij aanhoudende onrust in het Midden Oosten is er een reële kans dat een prijsstijging volgt. De energieleverancier is verplicht de contractant 30 dagen tevoren te informeren over de nieuwe prijzen.
Een variabel contract is dagelijks opzegbaar. Er geldt een opzegtermijn van 30 dagen.
Zekerheid wensen over de energielasten betekent kiezen voor een vast contract. Indien u een financiële buffer heeft en het snel weer relatief rustig wordt in het Midden Oosten, kan kunt u uw variabele contract continueren. Indien er een prijsdaling komt, kunt u daarvan meteen gebruik maken. Voor de volledigheid: zo’n 40% van de huishoudens heeft momenteel een variabel contract.
Stijgende beursprijzen betekenen een directe stijging van de energiekosten. Deze contractvorm is dagelijks opzegbaar. De opzegtermijn is 30 dagen.
Ook hier geldt: zekerheid wensen over de energielasten betekent kiezen voor een vast contract. Indien u een financiële buffer heeft en het snel weer relatief rustig wordt in het Midden Oosten, kan kunt u uw dynamische contract continueren. Indien er een prijsdaling komt, kunt u daarvan meteen gebruik maken.
- Hybride contract
Voor een hybride contract geldt: de stroomprijzen zijn dynamisch, de gasprijzen zijn vast. Indien een contractant het gascontract wil beëindigen, geldt bij deze variant een opzegboete voor het gascontract. Vanwege het feit dat de gas- en stroomprijs nauw correleren, loopt u het risico dat de stroomprijs meestijgt met de gasprijs.
Indien u een keuze moet maken op korte termijn: kunt u hier uw energiecontract vergelijken.
Groter risico op ‘energiearmoede’ als huishoudens moeten betalen voor CO2-uitstoot (bron: nos.nl)
“Na grote bedrijven moeten ook huishoudens en kleinere bedrijven gaan betalen voor hun CO2-uitstoot. Het was al bekend dat dat na uitstel per 2028 moet, maar het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) waarschuwt in een nieuw rapport dat de kosten daarvan flink kunnen verschillen per huishouden. Kwetsbare huishoudens kunnen zelfs in de knel komen, waarschuwt het planbureau en vindt dat de politiek met passende maatregelen moet komen.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Nu betalen nog vooral grote bedrijven en energiecentrales via een speciale veiling voor hun CO2-uitstoot. Per ton uitgestote CO2, moet een certificaat gekocht worden. Dat moet als prikkel dienen ter verlaging van de uitstoot (conformETS).
Met ingang van 2028 treedt ETS2 in werking. ETS2 geldt voor kleinere bedrijven, huishoudens en weggebruikers die ook moeten gaan betalen voor de CO2-uitstoot van hun aardgas-, benzine- en dieselverbruik. Dat betaling gebeurt indirect: de energieleveranciers kopen de uitstootrechten. Verwacht wordt dat die doorberekend worden via de brandstofstofprijs en de energiekosten thuis.
Wat ETS2 gaat kosten? Het PBL is daarmee aan de slag gegaan. Dat is nog moeilijk in te schatten. Een voorzichtige schatting is dat de kosten voor bewoners van een klein appartement en een benzineauto (indien ze zo’n 6.000 km. per jaar rijden), vanaf 2030 ongeveer 10 tot 20 euro zullen bedragen. De kosten voor bewoners van een grote vrijstaande woning en een auto (indien ze zo’n 20.000 km. per jaar rijden), zullen vanaf 2030 ongeveer 30 tot 70 euro bedragen. Daarentegen maken huishoudens met een electrische auto en een volledig electrische warmtepomp geen extra kosten. Echter, zo waarschuwt het PBL, niet iedereen kan zich een electrische auto of een warmtepomp permitteren. Bovendien zijn huurders afhankelijk van hun verhuurder. Het PBL meent dat ETS2 daarmee het risico op energie- en vervoersarmoede vergroot.
“Recente gebeurtenissen laten zien dat de te hoge energieprijzen leiden tot zorgen over energiearmoede en problemen bij specifieke groepen Nederlanders”, zegt PBL-directeur Marko Hekkert, verwijzend naar de hoge olie- en gasprijzen door de oorlog in het Midden-Oosten. “Ondersteuning van kwetsbare huishoudens kan dit effect van het ETS2 beperken.”
In Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland bestaat een CO2-heffing en worden arme huishoudens ondersteund om hun energiekosten en mobiliteitskosten te betalen. Verduurzaming wordt ook financieel gehonoreerd. Kwetsbare huishoudens worden beschermd tegen extra kosten.
De uitstootveiling brengt niet alleen extra kosten met zich mee, maar levert ook veel op. Daarbij gaat het in 2024 om zo’n 4 miljard euro. Dit bedrag kan gebruikt worden om de verduurzaming minder duur te maken. Daarnaast bestaat er het Europees Sociaal Klimaatfonds, waar voor Nederland 720 miljoen euro in zit voor de periode 2026 tot 2032. Ook dat kan ons land meer gaan gebruiken, beschrijft het PBL.
Inmiddels, zo geeft het PBL aan, betalen huishoudens en weggebruikers al een relatief hoge prijs voor energie. Indien de kosten voor de CO2-uitstoot de komende jaren flink stijgen, kan het kabinet deze heffingen verlagen om daarmee huishoudens tegemoet te komen.
Na 2030 kunnen de kosten snel stijgen. Vanaf dat jaar hebben de landen geen maatregelen meer om de prijs te beheersen. Voor de periode daarna is het klimaatbeleid slechts deels uitgewerkt. Het zou kunnen dat CO2-uitstoten snel in prijs stijgen. Het PBL geeft aan dat Nederland slechts weinig invloed heeft op de prijzen. Dat komt doordat de vraag naar uitstootrechten en dus de prijs in grote mate wordt vastgesteld door grote landen die meer uitstoten.
Een mogelijkheid zou kunnen zijn de plannen opnieuw uit stellen. De politieke druk om het handelssysteem te versoepelen, is groot. Indien de energieprijzen heel hoog blijven en bij de EU-lidstaten de wens bestaan ETS2 nog eens een jaar uit te stellen, dat is dat eenmalig nog mogelijk.
PENSIOENEN
Ook pensioenfondsen onder nieuwe stelsel krijgen klappen op de beurs (bron: nos.nl)
“Ook de pensioenfondsen die al zijn overgestapt naar het nieuwe pensioenstelsel hebben last van de oorlog in het Midden-Oosten. Dat blijkt uit hun cijfers over het eerste kwartaal. Het is nog onduidelijk wat dit precies betekent voor de pensioenen van gepensioneerden in 2027.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
ABP en PME, die nog vallen onder het oude pensioenstelsel, meldden eerder al dat de dekkingsgraad is gedaald. De drie pensioenfondsen, die per 2026 overstapten, zijnde Pensioenfonds Metaal en Techniek, Bpf Bouw en Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PFZW), zinspelen er inmiddels op dat, op basis van het beleggingsresultaat uit de eerste drie maanden van 2026, de pensioenen volgend jaar niet kunnen worden verhoogd.
Bpf Bouw, Zorg en Welzijn en Metaal en Techniek daarentegen stellen dat hun buffers hoog genoeg zijn om mogelijke nieuwe klappen op de beurs op te vangen, zodat de pensioenen volgend jaar niet hoeven te worden verlaagd.
De laatste stand van zaken van de pensioenfondsen vindt u hier
WONEN
Deel huizenbezitters raakt hypotheekrenteaftrek kwijt, ‘kabinet moet iets bedenken’ (bron: nos.nl)
“Het kabinet moet nu echt een besluit nemen over de hypotheekrenteaftrek, omdat er vanaf 2031 anders chaos kan ontstaan. Daarvoor waarschuwen ambtenaren van het ministerie van Financiën in een rapport dat naar de Tweede Kamer is gestuurd. Vanaf 2031 vervalt voor veel Nederlanders het recht op de maximale aftrekperiode van 30 jaar. Maar wie dat precies zijn weet niemand, want er is geen instantie die dat centraal bijhoudt.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Het gaat voornamelijk om Nederlanders met een (deels) aflossingsvrije hypotheek van voor 2013 die daar nog openstaande schulden van hebben. De vraag is hoe lang zij nog recht hebben op hypotheekrenteaftrek. Het betreft naar schatting ongeveer een miljoen hypotheken. Ambtenaren geven aan dat in de praktijk de gevolgen nu al merkbaar zijn en appelleren aan het kabinet hiermee aan de slag te gaan. De onduidelijkheid over de toekomst leidt er ook toe dat hypotheekadviseurs geen goed advies meer kunnen geven.
In 1990 nam het aantal huizenbezitters met een aflossingsvrije hypotheek sterk toe. Dat was toen positief: huizenbezitters hoefden niet af te lossen, maar konden wel voortdurend de maximale hypotheekrente aftrekken.
Vaak hebben mensen verschillende leningdelen, bijvoorbeeld omdat ze in de tussentijd zijn verhuisd of hebben verbouwd. Voor de nieuwe delen geldt het recht op 30 jaar hypotheekrenteaftrek.
Inmiddels heeft een groot deel van de oudere Nederlanders dan ook een (deels) aflossingsvrije hypotheek:
Gevolg is dat de schatkist veel geld misliep. Het kabinet Kok-II nam het besluit: huizenbezitters mogen vanaf 2001 nog maximaal 30 jaar rente aftrekken. Wat niet werd besloten was wie dat zou bijhouden. Gevolg? Voor de eerste groep Nederlanders betekent dat dat de hypotheekrenteaftrek over vijf jaar eindigt. Alhoewel iedereen persoonlijk verantwoordelijk is voor een correcte belastingaangifte, geeft het ministerie van Financiën toe dat er eigenlijk geen beginnen aan is. Voor deze huizenbezitters is het bij niet na te gaan op welke lening zij gedurende welke periode aftrek hebben gehad, met name als er bijv. verhuisd of gescheiden is. De administratie is vaak niet meer voorhanden.
En de Belastingdienst? Ook die weet het niet. Zowel banken, hypotheekadviseurs en de Belastingdienst mogen deze gegevens wettelijk niet zo lang bewaren. Het betekent een reële kans dat er vanaf 2031 allerlei ingewikkelde juridische procedures ontstaan. Immers, het verdwijnen van de hypotheekrenteaftrek betekent voor huiseigenaren dat de woonlasten flink zullen toenemen. Zeker met een AOW of een in zicht komende pensioenleeftijd, daalt het inkomen aanzienlijk.
Huizenbezitters die hun eerste hypotheek na 2013 hebben afgesloten, zullen hoogstwaarschijnlijk niet met dit probleem geconfronteerd worden. Voor hen geldt dat de hypotheekrente uitsluitend afgetrokken mag worden bij het aflossen van de hypotheek binnen 30 jaar.
Mogelijke oplossingen
Ambtenaren opperen verschillende mogelijkheden. Deze hebben echter allemaal hun voor- en nadelen. Een simpele optie is om de hypotheekrenteaftrek in 2031 in één keer voor al deze leningen te stoppen. Daarmee ontvangt dan een grote groep woningeigenaren korter dan 30 jaar hypotheekrenteaftrek.
Andere mogelijkheid is de aftrek voor deze leningen pas in 2043 te stoppen. Sommige woningbezitters krijgen dan langer dan 30 jaar hypotheekrenteaftrek. De kosten voor de schatkist zijn naar schatting 1,4 miljard euro per jaar.
Daarnaast zijn er nog allerlei tussenvarianten en overgangsregelingen mogelijk. Zo is het ook een optie om alle aflossingsvrije hypotheken van voor 2013 om te zetten naar een annuïtaire hypotheek, waarbij mensen wel maandelijks gaan aflossen en de aftrek behouden.
Hoe nu verder?
De coalitie denkt daar verschillend over. De VVD wil de aftrek volledig behouden, D66 en CDA hebben voorkeur voor een vermindering. Het is en wordt moeilijk, temeer omdat de drie partijen verschillend stemden over een motie hierover.
De ambtenaren dragen nog een mogelijkheid aan. Deze zou politiek waarschijnlijk het aantrekkelijkst zijn: helemaal niks doen. Sommige mensen zullen in hun belastingaangifte stiekem langer aftrek opgeven, terwijl anderen daar uit angst voor de gevolgen van afzien.
Onderaan de streep zou die optie de schatkist volgens een eerste, grove schatting zo’n 100 miljoen euro per jaar kosten. Ambtenaren waarschuwen wel dat het uiteindelijk niet veel goeds betekent voor de belastingmoraal.
Wat het kabinet met het advies gaat doen is nog onduidelijk. Staatssecretaris Eerenberg van Financiën (D66) belooft nog deze kabinetsperiode met een oplossing te komen, maar vicepremier Yesilgöz (VVD) houdt vol dat een besluit aan een volgend kabinet wordt gelaten.
Zorg op de kaart: van versnipperde data naar gericht bouwen voor ouderen (bron: tno.nl)
“Er moeten voor 2030 ruim 300.000 geschikte ouderenwoningen bij komen, maar niemand weet precies waar. De woningvoorraad is niet ingericht op de vergrijzing, en de data om dat te beoordelen ligt versnipperd over tientallen bronnen. In opdracht van het Ministerie van VWS ontwikkelde TNO ‘Zorg op de kaart’: een dataplatform dat woninggegevens, zorgvraag en voorzieningen per wijk combineert tot een landelijk beeld.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
“Er zijn veel verschillende bronnen die maar een deel van de waarheid bevatten”, zegt Anneloes de Lange, onderzoeker bij TNO en betrokken bij de ontwikkeling van Zorg op de kaart. Het CBS heeft demografische data, het Kadaster weet welke woningen waar staan, gemeenten kennen hun eigen wijken en zorginstellingen houden hun eigen bezetting bij. “Maar het totaalplaatje van die bronnen samengevoegd ontbrak nog”, zegt Anneloes.
Instanties die willen starten, worden met een aantal vragen geconfronteerd: in welke buurten neemt de zorgvraag het meest toe, waar ontbreken voorzieningen om ouderen zelfstandig te laten blijven wonen en welk aantal woningen is er sowieso geschikt?
“Er wordt wel gestuurd op meer geschikte woningen en geclusterde woonvormen, maar er wordt niet goed bijgehouden hoeveel er zijn en waar ze staan”, zegt Eliane Overgaag Schreuder, ook onderzoeker bij TNO. “Er is wel beleid, maar wat gebeurt daar dan eigenlijk mee?”
Zorg op de kaart voegt de data van de tientallen bronnen samen. Per buurt en gemeente is de huidige zorgvraag, de verwachte zorgvraag, de mogelijkheid van de woningvoorraad voor langer zelfstandig thuis wonen, nabijheid van voorzieningen en de locatie van zorginstellingen in kaart gebracht.
En daar bleef het niet bij. Op basis van CBS-data en demografische prognoses werd berekend waar de zorgvraag de komende jaren het meest zal toenemen.
“Wij proberen alle bronnen samen te voegen zodat je een zo kloppend mogelijk beeld krijgt van het hele land”, zegt Anneloes. Er zijn instanties die per regio goede cijfers presenteren, maar ook dat is weer een versnippering. Zorg op de kaart is er ook voor kleinere gemeenten, waar een budget ontbreekt om zelf uitgebreide analyses te laten maken. De informatie is voor iedereen toegankelijk.
De analyses zullen steeds verder de diepte in gaan. Nu wordt vooral gekeken naar de buitenkant van de woning. Bij zorggeschikte woningen is de badkamer vaak een kritiek punt. “Daar vallen initiatieven soms op af”, zegt Eliane, “omdat er te weinig ruimte is om goed zorg te verlenen. Denk bijvoorbeeld aan de draaicirkel die nodig is voor een rolstoel. Als een woning eenmaal een bepaalde constructie heeft, dan kan dit moeilijk veranderen.” Via het scannen van plattegronden, wil TNO meer informatie over de woningen vergaren. “Via getrainde modellen is het de bedoeling om straks zo veel mogelijk woningen in Nederland op die kenmerken te beoordelen”, zegt Anneloes.
Na de analyse moet actie ondernomen worden. Het ministerie wil naar realisatie van geclusterde woonvormen. Niet duidelijk is waar dat dan moet gebeuren. Ook daar ging TNO mee aan de slag. Elf factoren, van demografie, zorgvraag, nabijheid van voorzieningen en het geschikte aanbod, werden gewogen. Zo kan per buurt worden bepaald hoe geschikt deze is voor een geclusterde woonvorm.
Dus: alle instanties met dezelfde informatie. Eliane beschrijft hoe gemeenten dat oppakken: “Met het sociaal domein, met het fysieke domein samen boven de kaart hangen om te kijken wat er nodig is voor jouw gemeente.” Dat gebeurt al. De kaart verschijnt bijvoorbeeld in presentaties die het aanjaagteam Wonen Welzijn Zorg voor Ouderen geeft bij gemeenten. TNO test de weging nu met gemeenten om te zien wat het oplevert in de praktijk.
Minister stopt met subsidieregeling hofjes (bron: seniorenjournaal.nl)
“Minister Mirjam Sterk stopt met de ‘Stimuleringsregeling Wonen en Zorg’. De subsidie was bedoeld voor de financiering van kleinschalige wooninitiatieven voor ouderen. In de toelichting staat volgens Zorgvisie dat er geen geld is voor de regeling in verband met de ‘taakstellingen bij de overheid’. De subsidieregeling is bedoeld voor het ondersteunen van sociale ondernemers en bewonersinitiatieven bij het maken van een plan voor de totstandkoming van kleinschalige woon-zorgvoorzieningen, zoals hofjes. “Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Een opmerkelijke beslissing van minister Sterk, zo Zorgvisie. Met het scheiden van wonen en zorg wordt de capaciteit van de verpleeghuiszorg min of meer gelijk gehouden en dat ondanks de vergrijzing. Er moeten vooral zorggeschikte woningen buiten een verpleeghuis worden gebouwd. ABN-AMRO becijferde recentelijk dat de vraag naar kleinschalige woningen de komende jaren sterk zal toenemen. Minister Sterk bekijkt eind 2026 of er voor 2027 wel weer geld beschikbaar is.
En dan verschijnt het volgende bericht op 14 mei 2026
Kabinet maakt extra geld vrij voor Knarrenhofjes, maar wachtlijst blijft lang (bron: nos.nl)
“Het kabinet maakt meer geld vrij voor het realiseren van woningen voor ouderen die zelfstandig willen blijven wonen. Er is dit jaar 40 miljoen euro subsidie beschikbaar, bijna twee keer zoveel als vorig jaar.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.
Een Knarrenhof is een woonvorm waarbij ouderen een eigen woning hebben, ze helpen elkaar en ondernemen dingen samen. Er staan 70.000 ouderen op de wachtlijst voor een woning. Nederland telt op dit moment vijftien Knarrenhofjes met in totaal 500 woningen. De planning is komende jaren een toename van 3.000 woningen te realiseren. In Nederland is een woningtekort. Belangrijk onderdeel daarvan is de beperkte doorstroom van ouderen.
De redenen om in een Knarrenhofje te gaan wonen, zijn divers. Er zijn ouderen die de huidige woning te groot vinden, of ouderen die niet meer kunnen traplopen, of ouderen die niet alleen willen wonen, of ouderen die aangeven dat in een Knarrenhofje naar elkaar wordt omgekeken.
Blijft het gegeven dat slechts weinig ouderen hun eengezinswoning voor een kleinere, meer geschikte woning verruilen. Onder andere dat maakt dat er onvoldoende woningen vrij komen voor starters en gezinnen.
“Ouderen wonen vaak al lang op dezelfde plek en zijn daardoor gehecht aan hun omgeving”, zegt Peter Boelhouwer, hoogleraar woningmarkt aan de TU Delft. “Een kleine, dure seniorenwoning aan de andere kant van de stad is dan niet zo verleidelijk.” Dat betekent volgens Boelhouwer niet dat ouderen helemaal niet willen verhuizen, “maar je moet ze wel een interessant alternatief bieden”.
De Knarrenhof zou daarvoor een oplossing kunnen zijn, ware het niet dat dat in de praktijk tegenvalt, zegt voorzitter van Stichting Knarrenhof Peter Prak. “De vraag naar ons concept is vele malen groter dan het aantal locaties dat we kunnen bemachtigen.”
“Dat is zonde”, zegt Boelhouwer, “want de mogelijkheid om laagdrempelig buren te ontmoeten en elkaar hier en daar wat te ondersteunen kan ouderen ertoe brengen toch te verhuizen. In een Knarrenhof kunnen ze langer zelfstandig blijven wonen dan als ze ergens alleen wonen. En het verlaagt de druk op de gezondheidszorg, want mensen die minder eenzaam zijn gaan minder vaak naar de dokter.”
De woonvorm vindt niet op omvangrijke wijze plaats. Hoogleraar Boelhouwer meent dat dat komt doordat de bouw allerlei hindernissen ondervindt. “De initiatiefnemers zijn vaak particulieren, die met commerciële partijen moeten concurreren om dezelfde gemeentegrond. Dat verliezen ze geregeld, want de gemeente kiest meestal voor de partij die het meeste geld biedt.”
Als de grond wel wordt toegekend aan een Knarrenhof, kan er nog van alles tegen zitten. “Voorwaarde voor het krijgen van subsidie is bijvoorbeeld dat de bouwvergunning op tijd binnen is”, zegt Prak (voorzitter Stichting Knarrenhof). “Die deadline wordt nu regelmatig niet gehaald door gemeentes.”
Het blijkt ook gecompliceerd te zijn een financiering te realiseren. Banken zijn niet altijd bereid dit soort alternatieve woonvormen te financieren. Er ligt overigens nog een belofte uit 2019 van het toenmalige kabinet om te onderzoeken of de overheid garant kon staan voor dit soort initiatieven.
“In totaal heb ik nu zeven ministers op bezoek gehad, die allemaal het belang van dit soort woningen onderstrepen”, zegt Prak. “En er gebeurt ook wel iets, maar met het oog op de vergrijzing de komende 100 jaar too little too late.”
Prak noemt de verhoging van de subsidie “een goed begin”. Echter, het duurt bij deze aanpak nog altijd lang voordat iedereen op de wachtlijst kan verhuizen. Een investering van 40 miljoen betekent het bouwen van ongeveer 230 ontmoetingsruimten en circa 4.000 woningen. Daarmee zijn de 70.000 wachtenden niet geholpen.
Minister Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting erkent dat alleen subsidie niet voldoende is om aan de grote vraag te voldoen. “De bouw van het aantal ouderenwoningen blijft achter bij de gewenste aantallen. We gaan er alles aan doen om de problemen op te lossen. De subsidie is een eerste stap.”
- Word lid van AOW.nu Plus
- AOW-betaaldagen
- AOW-bedragen
- AOW en vakantiegeld
- Erfbelasting
- 65plus Meevallers




