65-plussers in Nederland
Feiten, cijfers en ontwikkelingen op een rij
Nederland vergrijst in hoog tempo. De groep mensen van 65 jaar en ouder groeit niet alleen in aantal, maar verandert ook qua samenstelling. Steeds meer mensen bereiken een hoge leeftijd, wonen langer zelfstandig en blijven langer actief. Hieronder vindt u een overzicht van de belangrijkste cijfers en ontwikkelingen rondom 65-plussers in Nederland.
Snel naar:
- Omvang van de groep 65-plussers
- Leeftijdsopbouw binnen de groep ouderen
- Mannen en vrouwen
- Vermogen van 65-plussers
- Waar wonen 65-plussers?
- Wonen en huishoudens
- Inkomen en financiële situatie
- Werken ná de AOW-leeftijd
- Politieke en maatschappelijke invloed
- Vooruitblik, wat brengt de toekomst?
Hoe groot is de groep 65-plussers?
| Jaar | Aantal 65-plussers | Aandeel van bevolking |
|---|---|---|
| 1990 | ± 2,1 miljoen | ± 13% |
| 2010 | ± 2,6 miljoen | ± 16% |
| 2025 | ± 3,7 miljoen | ± 21% |
| 2040 (verwacht) | ± 4,7 miljoen | ± 25% |
Dit betekent
- Inmiddels is meer dan 1 op de 5 Nederlanders 65+.
- Rond het jaar 2040 is dat 1 op de 4.
- De groei vlakt daarna af, maar het niveau blijft hoog.
Leeftijdsopbouw binnen de groep ouderen
De groep 65-plussers is allesbehalve homogeen.
| Leeftijd | Totaal | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|---|
| Totaal | 18 044 027 | 8 978 451 | 9 065 576 |
| 65 tot 80 jaar | 2 823 384 | 1 372 643 | 1 450 741 |
| 80 tot 100 jaar | 929 712 | 385 681 | 544 031 |
| 100 jaar of ouder | 2 583 | 477 | 2 106 |
Deze ontwikkeling wordt ook wel dubbele vergrijzing genoemd: er komen niet alleen meer ouderen, maar ook meer zeer oude ouderen.
Mannen en vrouwen
| Kenmerk | Mannen | Vrouwen |
|---|---|---|
| Aandeel bij 65–74 | Ongeveer gelijk | Ongeveer gelijk |
| Aandeel bij 80+ | Minderheid | Meerderheid |
| Aandeel bij 90+ | Klein | Zeer groot |
Belangrijk gevolg
- Vooral oudere vrouwen wonen vaker alleen
- Eenzaamheid groeit bij deze doelgroep
Vermogen van 65-plussers in Nederland
Er is in Nederland veel onderzoek gedaan naar het vermogen van huishoudens, waaronder dat van mensen van 65 jaar en ouder. Uit die cijfers ontstaat een duidelijk beeld: 65-plussers beschikken gemiddeld over meer vermogen dan jongere leeftijdsgroepen, maar bínnen de groep zijn de verschillen groot.
Gemiddeld en doorsnee vermogen
Huishoudens waarin de hoofdkostwinner 65 jaar of ouder is, hebben gemiddeld een vermogen in orde van grootte van € 350.000. Dat gemiddelde ligt relatief hoog, vooral omdat een deel van de ouderen over veel vermogen beschikt.
Een realistischer beeld geeft het doorsnee (mediane) vermogen. Dat ligt rond de € 180.000 à € 190.000. Dat betekent dat de helft van de 65-plus huishoudens meer vermogen heeft en de andere helft minder.
Het verschil tussen gemiddeld en doorsnee vermogen laat zien dat het vermogen bij ouderen ongelijk verdeeld is.
Waaruit bestaat het vermogen van 65-plussers?
Het vermogen van ouderen bestaat vooral uit:
- De eigen woning
Voor veel 65-plussers is dit het grootste vermogensbestanddeel. Veel woningen zijn geheel of grotendeels afgelost. - Spaargeld en banktegoeden
Vaak opgebouwd over een lange periode, bedoeld als buffer. - Beleggingen
Aandelen, beleggingsfondsen of andere financiële producten, vooral bij hogere inkomens. - Ondernemingsvermogen
Bij een kleinere groep, bijvoorbeeld voormalige zelfstandigen.
Tegenover deze bezittingen staan relatief weinig schulden. Hypotheken zijn vaak (bijna) afgelost en andere schulden komen minder voor dan bij jongere huishoudens.
Grote verschillen binnen de groep 65-plussers
Hoewel ouderen gemiddeld vermogend lijken, geldt dat zeker niet voor iedereen.
- Een aanzienlijk deel van de 65-plussers heeft weinig spaargeld en nauwelijks een financiële buffer.
- De rijkste groep ouderen beschikt over zeer hoge vermogens, vaak door woningbezit en beleggingen.
- De armste groep heeft soms minder dan enkele duizenden euro’s vrij beschikbaar vermogen.
Deze verschillen verklaren waarom ouderen soms als “rijk” worden gezien, terwijl veel anderen juist financieel kwetsbaar zijn.
Vermogen is niet hetzelfde als inkomen
Belangrijk om te benadrukken:
vermogen is iets anders dan inkomen.
- Veel 65-plussers hebben een relatief bescheiden maandinkomen uit AOW en pensioen.
- Tegelijkertijd kan hun totale vermogen hoog zijn door de waarde van de woning.
- Dat vermogen is vaak niet direct beschikbaar om uit te geven.
Dit verklaart waarom sommige ouderen financieel krap zitten in het dagelijks leven, ondanks een hoog totaalvermogen op papier.
Rol van AOW en pensioen
AOW en pensioen worden meestal niet meegerekend als direct vermogen, maar ze zijn wel bepalend voor de financiële zekerheid van ouderen. Samen vormen ze voor veel mensen de belangrijkste inkomensbron na pensionering.
Voor de meeste ouderen geldt:
- AOW zorgt voor een basisinkomen
- aanvullend pensioen vult dit aan
- vermogen fungeert als buffer voor onverwachte uitgaven
Bekijk hier de AOW-bedragen van 2026
Wat betekent dit voor 65-plussers?
Samengevat:
- 65-plussers hebben gemiddeld meer vermogen dan jongere generaties;
- het grootste deel zit vast in de eigen woning;
- de verschillen tussen ouderen onderling zijn zeer groot;
- een aanzienlijk deel heeft weinig vrij besteedbaar vermogen.
Voor informatie en aansluitend meningsvorming over AOW, wonen en inkomen is het daarom belangrijk om niet alleen naar gemiddelden te kijken, maar ook naar de persoonlijke situatie.
Waar wonen 65-plussers?

Regionale verschillen
Het aandeel ouderen verschilt sterk per gemeente:
| Type gemeente | Aandeel 65+ |
|---|---|
| Jonge groeigemeenten | 10–15% |
| Gemiddeld Nederland | ± 21% |
| Vergrijsde gemeenten | 25–30% of meer |
Algemene patronen
65-plussers wonen relatief vaak:
- in kleinere gemeenten;
- in landelijke gebieden;
- in kustplaatsen;
- in gemeenten met weinig nieuwbouw.
Ook grote steden vergrijzen inmiddels, doordat mensen langer in hun huidige
Wonen en huishoudens
Zelfstandig wonen
- Veruit de meeste 65-plussers wonen zelfstandig
- Slechts een klein deel woont in een verpleeghuis of zorginstelling
Alleenwonenden
| Kenmerk | Situatie |
|---|---|
| Grootste groep alleenwonenden | Vrouwen 70+ |
| Trend | Aantal alleenwonende ouderen stijgt |
| Reden | Langere levensduur, overlijden partner |
Huishoudens
| Jaar | Huishoudens met 65+ |
|---|---|
| Nu | ± 2,5 miljoen |
| 2035 | ± 3,0 miljoen |
| 2070 | ± 3,6 miljoen |
Inkomen en financiële situatie
Belangrijkste inkomensbronnen
Het inkomen van 65-Plus huishoudens bestaat voornamelijk uit:
Gemiddeld komt ongeveer 70% van het bruto-inkomen uit uitkeringen en pensioenen.
Financiële positie
- Inkomen daalt vaak na pensionering.
- Bijna de helft van de ouderen heeft een afgeloste koopwoning.
- Daardoor is de financiële positie bij deze groep vaak stabieler dan alleen het inkomen doet vermoeden.
Werken na de AOW-leeftijd
Steeds meer mensen werken door na hun 65e.
| Ontwikkeling | Trend |
|---|---|
| Aantal werkende 65-plussers | Sterk gestegen |
| Redenen | Plezier, zingeving, extra inkomen |
| Soorten werk | Deeltijd, tijdelijk, zelfstandig |
Door de verhoging van de AOW-leeftijd en een betere gezondheid blijft deze trend voorlopig zichtbaar.
Meer over bijverdienen naast de AOW vindt u hier.
Politieke en maatschappelijke invloed
| Aspect | Situatie |
|---|---|
| Aandeel 65+ onder kiezers | ± 28% |
| Ontwikkeling | Stijgend |
| Gevolg | Grote invloed op verkiezingen en beleid |
Ouderen vormen daarmee een zeer invloedrijke groep in Nederland.
Vooruitblik: wat brengt de toekomst?
Tot ongeveer 2040:
- blijft het aantal ouderen groeien;
- neemt het aandeel 80-plussers sterk toe;
- stijgt de druk op wonen, zorg en pensioenen.
Daarna:
- stabiliseert het aandeel 65-plussers;
- blijft Nederland structureel een vergrijsd land.
Samengevat in één oogopslag
| Onderwerp | Kerncijfer |
|---|---|
| Aantal 65-plussers | ± 3,7 miljoen |
| Aandeel bevolking | ± 21% |
| Alleenwonenden | Vooral vrouwen 70+ |
| Grootste groei | 80- en 90-plussers |
| Inkomensbron | AOW en pensioen |
| Toekomst | 1 op 4 Nederlanders is 65+ |
Lees meer over:

