AOWeetjes februari 2026

Hieronder treft u een aantal nieuwsberichten aan die voor u van belang (kunnen) zijn. Het is slechts een greep uit de vele. AOW.nu heeft geprobeerd de belangrijkste over de periode februari 2026 er uit te filteren.

Klik snel door naar:

  1. Van café tot huisarts: dorpen in hele land zien voorzieningen verdwijnen
  2. Gemeentelijke belastingen stijgen 6,5 procent
  3. Inflatie in januari 2,4 procent
  4. De verdwijning van iDEAL en de introductie van het nieuwe betalingssysteem Wero
  5. Overstap iDEAL naar Wero zorgt voor nepmails
  6. Slim schenken door een huis te verkopen voor de WOZ-waarde: in 2026 kan het nog
  7. Bezuinigingen hardste klap voor oudere
  8. De nieuwe Energiewet: zo weet u of u in 2026 boetevrij kunt overstappen naar een andere energieleverancier
  9. Noodfonds Energie positief over voornemen kabinet huishoudens te ondersteunen met energierekening
  10. Huishoudens betalen vanaf 2028 meer voor electriciteit op piekmomenten
  11. Dure keuringen voor 75+-bestuurders vanaf 2026 aangepast
  12. ANWB-AutoMaatje
  13. Gevolgen Wet Betaalbare Huur: geringer aanbod van woningen, meer druk op huurders
  14. Ouderen gaan meer betalen voor hun zorg




Algemeen

Van café tot huisarts: dorpen in hele land zien voorzieningen verdwijnen (bron: nos.nl)

‘In ongeveer de helft (51 procent) van alle buurten en dorpen is de afgelopen vijf jaar de bereikbaarheid van noodzakelijke voorzieningen zoals de huisarts, basisschool, kinderopvang of de supermarkt verslechterd. Dat blijkt uit een analyse van CBS-data door de regionale omroepen in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel van nos.nl.

In een op de vijf buurten en dorpen zijn daadwerkelijk een of meerdere soorten voorzieningen verdwenen. Dat betekent dat voor die voorziening in 2024 verder dan één kilometer moest worden gereisd. In de overige buurten is de afstand verder gegroeid tot voorzieningen die al langer niet heel dichtbij waren.

De teruggang in deze voor de leefbaarheid belangrijke voorzieningen beperkt zich niet tot de uiterste randen van het land. Dorpen in de Betuwe hebben hier net zo goed last van. Maar ook in steden komt het voor dat bijvoorbeeld verlieslijdende buurtsupers in kleinere winkelstraten sluiten en de wijk daarna is aangewezen op een grote supermarkt verderop.

De gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek laten duidelijk zien waar de klappen vallen. De regionale omroepen vergeleken de meest recente gegevens van 10.000 ‘buurten’, uit 2024, met die van 2019, het vroegst vergelijkbare jaar waarover gegevens beschikbaar zijn. Daardoor zijn verschillen over een periode van vijf jaar zichtbaar.

Tegen de trend in is zo’n 15 procent van de buurten er de laatste vijf jaar juist op vooruitgegaan. Concreet betekent dit dat zich in bijna een op de tien buurten een of meerdere soorten voorzieningen hebben gevestigd. In de overige gevallen zijn voorzieningen dichter bij een buurt terechtgekomen.

Verantwoording

Het grondgebied van Nederland is opgedeeld in 14.574 ‘buurten’. Het CBS houdt van deze buurten bij wat de afstand is tot zo’n dertig voorzieningen. De analyse richt zich op de negen meest gebruikte voorzieningen die het belangrijkst zijn voor de dagelijkse leefbaarheid in een woonomgeving.

Dat zijn de supermarkt, overige levensmiddelen, de basisschool, het kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang, de bibliotheek, de huisarts, een cafetaria en een café. Buiten beschouwing gelaten worden categorieën als ziekenhuis, hotel, restaurant, treinstation, voortgezet onderwijs, bioscoop, museum en poppodium.

Van 10.517 buurten zijn data van zowel 2019 als 2024 beschikbaar. De resterende buurten vallen af omdat tussentijds hun grenzen of coderingen zijn veranderd. Er werd een ondergrens van 250 bewoners per buurt gehanteerd én er moest sprake zijn van flink wat huizen bij elkaar. Daarmee vallen buurten af met namen als ‘Verspreide huizen Zorgvlied’ en ‘Buitengebied Nieuwvliet’. Ook vakantieparken, die soms als buurt worden aangeduid, tellen niet mee. (bron: nos.nl. Vanwege de duidelijkheid is dit artikel nagenoeg één-op-één overgenomen.)

Belastingen

Gemeentelijke belastingen stijgen 6,5 procent, zoveel ga jij betalen (bron: rtl.nl)

‘Gemeenten verwachten dit jaar opnieuw meer geld binnen te halen uit heffingen en belastingen. Ze rekenen op 15,3 miljard euro, een stijging van 6,5 procent ten opzichte van 2025. De parkeergelden nemen het meeste toe.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Genoemde bedragen werden gemeld door het CBS op basis van onderzoek naar de gemeentelijke begrotingen voor 2025. De stijging nu is 6,5 procent. In 2024 en 2025 bedroegen de stijgingen respectievelijk 8,5 en 8 procent.

De hoogste stijging vindt plaats bij de parkeerheffingen. De begrote opbrengsten groeien fors, met 8,8 procent tot 1,6 miljard euro. Vooral in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag zijn de opbrengsten fors hoger dan een jaar eerder. In Amsterdam zijn de verwachte inkomsten uit parkeren 452 miljoen euro. Dat is een stijging van 43 miljoen euro. Reden is de uitbreiding van het aantal gebieden met betaald parkeren. Ook zijn de tarieven van parkeren in garages gestegen. Dit vanwege de stijgende kosten van onderhoud.

Het Rijk geeft aan dat gemeenten ongeveer een zesde van hun inkomsten uit gemeentelijke heffingen en belastingen halen. Het grootste deel komt uit de onroerende zaakbelasting (ozb), de rioolheffing, de afvalstoffenheffing en de parkeergelden. De opbrengsten gaan volgende de begrotingen in 2026 samen 13 miljard euro opleveren.

Economie en financiën

Inflatie in januari 2,4 procent (bron: cbs.nl)

De inflatie wordt elke maand gemeten als de ontwikkeling van de consumentenprijsindex (CPI) ten opzichte van dezelfde maand in het voorgaande jaar. De CPI geeft ook inzicht in de prijsontwikkeling in vergelijking met een maand eerder.

Prijzen voor consumenten daalden in januari 2026 met 0,7 procent ten opzichte van december 2025

Daarbij is een kanttekening op zijn plaats. Rekening moet worden gehouden met de invloed van het seizoen. Kleding bijv. is tijdens de uitverkoop goedkoper. Dat is echter geen structurele prijsdaling.

Inflatie afbeelding

Prijsontwikkeling productgroepen

Productgroepen zijn samentellingen van bestedingscategoriën op een bepaald thema, zoals alle diensten.

  Januari 2026 (%) December 2025 (%)
Totaal 2,4 2,8
Voedingsmiddelen, dranken en tabak 2,0 3,1
Energie inclusief motorbrandstoffen 0,4 -0,4
Industriële goederen exclusief
energie en motorbrandstoffen
0,6 0,9
Diensten 3,9 4,1
Consumptie in het buitenland 0,2 0,5

Het CBS publiceert twee verschillende cijfers voor inflatie. Een op basis van de consumentenprijsindex (CPI) en een op basis van de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP). De raming van de inflatie in Nederland volgens de HICP was in januari 2,2 procent. In december was de inflatie volgens de HICP 2,7 procent.

Het belangrijkste verschil tussen de CPI en de HICP voor Nederland is dat de HICP geen rekening houdt met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de ontwikkeling van woninghuren.

Lagere inflatie door prijsontwikkeling voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken

De prijsontwikkeling van voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken had een neerwaarts effect op de ontwikkeling van de inflatie. Deze waren in januari 2,0 procent duurder dan een jaar eerder, in december was dit 3,3 procent.

Kleding en schoenen droegen ook bij aan de daling

De prijsontwikkeling van kleding en schoenen droeg ook bij aan de daling van de inflatie. In januari waren kleding en schoenen 0,5 procent goedkoper dan in dezelfde maand het jaar daarvoor. In december was er een prijsstijging van 1,0 procent. Ook de prijsontwikkeling van tandheelkundige diensten had een drukkend effect op de ontwikkeling van de inflatie.

Inflatie eurozone

De inflatie in de eurozone daalde van 2,0 procent in december naar 1,7 procent in januari en was daarbij in januari lager dan in Nederland. De prijzen van energie waren in januari 2026 in de eurozone lager dan in januari vorig jaar, terwijl deze in Nederland hoger waren. Daarnaast was de prijsstijging bij diensten en industriële goederen in januari in Nederland groter dan gemiddeld in de eurozone.

Meer over de inflatie vindt u hier

De verdwijning van iDEAL en de introductie van het nieuwe betalingssysteem Wero (bron: radar.avrotros.nl)

Nagenoeg iedereen in Nederland gebruikt iDEAL voor online betalingen. Dat is bijna voorbije tijd. Een nieuw Europees betaalsysteem, Wero, zal iDEAL opvolgen. Het is de bedoeling dat iDEAL eind 2027 helemaal verdwenen is. Hieronder een overzicht van wat er verdwijnt en wat er komen gaat.

Redenen waarom iDEAL wordt vervangen

Het European Payments Initiative (EPI) is een samenwerkingsverband van grote Europese banken. Het EPI werkt aan een voor heel Europa werkbare betaalmethode. De organisatie is de mening toegedaan dat Europa te afhankelijk is van niet-Europese partijen (o.a. Visa, Mastercard en Paypal). Daarnaast is het Europese betaalverkeer versnipperd over tientallen lokale systemen, zoals iDEAL, Bancontact (België) en Paylib (Frankrijk).

Wat is Wero

Wero is de naam van het Europawijde systeem. Het moet zorgen voor “een uniforme en directe digitale betalingsoplossing in Europa”, zo het EPI. Wero is echter niet alleen een nieuwe manier om online te betalen, maar wordt ontwikkeld als een zogeheten digitale portemonnee en krijgt daarmee veel meer mogelijkheden. Te denken valt daarbij aan geld overmaken naar vrienden, contactloos betalen in winkels, betaalverzoeken sturen of ontvangen en zelfs het bewaren van digitale bonnetjes of spaarkaarten. Daarmee moet Wero “een-alles-in-een-oplossing” worden voor digitaal betalen in Europa, straks te gebruiken via de app van de eigen bank of via een losse Wero-app, die gekoppeld wordt aan de bankrekening. Net als bij iDEAL verloopt de betaling via een directe bankoverschrijving met een verwerkingstijd van enkele seconden.

Wanneer gaat Nederland hiermee werken?

EPI meldde onlangs bij het AD dat de gefaseerde uitrol in Nederland in 2026 zal plaatsvinden. Een exacte datum waarop consumenten voor het eerst kennismaken met Wero bij betalingen wordt niet genoemd. Wero werkt al in Duitsland, Frankrijk en België.

In eerste instantie gaat het om eenvoudige betalingen tussen personen. Later volgen dan betalingen in webshops en winkels. Omdat Wero voortbouwt op de techniek van iDEAL zullen consumenten daar in eerste instantie niets van merken. Of tijdens de overgangsfase nog een keuze te maken is tussen iDEAL en Wero is nog niet duidelijk.

Veiligheid van Wero ten opzichte van iDEAL

Veiligheid is een van de uitgangspunten bij de ontwikkeling van Wero, zo geeft EPI aan. De betaling verloopt via de eigen bankomgeving. Het geldt wordt direct overgemaakt van de eigen rekening naar de rekening van de ontvanger. De Europese regelgeving voor betaaldiensten blijft gewoon van kracht, zoals de verplichting tot tweestapsverificatie. Daarnaast maakt Wero gebruik van de bestaande infrastructuur van banken. Dat betekent dat de beveiliging grotendeels vergelijkbaar is met de beveiliging van nu.

Moet u nu actie ondernemen?

Het antwoord is: voor nu niet. De EPI meldt dat “bijna alle Nederlandse banken meedoen” met de overstap. Straks komt Wero via uw bestaande bankapp beschikbaar, of als losse ap. In theorie verandert er dus weinig aan de handeling zelf: u kiest voor Wero, keurt de betaling via uw bank goed en u bent klaar.

Hoe toepassingen als iDEAL-betaallinks via WhatsApp, QR-codes op facturen en vaste afschrijvingen voor abonnementen tijdens de overgang verlopen, is op dit moment nog niet geheel duidelijk. EPI geeft aan dat Wero voortbouwt op de techniek van iDEAL en daardoor “in eerste instantie vertrouwd zal aanvoelen”.

Kortom: Wero lijkt sterk op wat u gewend bent van iDEAL, met meer mogelijkheden op termijn.

Overstap iDEAL naar Wero zorgt voor nepmails (bron: seniorenweb.nl)

“De komst van Wero is op steeds meer plekken te zien. Ook in nepmails in je inbox. Misschien heb je hem ook al gespot in uw inbox. Een mail uit naam van KPN over Wero. Dit nieuwe betaalsysteem gaat het bekende iDEAL vervangen in 2026. Perfect voor oplichters om op in te spelen.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

De boodschap van de mail is dat u, vanwege de overstap naar Wero, uw rekening moet bevestigen. Als verklaring wordt gemeld dat KNP zo de automatische afschrijving kan blijven doen. Onder de mail treft u een knop aan om de rekening te controleren. Klik niet op deze knop! U hoeft zelf niets te doen voor de overstap naar Wero. Dit wordt door de banken zelf geregeld. Verwacht wordt dat dit niet de enige nepmail is die over de overstap verschijnt. Gaat u er niet op in en gooit u ze meteen weg!

Heeft u soms digitaal hulp nodig? SeniorWeb helpt u met digitale vragen. Via AOW.nu Plus kunt u SeniorWeb 6 maanden gratis uitproberen.

U bent al lid van AOW.nu Plus voor slechts 4 euro per maand.

Banner AOW.nu Plus met 25% korting

 

Slim schenken door een huis te verkopen voor de WOZ-waarde: in 2026 kan het nog (bron: maxvandaag.nl)

‘Soms wordt overwogen om een huis te verkopen aan een (klein)kind of ander familielid. Bijvoorbeeld omdat u zelf kleiner wilt gaan wonen en uw (klein)kind al langere tijd op zoek is naar zelfstandige woonruimte. Maar het kan ook een slimme manier van schenken zijn. Hoe dat precies zit en wat de WOZ-waarde daarmee te maken heeft, leggen we uit.’ Dit is de lead van bovengenoemd artikel van maxvandaag.nl.

Een huis verkopen voor de WOZ-waarde, in plaats van de marktwaarde

De WOZ-waarde is de woningwaarde die de gemeente aan uw woning toekent met als peildatum 1 januari van het voorgaande jaar. De door de gemeente vastgestelde marktwaarde is veel lager dan de huidige marktwaarde. En dat kan soms gunstig zijn!

Voor 2026 geldt: een familielid mag nog een woning kopen voor de WOZ-waarde in plaats van de hogere marktwaarde. Dat betekent dat de koper in principe geen schenkbelasting hoeft te betalen, ook al is het huis meer waard.

Maxvandaag.nl noemt daarbij het volgende voorbeeld:

Stel: een huis heeft een WOZ‑waarde van 350.000 euro en een marktwaarde van 400.000 euro. U wilt dit huis verkopen aan uw zoon.

  • Als uw zoon het huis koopt voor 350.000 euro (de WOZ‑waarde), is er geen schenkbelasting. Hij betaalt minder dan de marktwaarde, maar de Belastingdienst ziet dit (nog) niet als een schenking.
  • Als de WOZ‑waarde hoger is, bijvoorbeeld 380.000 euro, maar uw zoon betaalt nog steeds 350.000 euro, dan telt het verschil van 30.000 euro wel als schenking. Over dat bedrag betaalt hij dan waarschijnlijk schenkbelasting.

Waarom we bij het laatste voorbeeld ‘waarschijnlijk’ zeggen? In 2026 mag u aan uw (pleeg)kinderen 6.908 euro schenken zonder dat u daar belasting over betaalt. Schenkt u geld aan iemand anders dan uw kind(eren), dan is dat maximaal 2.769 euro. Maar daarnaast mag uw uw kind ook één keer hoger belastingvrij bedrag schenken (33.129 euro).

Let op: hier zijn wel voorwaarden aan verbonden. Ook is deze verhoogde vrijstelling eenmalig en komt deze in plaats van de jaarlijkse vrijstelling. U mag uw kind in 2026 dus niet ook nog 6.908 euro schenken.

Vanwege een wijziging van de Successiewet zullen de regels van een huis kopen (zonder er schenkbelasting over te betalen) waarschijnlijk per 2027 vervallen. Per die datum wordt naar de marktwaarde gekeken.

In Nederland is het niet verboden om een woning onder de WOZ-waarde te verkopen. De wet vermeldt hier niets over. Máár, de Belastingdienst kijkt mee, vooral bij verkoop aan familie of vrienden. De overheidsinstantie kan het dan ook zien als een schenking, met schenkbelasting tot gevolg. Bij mensen die u niet kent is het vaak minder een probleem. Wel is het dan alsnog aan te raden om het te laten taxeren, om de lagere prijs te onderbouwen.

Bezuinigingen hardste klap voor oudere (bron: seniorenjournaal.nl)

“Ouderen krijgen volgens de Telegraaf in de plannen van het nieuwe kabinet de hardste klappen. Werknemers boven de 55 jaar hebben de meeste last van bezuinigingen op de uitkeringen. En senioren betalen de hoogste prijs voor versobering van de zorg.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Dat zeggen experts in de Telegraaf in een analyse van het coalitieakkoord. “Veel maatregelen raken ouderen meer dan jongeren”, zegt Paul de Beer, emeritus hoogleraar arbeidsverhoudingen aan de Universiteit van Amsterdam. Hoogleraar Annet de Langezegt: “Vooral kwetsbare 55-plussers met een lager inkomen zullen de dupe zijn.”

Niet evenwichtig verdeeld

“Er zijn relatief veel ouderen en er gaan er meer komen. Dus daar is de meeste winst te behalen als je bezuinigt”, constateert De Beer. En dat is volgens hem terug te zien in het coalitieakkoord: “Veel maatregelen raken ouderen meer dan jongeren. Het coalitieakkoord is niet evenwichtig verdeeld over de generaties.”

Kostenpost waar veel geld zit

Seniorenorganisatie ANBO-PCOB slaat alarm. “Door bezuinigingen op de sociale zekerheid en in de zorg worden ouderen onevenwichtig geraakt”, zegt directeur Anneke Sipkens. “We zien ouderen vaak als kostenpost waar veel geld zit dat je makkelijk weg kunt halen. Dat vind ik moeilijk, want ouderen worden als één grote groep gezien. Maar kijk eens naar ouderen die alleen AOW hebben of naar ouderen die kwetsbaar zijn of ouderen die afhankelijk zijn van zorg. Het coalitieakkoord is een spreadsheet-aanpak zonder te kijken wie je precies raakt.”

Niet-leeftijdsneutraal

Hoogleraar Annet de Lange, expert op het gebied van duurzame inzetbaarheid en werkzaam bij adviesbureau Berenschot, ziet dat veel maatregelen uit het coalitieakkoord nadelig uitpakken voor ouderen. “De nuance is dat die maatregelen niet per sé zo bedoeld zijn. Veel plannen in het akkoord zijn niet bedoeld om 55-plussers in de weg te zitten. Maar het is inderdaad wel zo dat de effecten niet-leeftijdsneutraal uitpakken.”

Veel ouderen de klos

“Als we naar alle maatregelen in de zorg kijken, zijn veel ouderen de klos”, aldus Sipkens. “Hoger eigen risico, bezuinigingen op huishoudelijke hulp in de WMO, afschaffing van de aftrek van specifieke zorgkosten, wat een AOW’er zo 800 euro per jaar kan schelen. Dat kan ook mantelzorgers treffen die iemand naar het ziekenhuis brengen en kosten maken. Dan nog de bezuinigingen in de wijkverpleging en op de ouderenzorg.”

Iedereen wordt geraakt

Rabo-econoom Leontine Treur stelt in de Telegraaf dat ook jongeren getroffen worden door nieuw kabinetsbeleid. “Ik heb de maatregelen op een rij gezet en gekeken naar jong en oud en naar laag en hoog inkomen. Mijn conclusie is dat iedereen wordt geraakt. Dat er zou worden bezuinigd was ook wel te verwachten als je de verkiezingsprogramma’s van D66, VVD en CDA zag.”

Stapeling maatregelen

Al met al voelt het voor seniorenorganisatie ANBO-PCOB niet goed. “Het gaat ons om de stapeling van maatregelen”, zegt directeur Sipkens. “Het frame is: de vergrijzing zou te veel kosten. Zo praat je toch niet over de samenleving? Inmiddels zien veel ouderen zichzelf ook als kostenpost. Maar ik wil juist dat we de waarde van onze ouderen weer gaan zien.”

Snoeien in onnodige uitgaven

De Telegraaf schrijft dat het begrijpelijk is dat seniorenorganisaties aan de bel trekken, omdat ze zich zorgen maken over de positie van kwetsbare ouderen. Om de extra miljarden voor defensie te kunnen betalen, snoeit het nieuwe kabinet fors in uitkeringen en zorg. Het is voor de krant verdedigbaar dat de coalitie probeert om de stijging van de kosten af te remmen. “Als er dan ook maar alles aan gedaan wordt om te snoeien in alle onnodige zorguitgaven en bureaucratie in de zorg. Alleen dan kan er draagvlak komen voor dergelijke versoberingen.

7 maanden gratis lidmaatschap bij ANBO via AOW.nu

Wilt u lid worden van de ANBO, via AOW.nu krijgt u 7 maanden gratis lidmaatschap.

VVD en D66 trekken hun voorstel in: de acceptatieplicht voor contant geldt blijft (bron: trouw.nl)

“VVD en D66 trekken een door de Kamer bekritiseerd voorstel in dat de acceptatieplicht van contant geld weer terug zou draaien. D66 en VVD zien er toch vanaf om de wettelijke acceptatieplicht voor contant geld weer terug te draaien. Ze trekken het amendement in, waarover 27 januari 2026 in de Kamer zou worden gestemd – wegens gebrek aan steun.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

De overheid kan ondernemingen niet wettelijk verplichten om altijd contante betalingen van consumenten te accepteren, zo was de visie van de VVD en D66. Contante betalingen zouden volgens hen leiden tot extra administratieve last voor het bedrijfsleven. De overheid is overigens (nog) uitgesloten van deze plicht, voor bijvoorbeeld de betaling van een paspoort of rijbewijs.

Een half jaar geleden had de Eerste Kamer de wettelijke acceptatieplicht voor contant geld aangenomen. Het kabinet is nog bezig een uitzonderingslijst voor specifieke sectoren of bedrijven samen te stellen. Ergernis en verbazing was er in de Kamer over dit plotselinge door VVD en D66 ingediende voorstel.

Minister Eelco Heinen van Financiën reageerde dan ook niet enthousiast op het voorstel, te meer omdat er in de EU ook wordt gewerkt aan een Europese wet hierover. “Die acceptatieplicht komt er sowieso”, stelde Heinen in het Kamerdebat. Dat was daarmee ook een reden om het amendement in te trekken. “Laat ons nou een goede lijst met uitzonderingen uitwerken, die we dan ook in Europa kunnen inbrengen”, zei hij.

Eén tot twee miljoen mensen pinnen niet

De meerderheid van de consumenten pint, maar is tegelijkertijd van mening dat het altijd mogelijk moet zijn om met contant geld te betalen, zo meent 90 procent van de Nederlanders. Banken en winkels willen het liefst van contante betalingen af.

Er zijn bovendien naar schatting één tot twee miljoen mensen, veelal ouderen of mensen met een kleine beurs, die niet pinnen en uitsluitend met contant geld betalen.

Met de wet wil de overheid voorkomen dat contante betalingen straks helemaal niet meer mogelijk zijn. De Nederlandsche Bank bemoeit zich ook actief met de discussie. Die beschouwt het als ‘risicovol’ voor het functioneren van de samenleving als er geen alternatief betalingssysteem meer is voor pinnen. Zeker nu de kans op een verstoring van het betalingsverkeer reëel wordt geacht, vanwege alle geopolitieke spanningen.

Energie

De nieuwe Energiewet: zo weet u of u in 2026 boetevrij kunt overstappen naar een andere energieleverancier (bron: maxvandaag.nl).

“Meer dan de helft van de Nederlandse huishoudens had op 1 december 2025 een vast energiecontract, blijkt uit cijfers van de Autoriteit Consument & Markt (ACM). Vaak afgesloten na de energiecrisis uit angst voor nieuwe prijsstijgingen. Normaal kunt u tijdens zo’n contract niet boetevrij overstappen, maar door de nieuwe Energiewet (die sinds 2026 geldt) kan dat dit jaar in veel gevallen wel. Hoe zit dat precies? En is het ook verstandig?” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

De nieuwe Energiewet is per 1 januari 2026 in werking getreden. Doel is Nederland te helpen bij de energietransitie van fossiele brandstoffen naar duurzame energie. Het gaat om een uitgebreid pakket aan regels dat o.a. consumenten beter moet beschermen. Energieleveranciers moeten helder zijn in hun communicatie over bijv. terugleverkosten voor zonnepanelen, over problemen of risico’s aangaande hun dienstverlening en prudent zijn bij het delen van klantdata.

Door de nieuwe wet passen veel energieleveranciers per 2026 hun voorwaarden aan. Voorwaarden aanpassen tijdens de looptijd betekent volgens de Vereniging Eigen Huis dat klanten zonder een opzegvergoeding mogen overstappen. Hier is een ‘maar’ op zijn plaats. De klant moet wel eerst door de leverancier zijn geïnformeerd dat de voorwaarden zijn aangepast. Daarbij geeft de leverancier vaak een deadline aan. Indien de klant buiten die termijn reageert, kan er alsnog een opzegvergoeding in rekening worden gebracht.

Ongeveer 90 procent van de klanten van energieleveranciers die zijn aangesloten bij de branchevereniging Energie Nederland, hebben in ieder geval in 2026 recht op een boetevrije beëindiging van het contract, zo bevestigt de branchevereniging aan rtlnieuws. Het is, zo wordt aangegeven, ‘aan de individuele leveranciers hoe zij hierover communiceren’.

Voor consumenten die na 1 juni 2023 een vast contract hebben afgesloten, geldt een opzegvergoeding wanneer het energiecontract voor het einde van de looptijd wordt opgezegd. Dit is uitsluitend relevant voor een vast contract. Een variabel of dynamisch contract kan altijd (maandelijks) zonder opzegvergoeding opgezegd worden.

Het is niet altijd lonend om over te stappen. Dit is afhankelijk van de stroomprijs per kilowattuur bij het afsluiten van het vaste contract. Nu is de prijs rond 22 cent per kilowattuur. Het is dus afhankelijk van de overeengekomen prijs bij aanvang van het vaste contract.

Blijft de vraag in hoeverre overstappen écht loont. Judith Scholte, belangenbehartiger bij Vereniging Eigen Huis (VEH) zegt daarover: “Meestal ontvang je een korting als je een vast energiecontract afsluit.” Deze korting wordt echter pas aan het einde van het contract verrekend. Bij eerder overstappen, is er dus géén korting. Voor de consument betekent dat goed te berekenen of overstappen zin heeft en te bezien of er ook voordeel te behalen is zonder een eventuele korting.

Wilt u weten of overstappen lonend is en heeft u nog niets gehoord van uw energieleverancier, neem dan contact op en informeer naar de contractregels. Uw energieleverancier weet of u onder de nieuwe Energiewet boetevrij kunt opzeggen en aan welke voorwaarden voldaan moet worden. Geef aan dat u de wijziging graag schriftelijk heeft en niet uitsluitend wenst te besluiten aan de hand van telefonische informatie.

Noodfonds Energie positief over voornemen kabinet huishoudens te ondersteunen met energierekening (bron: noodfondsenergie.nl)

“In het gepresenteerde coalitieakkoord staat dat de nieuwe coalitie het Noodfonds Energie wil voortzetten. Dat is een belangrijk en positief signaal voor de honderdduizenden huishoudens die moeite hebben hun energierekening te betalen. Dit moet een publiek Noodfonds worden dat zo snel mogelijk, en in ieder geval in de winter van 2027 open kan.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Grote maatschappelijke kosten energiearmoede

Het is overduidelijk dat huishoudens behoefte hebben aan steun bij het betalen van hun energierekening. De maatschappelijke kosten die gepaard gaan met energiearmoede, zijn groot. TNO berekende onlangs dat bijna 300.000 kinderen in Nederland opgroeien in energiearmoede. Zij hebben een verhoogd risico op gezondheidsklachten, leerachterstanden en langdurige sociaaleconomische kwetsbaarheid.

Snelle transitie naar een publieke uitvoerder

Het Tijdelijk Noodfonds Energie wenst daarom snel overleg met de coalitie en het kabinet over een spoedige mogelijke overdracht naar het publieke Noodfonds. Deze winter is kouder dan de afgelopen jaren. Dat leidt tot een verhoogde energievraag. Veel gezinnen moeten noodgedwongen de keuze maken tussen stoken of koken.

Steun bij energierekening

In het najaar sprak de Kamer zich al uit voor steun aan deze huishoudens. Gemeenten zetten zich – met steun van het Rijk – via verduurzaming in om de energierekening te helpen verlagen. Zij bieden echter geen gerichte en directe steun bij het betalen van de energierekening. Het is duidelijk dat huishoudens in energiearmoede ook deze koude winter daar behoefte aan hebben, desnoods met terugwerkende kracht.

Huishoudens betalen vanaf 2028 meer voor elektriciteit op piekmomenten (bron: nos.nl)

“Huishoudens gaan vanaf 2028 op piekmomenten meer betalen voor het gebruik van het stroomnet. Dat heeft de Autoriteit Consument & Markt bekend gemaakt in het rapport Focus Op Energie, dat jaarlijks verschijnt. Later dit jaar gaat de ACM vaststellen hoe de kosten voor het gebruik van het energienetwerk worden berekend.” Dit is de lead van bovengenoemd artikel.

Volgens de ACM is de maatregel nodig omdat het stroomnet vanaf de namiddag tot rond 21.00 uur overvol is. Onlangs werd bekend dat het stroomnet dermate vol is dat er na de zomer mogelijk geen nieuwe contracten voor stroomaansluitingen worden afgegeven voor huizen in Midden-Nederland. De netbeheerders zeggen dat dat te maken heeft met lange procedures voor het hoogspanningsstation in Breukelen en de aanleg van een nieuw hoogspanningsstation in Utrecht-Noord.

De overheid probeert mensen er al toe te bewegen om op drukke momenten minder stroom te gebruiken. Zo worden burgers erop gewezen dat ze hun elektrische auto beter kunnen opladen buiten de spits en dat ze “energieslurpers”, zoals een oude vriezer, beter kunnen vervangen voor een energiezuiniger model. Maar die adviezen hebben onvoldoende effect, concluderen netbeheerders.

Door de kosten op dit soort momenten te verhogen, zouden mensen een duwtje in de rug krijgen om vooral op rustigere momenten stroom te gebruiken. Dat betekent dat ze bijvoorbeeld minder geld betalen als de wasmachine buiten de piekuren draait, of als ze hun elektrische auto niet meteen opladen na thuiskomst van het werk.

Vervoer

Dure keuringen voor rijbewijs 75+-bestuurders vanaf 2026 aangepast: ‘Probleemgevallen worden er nu niet echt uitgehaald’ (bron: eenvandaag.nl)

“75 jaar of ouder en achter het stuur? Dat kan prima, maar de rijvaardigheid moet wel op peil zijn. En juist bij medische keuringen, die dat bepalen, gaat het te vaak mis: “De kwaliteit van het keuren is echt onvoldoende. Daar zijn veel klachten over.” Dat is de lead van bovengenoemd artikel.

Nederland heeft 1,1 miljoen 75-plussers die auto rijden. Elke 5, soms na 1 of 3 jaar, moeten deze 75-plussers een medische keuring ondergaan. De kwaliteit van deze keuringen is vaak onzorgvuldig en gehaast, zo luidt de kritiek.

Coen Itz van de Vereniging van Keuringsartsen vindt dat sommige collega’s te laks zijn met het keuren van oudere bestuurders, en de toetsing vooral als verdienmodel zien. “Je moet er echt even de tijd voor nemen, zoals grondig de vragenlijst doornemen. En bijvoorbeeld de bloeddruk meten, of het zicht van de bestuurder controleren.”

Dat zijn essentiële zaken, benadrukt Itz. “Heel belangrijk is ook om te vragen naar iemands medicijngebruik. Dat gebeurt lang niet altijd, terwijl geneesmiddelen veel invloed kunnen hebben op je rijvaardigheid.”

In 2024 werden 233.000 75-plussers gekeurd. Daarvan zijn 1.244 mensen volledig ongeschikt verklaard, ongeveer 0,5 procent. De effectiviteit van het huidige systeem is dus twijfelachtig, dat erkent ook het Centraal Bureau voor de uitgifte van Rijvaardigheidsbewijzen (CBR). Dat komt mede omdat het aantal keuringsartsen afneemt en het aantal keuringen toeneemt.

Vanaf 2026 worden de richtlijnen daarom aangescherpt: keuringen moeten duidelijker, consistenter en strenger worden uitgevoerd. Keuringen van oudere chauffeurs zijn daarom nodig, vindt ook ouderenbond ANBO-PCOB: “Het verkeer moet veilig zijn, dat staat voorop”, benadrukt een woordvoerder. “Maar met de keuring zoals die nu gaat, wordt er maar een heel klein percentage risicobestuurders uitgehaald, terwijl er wel heel veel mensen heen moeten. Dat schiet niet op, op die manier waarborg je ook geen veiligheid.” De ouderenbond plaatst kanttekeningen bij de focus op senioren die brokken maken: “Er gebeuren elke dag erge ongelukken, ook bij veel jongere bestuurders. Een goede test vinden we wel belangrijk. Niet iets waar je na 5 minuten weer buiten staat. Het is eigenlijk een belediging om mensen daarvoor te laten komen. Zoals het nu gaat worden de probleemgevallen er niet echt uitgehaald.” De ouderenbond meent: “De beoordeling van de rijgeschiktheid moet niet afhangen van de leeftijd van de bestuurder, maar van medische aandoeningen die de rijvaardigheid kunnen beïnvloeden.”

Vanaf 2026 zijn de regels aangescherpt. Er wordt onder meer standaard meer tijd per keuring uitgetrokken, en bestuurders moeten een recent medicatie-overzicht voorleggen.

€ 17,00 korting bij een rijbewijskeuring via AOW.nu Plus!

Wist u dat u via AOW.nu Plus € 17,00 korting krijgt bij een rijbewijskeuring? Word vandaag nog lid van AOW.nu plus en profiteer van tot wel € 400,00 voordeel.

ANWB-AutoMaatje(bron: anwb.nl)

Een attente lezer attendeerde ons op het bestaan van AutoMaatje, een vervoerservice en een samenwerking tussen ANWB en een groot aantal gemeenten in Nederland. Bij AutoMaatje zijn vrijwillige chauffeurs met een eigen auto aangesloten. Ze brengen minder mobiele plaatsgenoten die vervoer nodig hebben naar de plek van bestemming en weer terug.

ANWB-AutoMaatje is er voor zowel ANWB-leden als niet-ANWB-leden. Het gaat om minder mobiele mensen die geen gebruik van de bestaande regelingen kunnen maken. Minder mobiele mensen die geen beroep kunnen doen op vervoer met indicatie, voor wie zelf vervoer regelen lastig is en er geen enkel alternatief is, kunnen van AutoMaatje gebruik maken. Daartoe is er een ANWB AutoMaatje-servicepunt in de gemeente waar de betrokken persoon is ingeschreven. Daar is informatie te verkrijgen, kan hulp gevraagd en een rit aangevraagd worden. Het servicepunt koppelt dan de aangevraagde rit aan een geschikte chauffeur.

Kijk op de website van de ANWB of AutoMaatje ook in uw gemeente actief is. Hier treft u ook het telefoonnummer en/of het e-mailadres aan.

De aanmelding is gratis. Een rit wordt aan de chauffeur betaald. De kosten zijn € 0,35 per km. plus eventuele parkeerkosten. De gemaakte kilometers worden berekend vanaf én tot het huisadres van de chauffeur. Bij het inplannen van de rit, ontvangt de aanvrager een inschatting van de te betalen vergoeding. Betaling geschiedt contant of via een Tikkie. Betalen met een pinpas is bij sommige locaties mogelijk.

Een rit aanvragen, gaat als volgt:

  • neem minimaal twee of drie werkdagen tevoren (afhankelijk per servicepunt) contact op met de lokale ANWB-AutoMaatje;
  • het servicepunt zoekt een chauffeur;
  • de aanvrager wordt teruggebeld als er een chauffeur beschikbaar is en hoort meteen een inschatting van de kosten;
  • de vrijwilliger chauffeur haalt de aanvrager op het afgesproken moment op;
  • bij korte afspraken blijft de chauffeur vaak wachten;
  • bij wat langer durende afspraken wordt een aparte terugrit ingepland;
  • de aanvrager betaalt de onkostenvergoeding direct na de rit rechtstreeks aan de chauffeur.

Wonen

Gevolgen Wet Betaalbare Huur: geringer aanbod van woningen, meer druk op huurders (bron: telegraaf.nl)

De Wet Betaalbare Huur moest de middenhuur beschermen en wonen in de stad bereikbaar houden. In de praktijk werkt het anders uit. Dat concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in een nieuwe studie over de woningmarkt. Zonder aanpassingen aan de wet wordt bouwen in steden steeds minder aantrekkelijk. Het gevolg: minder huurwoningen en meer concurrentie voor mensen die geen huis kunnen kopen, zo meldt De Telegraaf.

In de nieuwe wet wordt de middenhuur gemaximeerd en heeft als doel de huren betaalbaar houden voor middeninkomens. Een puntenstelsel bepaalt de huurprijs. Het resulteert erin dat inmiddels al veel verhuurders hun woningen verkopen omdat het rendement lager is. Dat betekent dat er minder woningen in de huursector worden aangeboden. De kans om een woning te kunnen huren in grote steden, noemt het CPB “vrijwel nihil”.

Daarnaast worden er te weinig nieuwe woningen gebouwd. De regelgeving is dusdanig dat ontwikkelaars uitwijken naar andere locaties of plannen uitstellen. Het CPB is derhalve de mening toegedaan dat uitsluitend nog met subsidie in de stad betaalbaar gebouwd kan worden. Indien die subsidie er niet komt, zal er nauwelijks gebouwd worden.

Opties van het CPB om dit probleem op te lossen

  • Versoepel de regels door de huurwet af te schaffen of minder strikt te hanteren aan de voorwaarde dat 2/3 van de nieuwbouw betaalbaar moet zijn;
  • In sommige steden mogen nauwelijks kleinere woningen gebouwd worden, zo schrijven de regels van deze gemeenten voor. Kleinere woningen zijn belangrijk voor alleenstaanden en starters die het van de huurmarkt moeten hebben.
  • In het onlangs gepresenteerde coalitieakkoord wordt het plan aangegeven de huurwet te ‘optimaliseren’. Bovendien zou per regio gekeken moeten worden naar de betaalbaarheidseisen. Het CPB volgt deze afspraken nadrukkelijk.
  • Beperk de subsidie op huur- en koopwoning. Diegenen die een goede woning hebben, gaan er uitsluitend op vooruit vanwege gunstig overheidsbeleid. Dit gaat ten koste van mensen die geen plek weten te bemachtigen op de woningmarkt.
  • Voor woningbezitters moet de hypotheekrenteaftrek afgebouwd worden, Woningbezitters bevinden zich toch al in een goede situatie. Het overheidsbeleid versterkt de positie van deze mensen. Dat beleid moet stoppen, adviseert het CPB: “Koopsubsidies drijven woningprijzen op en leiden niet per sé tot meer eigenwoningbezit.” Het planbureau doelt daarbij op de hypotheekrenteaftrek voor woningbezitters. De rente die kopers betalen over hun hypotheekschuld mogen zij deels aftrekken van het inkomen waarover belasting moet worden betaald. Economen wijzen al langer op de oneerlijke effecten van de hypotheekrenteaftrek. In de afgelopen verkiezingscampagne beloofden meerdere partijen het fiscale voordeel voor woningbezitters sneller af te bouwen, waaronder CDA en D66. Coalitiepartij VVD is tegen afbouw. In het coalitieakkoord is het plan niet terug te vinden.
  • Huurders die voldoende verdienen, moeten gestimuleerd worden een relatief goedkope huurwoning te verlaten. Die mensen zouden meer huur moeten gaan betalen voor hun sociale huurwoning, stelt het CPB voor. Dan verruilen mensen hun sociale huurwoning eerder voor duurdere vrije sector-huurwoning. Het CPB noemt zo’n lage huur voor hogere inkomens een “impliciete subsidie” omdat deze huurders minder betalen dan de markthuur. Daarmee kan het beperkte aantal woningen beter verdeeld worden. Zo’n inkomensafhankelijke huurverhoging mogen woningcorporaties al doorvoeren, maar in de helft van de gevallen doen zij dat niet. Volgens het CPB zouden verhuurders vaker het inkomen van huurders kunnen toetsen.

Zorg

Ouderen gaan meer betalen voor hun zorg (bron: maxmagazine.nl)

De ouderenzorg in Nederland kost in totaal 38 miljard euro. In hun laatste levensjaar maken mensen vaak veel zorgkosten, te weten gemiddeld zo’n 10 procent van wat ze in hun hele leven nodig hadden.

Het nieuwe regeerprogramma vermeldt dat op de ouderenzorg bezuinigd moet worden. Dat heeft als consequentie dat ouderen er meer voor moeten gaan betalen.

De wijkverpleging met als taak dat mensen langer thuis kunnen blijven wonen, wordt betaald door de zorgverzekering. De kosten daarvan, in totaal meer dan 3,5 miljard euro, worden betaald door de zorgverzekering. Hiervoor geldt geen eigen risico en ook geen eigen bijdrage. Daar komt verandering in. Wellicht gaan de wijkzorgontvangers een eigen bijdrage betalen. Ook zouden de kosten van de wijkverpleging onder het (verhoogde) eigen risico van de zorgvervallen vallen. In 2026 is dat echter nog niet relevant.

Zware thuiszorg en een verblijf in een verpleeghuis worden door de overheid via de Wet op de langdurige zorg betaald. Hier geldt wel al een eigen bijdrage. Bij een langer verblijf kan deze oplopen tot € 3.000,00 per maand. Dit is afhankelijk van het inkomen en het spaargeld. De meeste mensen betalen minder dan € 1.000,00 per maand. Maar, daarvoor ontvangen de betrokkenen naast zorg, ook kost en inwoning. Als er nog een thuiswonende partner is, is de eigen bijdrage lager.

Verblijvend in een verpleegtehuis kunnen de kosten per patiënt oplopen tot € 100.000,00 per jaar. Gemiddeld verblijft een patiënt 2,5 jaar in een verpleegtehuis. Het is niet verwonderlijk als de eigen bijdrage voor deze zorg ook kritisch bekeken zal worden.

Ook de gemeente speelt een rol in de ouderenzorg. Deze werkt eraan ouderen zo lang mogelijk thuis te kunnen laten blijven wonen, o.a. door aanpassingen in het huis en hulp in de huishouding. Gemeenten hebben een coördinerende rol tussen huisartsen, welzijnsorganisaties, woningcorporaties en vrijwilligers. Hiervoor wordt vaak een eigen bijdrage van € 21,80 per maand gevraagd.

De gratis huishoudelijke hulp zal door het kabinet zorgvuldig afgewogen worden. Daarbij is de vraag of deze wel noodzakelijk is voor mensen die de hulp een groot deel van hun leven zelf betaalden en die in een later stadium van hun leven ineens vergoed krijgen. Daarover zijn nu al discussies gaande.

Meer over de toekomst van seniorenwonen

Lees meer over: